null

Opinie

Opinie: ‘Praat met jongeren eerst over iets anders dan dieet’

Beeld Getty Images

Een gezond leven is voor een jongere uit Centrum vanzelfsprekender dan voor een leeftijdgenoot uit Noord of Zuidoost. Eva Lems onderzocht welke voorlichting aansluit op hun leefwereld en vond een veelbelovende richting door met ze te praten.

In Nederland bepalen je inkomen, waar je woont en waar je geboren bent voor een groot deel de kans op een gezond en gelukkig leven. Dat geldt ook voor jongeren in Amsterdam. Gemiddeld heeft 1 op de 5 jongeren overgewicht, alleen zijn de kansen om overgewicht te krijgen niet eerlijk verdeeld. In Zuidoost heeft 27,5 procent van de jongeren overgewicht, in het centrum is dat 13,5 procent. Het is een trend die we meer zien in ‘ontwikkelbuurten’ waar relatief veel mensen wonen met een laag opleidingsniveau, laag inkomen, en een migratieachtergrond.

Een van de redenen dat er vaak over, maar niet met deze jongeren wordt gesproken, is dat zij veelal gezien worden als een moeilijke doelgroep; pubers, door hormonen gedreven, gericht op kortetermijnplezier. Zonder interesse in gezond leven. Laat staan interesse om mee te praten over gezondheidspromotie. In mijn promotieonderzoek, Kansen voor gezondheidspromotie volgens jongeren uit Amsterdam-Noord en -Zuidoost, laat ik zien dat dit onterecht is. Ik werkte samen met 101 jongeren tussen de 12 en 18 jaar van het vmbo.

McDonald’s

Een van de jongeren uit het onderzoek is Natasja (14). Ze woont met haar moeder op een kleine flat in Noord. Waar haar vader is, weet ze niet. Ze zit op een praktijkschool en vertelt vaak trots over haar stage bij de Blokker. Ze moet vijf kilo afvallen van de jeugdverpleegkundige op school, maar ze denkt wel meer te kunnen halen. Dik of dun zijn is volgens Natasja je eigen schuld. Ze wil op Beyoncé lijken: volle billen en borsten, en een slanke taille. Om dit te bereiken wil ze gezonder gaan eten en meer sporten.

Ondanks deze motivatie haalt Natasja met haar vriendinnen bijna dagelijks ongezond eten. Het liefst gaan ze naar de McDonald’s, de kipnuggets zijn er goedkoop: 10 voor 2 euro. En daar is gratis wifi en heeft ze de ruimte en privacy. Thuis is de wifi al weken stuk en haar eigen kamer is te klein om met vriendinnen te chillen.

Natasja wil graag leren over gezond leven en weet al best veel, maar de informatie die ze op school krijgt, vindt ze maar niks. “Te veel tekst en te saai. De ‘schijf van vijf’ of zo. Wat moet je daarmee?” Sinds een jaar heeft Natasja een coach die helpt bij verschillende problemen in haar leven. Deze coach vertelt dat Natasja graag gezonder wil leven, maar dat er vaak alleen wit brood met hagelslag in huis is.  

Red Bull

Een andere jongere die ik sprak, is Ashwin (15) uit Zuidoost. Hij woont bij zijn ouders en drie zussen. Hij ziet er sportief uit, geen spoor van overgewicht. Hij voetbalt graag op straat. Met wat hij eet, houdt hij zich niet bezig; “Als ik nog maar kan rennen, dan boeit het me niet.” Twee keer per dag naar de KFC, de Mac of de toko is geen uitzondering. Dat vult tenminste goed, in tegenstelling tot de tosti’s op school. Er is wel eens voorlichting over gezondheid op school of in het jongerencentrum. “Maar dan komen van die slanke witte vrouwen vertellen wat we moeten doen,” vertelt hij. “En hebben ze komkommer met hummus mee; dat eten we hier niet.”

Hoewel Ashwin in eerste instantie geen interesse toont in gezond leven, vertelt hij later in het gesprek dat hij soms wel vindt dat hij te veel junkfood heeft gehad of Red Bull heeft gedronken. Dan drinkt hij een week alleen maar water en eet hij thuis wat zijn moeder kookt. Dit zou hij echter nooit aan zijn vrienden vertellen. Dat zou schadelijk zijn voor zijn imago.

Positieve aandacht

De verhalen van jongeren als Natasja en Ashwin tonen hoe complex het leven van veel jongeren in ontwikkelbuurten is, en hoe moeilijk het is gezonde keuzes te maken door omstandigheden als geldgebrek en sociale normen. Naar de McDonald’s gaan doen jongeren niet alleen om er lekker te eten. Het is er fijner dan thuis en daar zijn verhoogt je status. Geld uitgeven aan junkfood kan een manier kan zijn om armoede te verbergen.

Ik volgde een onderzoekstechniek waar ik ­samen met de jongeren keek hoe gezondheidsvoorlichting wel voor hen zou kunnen werken. Het viel op dat ondanks de moeilijkheden in hun leven, de jongeren uit dit onderzoek gezond leven als hun eigen verantwoordelijkheid zagen. Ze waren stellig: de meeste gezondheidsvoorlichting sluit niet aan op hun leven.

In groepjes hebben jongeren hierna hun eigen gezondheidspromotie gemaakt voor leeftijd­genoten: een tijdschrift, video’s en vlogs. Samen zijn adviezen bedacht voor leraren, jeugdverpleegkundigen, jongerenwerkers, voorlichters en mensen die bij de gemeente werken. Jongeren willen vooral zelf beslissen waar gezondheidspromotie over gaat en zelf activiteiten kiezen, zodat gezondheidspromotie beter aansluit bij hun interesses en leven.

Naast zelf invloed hebben, willen de jongeren inspirerende rolmodellen. Niet alleen beroemdheden, maar ook iemand uit hun eigen wijk met wie ze zich kunnen identificeren. Dat is helaas makkelijker gezegd dan gedaan, want 84 procent van de mensen die met jongeren werkt is vrouw en slechts 15 procent heeft een migratieachtergrond.

Een andere belangrijke les van de jongeren is dat gezondheidspromotie leuk en actief moet zijn. Geen ‘gezeur’ over gezond eten en saaie folders, maar dingen doen en het gezellig hebben samen. Ik merkte dat het dan helemaal geen bijzondere activiteiten hoeven te zijn. Het ging veel van de jongeren vooral om gezellig ­samen te zijn met elkaar en de onderzoekers. Die positieve aandacht was blijkbaar niet vanzelfsprekend.

Eva Lems, onderzoeker publieke gezondheid, promoveerde aan de VU op Kansen voor gezondheidspromotie volgens jongeren uit Amsterdam Noord en Zuidoost. Beeld
Eva Lems, onderzoeker publieke gezondheid, promoveerde aan de VU op Kansen voor gezondheidspromotie volgens jongeren uit Amsterdam Noord en Zuidoost.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden