Opinie

Opinie: ‘Sector draagt zelf ook schuld aan slinkend enthousiasme voor techniek’

Technische studies hebben het imago moeilijk te zijn en daarom niet voor iedereen te zijn weggelegd. Beeld RAMON VAN FLYMEN/ANP
Technische studies hebben het imago moeilijk te zijn en daarom niet voor iedereen te zijn weggelegd.Beeld RAMON VAN FLYMEN/ANP

Dat steeds minder mensen kiezen voor een technische opleiding is onder andere een gevolg van een onterecht image, zegt Gerben Edelijn. Daar zou de industrie zelf wel wat aan kunnen en moeten doen.

Gerben Edelijn

Steeds minder studenten zien hun toekomst in de techniek en kiezen voor een niet-technische studie. Het slinkende enthousiasme voor bètawetenschappen zet onze maatschappij enorm onder druk. En dat is onze eigen schuld.

De vraag naar technisch geschoolde mensen groeit enorm. We hebben deze talenten onder meer nodig voor de energietransitie en voor het ontwikkelen van slimme oplossingen voor het verder automatiseren van werk om de personeelstekorten op te kunnen vangen. Dat is bijvoorbeeld belangrijk voor de zorg. En dan hebben we het nog niet eens over de vergrijzing, waardoor er op redelijk korte termijn nog meer technische functies vrijkomen. Functies waar nu nog geen mensen voor zijn.

Onze kinderen kiezen namelijk steeds minder voor bètavakken en technische studies. Het afgelopen schooljaar kozen nog maar 47.342 leerlingen voor een technisch profiel, volgens onderzoek van Techniekpact, het samenwerkingsverband van overheid, bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en studenten in de techniek. In 2016/2017 waren dat er nog 53.743.

Verkeerd beeld

De oorzaak van deze enorme krimp moeten we vooral bij onszelf zoeken. We geven onze kinderen geen goed beeld van techniek. Onderzoek wijst namelijk uit dat jongere generaties niet altijd weten wat ze precies met die bètavakken kunnen doen. Ze hebben nog niet ontdekt waarom techniek zo leuk en interessant is. Ze weten dan ook niet goed wat ze er na hun opleiding mee kunnen.

Sterker: technische studies hebben het imago moeilijk te zijn en daarom niet voor iedereen te zijn weggelegd. ‘De techniek’ is dus niet open genoeg en heeft het verkeerde imago. Overheid en onderwijs proberen dit tij samen al jaren te keren, met wisselend succes.

Gek genoeg heeft een belangrijke speler in het veld van techniekenthousiasme zich nog niet voldoende laten zien. De industrie zelf! Deze sector kan én moet meer doen om technische studies en technische beroepen een beter podium te geven. Als technische bedrijven zijn we tenslotte onze beste ambassadeurs.

De industrie kan de generaties van de toekomst als geen ander het goede voorbeeld geven. Organiseer als technisch dienstverlener bijvoorbeeld regelmatig rondleidingen voor jongeren, van basisschoolleerlingen tot studenten. Je kunt daarnaast ook meer betrokkenheid creëren door een escaperoom te ontwikkelen rondom bepaalde thema’s, die je op een event kunt inzetten. Of je maakt een interactief techniekspel, waarmee je basisscholen kunt bezoeken.

Spiegel

Daarnaast is het belangrijk dat we als sector kijken naar onze eigen maatschappelijke, industriële en academische culturen. Slechts tien procent van de vrouwen kiest bijvoorbeeld voor een technisch beroep. Ongeveer de helft van de vrouwen met een technische opleiding verlaat de technische sector.

Hier blijft talent liggen. Bieden we vrouwelijke werknemers wel dezelfde kansen (en beloningen) als hun mannelijke collega’s? Luisteren we naar wat ze nodig hebben én verdienen om het plezier in hun werk te vergroten? Die spiegel moeten we ons als industrie meer voorhouden.

Ten slotte zullen we als samenleving ons onderwijs en onze kennisinstituten beter moeten ondersteunen. Leerkrachten hebben recht op genoeg tijd en eerlijke compensatie, zodat ze goed hun werk kunnen doen. Lesstof leuk maken en theorie verbinden aan praktijk zijn onderwijselementen die ruimte voor creativiteit vergen. Die is er niet als je uren tekort komt en de werkdruk hoog is. Als docenten het werk over de schoenen loopt, maken we bètavakken natuurlijk niet aantrekkelijker.

Inspiratie

Ik weet nog hoe oninteressant ik vroeger op school logaritmes vond, haastig uitgelegd via stugge theorie zonder enige link met de echte wereld. Diezelfde logaritmes verklaren hoe we het geluid van een vogel en een drone van elkaar kunnen onderscheiden en hoe coronabesmettingen zich ontwikkelen. Techniek maakt de wereld om ons heen en dat inspireert. Dat besef moet terugkomen in het onderwijs.

Als industrie moeten we meer en efficiënter investeren in de jongste generaties, net zoals we dat al in onze eigen mensen doen. Blijven toekijken is geen optie. Hoewel het almaar afnemende enthousiasme voor techniek onze eigen schuld is, kunnen we die ontwikkeling wel zelf keren.

Gerben Edelijn is algemeen directeur van Thales Nederland BV.
 Beeld -
Gerben Edelijn is algemeen directeur van Thales Nederland BV.Beeld -

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden