Opinie

Opinie: ‘Stel niet direct de schuldvraag na incident in de zorg’

Bij berichtgeving over calamiteiten wordt al gauw de focus gelegd op nalatigheid, zeker in de zorg. Maar de schuldvraag is niet de belangrijkste, vindt Matthijs Heijstek.

De ravage na de overstromingen in Duitsland, hier in de regio Ahrweiler. Beeld EPA
De ravage na de overstromingen in Duitsland, hier in de regio Ahrweiler.Beeld EPA

De Volkskrant berichtte op 16 juli over de overstromingen in Duitsland. Onder de 81 doden die er te betreuren zijn door de overstroming, bevonden zich 9 mensen met een ernstige beperking in een zorginstelling. De Volkskrant tekent op uit de mond van de Duitsland-correspondent: “Dan vraag je je af: wat is daar gebeurd? Waar was het personeel dan?”

Het antwoord op deze twee vragen vond ik wel in Het Parool van dezelfde datum. De bewoners bevonden zich in hun slaapkamers op de begane grond. De vloedgolf kwam in de nacht en kwam zo snel en onverwachts dat de medewerker van de nachtdienst er zelf ook door werd overvallen. Volgens de Duitse media is ‘het personeel geschokt, verbijsterd en oneindig verdrietig’.

Nalatig

We moeten bij verschrikkelijke gebeurtenissen niet altijd gelijk de schuldvraag stellen. Het lijkt dat dit met name bij calamiteiten in de zorg snel het geval is. De media voeren daar niet zelden de boventoon in. Bij brand, diefstal of overlijden wordt al snel de vraag gesteld: wie is hier nalatig geweest? Het is veelzeggend dat bij dergelijke gebeurtenissen de persvoorlichter een van de eersten is die er door de organisaties zelf bij wordt gehaald. Ik denk dat het ons beter zou staan als we de vraag leren stellen: hoe gaat het met de betrokkenen?

Het past misschien ook wel een beetje bij onze manier van doen. We houden niet van onzekerheid en chaos en klampen ons daarom bij grote gebeurtenissen graag vast aan de simplificatie dat het iemands schuld moet zijn.

Als de schuldvraag centraal komt te staan, is er te weinig ruimte voor het verdriet van de betrokkenen. Ik heb in al die jaren dat ik in de zorg voor mensen met een beperking werk, helaas een aantal maal iets ernstigs meegemaakt. Ik herinner me dat we een jonge vrouw hadden aangetroffen die was overleden in haar bed. Een collega zocht mij op toen ik verslagen achter mijn bureau zat en zei: “We kunnen veel dingen beïnvloeden, maar dood en leven, daar gaan we niet over.” Die woorden troostten me. Want ze raakten precies aan het gevoel dat ik op dat moment had. Hetzelfde gevoel dat alle zorgmedewerkers hebben na een calamiteit. Het gevoel dat je verantwoordelijk bent voor wat er is gebeurd.

Vertrouwen

Het is natuurlijk belangrijk om bij calamiteiten goed onderzoek te doen. We kunnen daarvan leren en maatregelen treffen die de kans op herhaling kleiner maken. En ja, er zijn helaas ook genoeg voorbeelden van misstanden in de zorg. Dus in het onderzoek moet zeker ook het handelen van het zorgpersoneel worden meegenomen.

Mensen die in de zorg werken moeten we echter wel vertrouwen. Een vraag zoals ‘waar was het personeel dan?’ heeft iets van wantrouwen in zich. Zorgmedewerkers zijn in de zorg gaan werken vanuit een passie die ze hebben voor bijvoorbeeld mensen met een beperking.

We moeten daarom niet altijd gelijk de schuldvraag stellen bij ernstige gebeurtenissen in de zorg, maar leren vragen naar de gevoelens van de betrokkenen. Het moet verschrikkelijk zijn geweest voor de familie van de negen mensen die afgelopen week verdronken zijn in de zorginstelling. In gedachten ben ik bij hen en bij mijn zorgcollega’s die zich heel begrijpelijk ‘geschokt, verbijsterd en eindeloos verdrietig’ voelen.

Matthijs Heijstek, orthopedagoog-generalist in de gehandicaptenzorg

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden