Opinie: ‘Pleeg overleg, geen verzet tegen windmolens’

Amsterdammers organiseren verzet als ze mee mogen praten over de energietransitie. Evert Kuiken roept betrokkenen op tot overleg met elkaar, zoals hij ziet gebeuren in zijn gemeente Diemen.

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Amsterdam is net als alle andere gemeenten in Nederland bezig met het bepalen van zoekgebieden: gebieden waarvan alle belanghebbenden denken dat er ruimte kan zijn voor opwekking van duurzame energie uit wind en/of zon.

Een belangrijk aspect bij dat proces, bekend als het maken van een regionale energiestrategie (RES) is dat burgers inspraak krijgen. Een enorme operatie, vergelijkbaar met de brede maatschappelijke discussie over kernenergie eind jaren zeventig. In dat proces worden nu zoekgebieden besproken met omwonenden, natuurorganisaties, vissers, bedrijven uit de regio. Na het opstellen van de strategie zal de gemeente hier ook haar zegje over mogen doen. Democratie in optima forma, misschien zelfs wel een eerste stap naar burgerberaden.

Concrete projecten

Er is nog geen sprake van concrete projecten. Specifieke turbines? Gekozen locaties? Dat volgt pas veel later. Een windmolen zet je niet zomaar ergens neer, dat vraagt jaren voorbereiding en vele onderzoeken en inspraakrondes. Er zijn landelijke en regionale regels voor de plaatsing van windmolens, overeengekomen tussen partijen die ze willen plaatsen en exploiteren en organisaties die de inwoners vertegenwoordigen. Deze zijn opgesteld op basis van de vele ervaringen en wetenschappelijke onderzoeken die gedaan zijn. Er zijn normen voor geluid en voor slagschaduw. En voor het verkrijgen van vergunningen moet onderzocht worden wat het effect zal zijn op de natuur (vogels, vleermuizen, vissen, etc.).

Op IJburg schoot een groep inwoners desondanks direct in een ‘loopgravenoorlog’. Er werd een actiegroep opgericht die begon met het verspreiden van desinformatie over windenergie en die betrokkenen betichtte van winstbejag. Naar eigen zeggen erkennen ze dat windenergie nodig is, maar zoals altijd: niet bij ons. Een van de aanwezigen bij een protestactie riep letterlijk: ‘Zet ze maar buiten de gemeentegrenzen, dan heeft niemand er last van’. Letterlijk not in my backyard.

De actiegroep op IJburg uit de zorgen om te beginnen op de verkeerde plek. Binnen het RES-proces waren vele inspraakavonden. Van mondige mensen op IJburg mag je verwachten dat ze op de hoogte zijn van ontwikkelingen in hun omgeving en tijd in hun volle agenda vrijmaken voor die inspraakavonden. Later in het RES-proces en bij de start van concrete projecten is ook nog ruime mogelijkheid voor inspraak. En als de projecten uitgevoerd mogen worden door coöperaties is de inspraak helemaal goed.

Populistisch

Maar de groep uit zich vooral op een verkeerde, populistische manier: door mensen bang te maken. Bang voor windenergie, bang voor de overheid. Ronduit kwalijk is het dat de groep desinformatie gebruikt: onjuiste cijfers, gemanipuleerde beelden en geluidsfragmenten, ongepubliceerd onderzoek en meer beweringen die aantoonbaar onjuist zijn.

Het is bijvoorbeeld onjuist dat in veel andere landen de afstand tussen windmolens en woningen veel groter moet zijn dan de door de provincie Noord-Holland gestelde 600 meter. Er wordt gesteld dat de turbines 260 meter hoog worden en op 315 meter afstand van woningen komen: onjuist. Ze worden maximaal 200 meter hoog en staan op een afstand waarop het geluid van de molens niet meer storend is. Er worden beeld-, geluid- en video­simulaties gemaakt die de impact niet op een juiste manier weergeven: een veelgebruikte tactiek bij tegenstanders.

Geblokkeerd op Twitter

Nog kwalijker is dat als ze daarop gewezen worden, ze personen de mond snoeren. Zo werden Duurzaam Dorp Diemen en ik zelf op Twitter en Facebook door de groep geblokkeerd en werd mijn verzoek om deel te nemen aan een openbare avond niet beantwoord. De actiegroep begint nu bovendien voorstanders, zoals windcoöperaties, te beschuldigen van malversaties, zonder dat er ook maar enig bewijs geleverd wordt. Kwaadaardig.

Landelijk zie je vergelijkbare reacties. En ook in Diemen was dit geluid te horen, waarna men met elkaar het gesprek is aangegaan. Burgers die ongerust zijn, nemen nu deel aan het RES-proces. Men laat zich informeren over de feiten en luistert naar elkaars argumenten. En in gezamenlijk overleg komen we tot zoekgebieden en randvoorwaarden waarbinnen wind en zon wel acceptabel zijn.

Zeker bij wind op land is het tegenwoordig heel gebruikelijk dat omwonenden betrokken worden bij projecten en direct (financieel) voordeel hebben van die molen(s). Er zijn landelijk vele voorbeelden waarbij dit de omwonenden nader tot elkaar heeft gebracht. Windcoöperaties zijn bij uitstek de manier om die betrokkenheid te krijgen: als lid heb je direct invloed. ­Grotere projecten daarentegen, zoals wind­parken op zee, worden gerealiseerd door grote bedrijven. Omwonenden mogen dan naar de rechter stappen om invloed uit te oefenen.

Laaghangend fruit

Als we nog enige kans willen maken om de op­warming van de aarde tot 1,5 graad te beperken, dan moeten we nu stappen gaan zetten. ‘Zet ze maar ergens anders neer,’ roepen velen en dan komen er te weinig. ‘Doe maar meer zonne-energie,’ is ook geen alternatief: we hebben zon én wind nodig. ‘Zet die windmolens maar op zee.’ Zelfs daar is de ruimte beperkt, zijn de ­kosten hoger en kan de gewone burger niet meeprofiteren.

Het laaghangende fruit is geplukt, we zullen nu de lastigere plekken moeten gaan benutten. Dan helpt het niet om te roepen: ‘Ik ben te kort om te plukken’. Dan helpt het om een ladder te pakken en samen te komen tot een werkbare oplossing. Niet tegenwerken en blokkeren, maar meewerken, samen, in de regionale energiestrategie.

Evert Kuiken is werkzaam bij Lens, dat zonnepanelen plaatst; is energiecommissaris voor 02025 en deelnemer aan Duurzaam Dorp Diemen.  Beeld Het Parool
Evert Kuiken is werkzaam bij Lens, dat zonnepanelen plaatst; is energiecommissaris voor 02025 en deelnemer aan Duurzaam Dorp Diemen.Beeld Het Parool
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden