Opinie

Opinie: ‘Overheidsactie nodig om schoolboeken inclusiever en moderner te maken’

De overheid moet educatief materiaal beoordelen.  Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
De overheid moet educatief materiaal beoordelen.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Schoolboeken worden stiekem gecensureerd door uitgevers om met name streng christelijke scholen tevreden te stellen. De overheid zou ertegen moeten optreden, stelt Reza Kartosen-Wong.

Onlangs onthulde NRC dat educatieve uitgevers hun schoolboeken en lesmethoden stilletjes censureren zonder scholen en leerkrachten hiervan op de hoogte te stellen. Leerkrachten die met deze schoolboeken werken, geven zonder het te weten een onvolledig en vertekend wereldbeeld door aan hun leerlingen. Zo krijgen kinderen onderwijs dat niet voldoet aan moderne kwaliteitseisen. Dit is onwenselijk in een vrije, open en democratische samenleving. Hoog tijd dat de overheid ingrijpt.

NRC sprak met auteurs en illustratoren die werken voor Malmberg, Zwijsen, Noordhoff en ThiemeMeulenhoff, de vier belangrijkste educatieve uitgevers. Ze gaven aan dat ze worden gecensureerd. Taboeonderwerpen zijn onder andere de evolutieleer, dinosaurussen, ‘ver doorgevoerde vormen van emancipatie’, gezinnen die afwijken van de heteronorm, sprookjesfiguren als heksen en spoken en ‘wereldse’ zaken als kermis en tatoeages. Het staat allemaal keurig beschreven in strakke richtlijnen van de uitgevers.

Wanneer teksten en illustraties niet voldoen aan de beperkende richtlijnen, moeten makers die aanpassen. Ze stellen dat deze censuur nadelige gevolgen heeft voor de kwaliteit van het educatief materiaal. Maar uit angst geen opdrachten meer te krijgen, gaan ze er toch in mee. Uitgevers luisteren niet naar hun kritiek – als de makers al kritiek durven te uiten. Het is verbijsterend dat er binnen uitgevers van educatief materiaal sprake lijkt te zijn van inperking van de vrijheid van meningsuiting en angst om gecanceled te worden.

Uitgevers censureren hun educatief materiaal vooral zodat dat ook aantrekkelijk is voor streng christelijke scholen. In hun streven naar meer omzet, blijken ze bereid tot een knieval voor de sterke lobby van het reformatorisch onderwijs. De niet-religieuze scholen zijn zonder het te beseffen de dupe. Terwijl media en politiek al jaren geobsedeerd zijn door het idee dat ‘de islam’ het ultieme gevaar vormt voor ‘onze’ waarden en normen en ‘onze’ vrije samenleving, worden die laatsten juist op grote schaal en met succes aangevallen door ‘onze’ eigen radicale christenen – met hulp van de uitgevers. Opvallend genoeg heeft de onthutsende berichtgeving hierover niet tot veel ophef in media en politiek geleid. De vraag hoe er zou zijn gereageerd wanneer de schoolboeken vooral voor strenge moslims worden gecensureerd, is een retorische.

Maar er is meer mis met schoolboeken en lesmethoden. Daarin zijn vrouwen ondervertegenwoordigd en worden ze regelmatig stereotiep afgebeeld, blijkt uit eerder onderzoek. Tijdens de thuisonderwijsperiode merkte ik zelf ook op dat mannen en jongens in de boekjes van de door mijn zevenjarige zoon gebruikte lesmethode Veilig Leren Lezen van uitgeverij Zwijsen veel vaker voorkomen dan vrouwen en meisjes, in een geval bijna twee keer zo vaak. Daarbij zijn de mannen en jongens veelal actief afgebeeld, ze rennen, repareren en besturen voertuigen. Vrouwen en meisjes zijn vooral passief afgebeeld, ze zijn bang, hulpbehoevend en verzorgend. Sommige oefeningen zijn ook gendernormatief: ridders die vechten met zwaarden en prinsessen die wachten op hun prins. Ook komen alleen heterokoppels voor en is er wel een afbeelding van een meisje dat een ander meisje een kusje op de wang geeft maar niet van een jongen die dat bij een andere jongen doet.

Niet-witte mensen komen ook weinig voor in educatief materiaal en worden te vaak gestereotypeerd. Enkele weken geleden nog legde mijn zoon die van Chinese komaf is, aan zijn juf uit waarom hij een kwalijke, stereotiepe afbeelding van een Chinese man in Veilig Leren Lezen niet leuk vond. Zijn juf pikte dat goed op en besprak het met de hele klas. Maar dat zal helaas niet op alle scholen gebeuren. Hier zou de overheid moeten ingrijpen. Die is daartoe echter niet bereid. Op Kamervragen van GroenLinks over stigmatisering en stereotypering in lesmethodes antwoordde staatssecretaris Arie Slob enkele jaren geleden dat het aan scholen en ouders is om lesmaterialen hierop te beoordelen en uitgevers te vragen om aanpassingen. De overheid had daar vanwege de vrijheid van onderwijs volgens hem geen rol in.

We zitten dus opgescheept met schoolboeken en lesmethoden waarin bepaalde wetenschappelijke kennis en inzichten worden verzwegen, een onvolledig en vertekend beeld van de werkelijkheid wordt aangeboden en stereotiepe en stigmatiserende opvattingen worden bevestigd en versterkt. Dit leidt per definitie tot slechter onderwijs en belemmert de burgerschapsontwikkeling van kinderen. Ze zullen minder goed toegerust zijn voor een vrije democratische samenleving waarin verdraagzaamheid, respect voor verscheidenheid en gelijkheid van alle burgers centraal staan. Ook leidt het tot onveilige onderwijsomgevingen waarin bijvoorbeeld meisjes en niet-witte kinderen niet als gelijkwaardig worden gezien en behandeld.

In dezelfde week waarin de censuurpraktijken van educatieve uitgevers werden onthuld, bracht de Onderwijsraad juist een advies uit dat is gericht op de burgerschapsontwikkeling van kinderen en jongeren. De raad adviseert de overheid om grenzen te stellen aan de vrijheid van onderwijs en er strenger op toe te zien dat alle scholen de democratische rechtsstaat als basis nemen en onderwijzen. Wanneer scholen discrimineren of antidemocratische ideeën onderwijzen, moeten desnoods politie en justitie worden ingezet, aldus de raad.

Dit advies van de Onderwijsraad biedt ook aanknopingspunten voor de overheid om op te treden tegen de gewraakte schoolboeken en lesmethoden. Dat is helaas nodig nu blijkt dat het maken van educatief materiaal niet volledig aan de markt kan worden overgelaten. Scholen, leerkrachten en ouders zijn een speelbal van de uitgevers en hebben te weinig macht en middelen om hen te bewegen tot structurele verbeteringen van hun aanbod. Uiteindelijk is de overheid verantwoordelijk voor de kwaliteit en de veiligheid van het onderwijs. Zij moet daarom educatief materiaal grondig beoordelen. Wanneer dat de ontwikkeling van democratisch burgerschap belemmert, moet de overheid handhaven en uitgevers verplichten tot aanpassing van het materiaal.

Het wordt tijd dat de overheid eindelijk leiderschap toont en hierin haar verantwoordelijkheid neemt.

(Kinderboeken)schrijver en mediawetenschapper Reza Kartosen-Wong Beeld -
(Kinderboeken)schrijver en mediawetenschapper Reza Kartosen-WongBeeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden