Opine

Opinie: ‘Osvo gaat niet over toelating – daar gaan de individuele schoolbesturen over’

Jeroen Rijlaarsdam reageert namens Osvo op het interview met Elisabeth Bootsma (PS van de Week, 12 maart) over de centrale loting en matching voor middelbare scholen. ‘In Amsterdam is geen tekort aan havo- of vwo-plekken, er is zelfs een overschot.’

Jeroen Rijlaarsdam
Examen in de sportzaal van het Marcanti College, een van de vele VO-scholen in Amsterdam. Beeld Eva Plevier
Examen in de sportzaal van het Marcanti College, een van de vele VO-scholen in Amsterdam.Beeld Eva Plevier

In het artikel ‘Stop met scholen waar niemand voor kiest’ schetst redacteur Vera Spaans bij monde van Elisabeth Bootsma een beeld van de jaarlijkse centrale loting en matching. Het gaat hierbij om persoonlijke ervaringen met de procedure die ervoor zorgt dat alle groep 8-leerlingen een plek op een school voor voortgezet onderwijs krijgen.

Bootsma is helaas niet de enige met teleurstellende ervaringen – de druk op populaire vo-scholen is al vele jaren groot en de vraag overstijgt het aanbod. Veel van wat beschreven wordt, is herkenbaar, ook voor Osvo. Helaas staan in het artikel ook enkele zaken genoemd die feitelijk onjuist zijn.

Dat begint bij Osvo zelf. Het Overleg van Schoolbesturen in het Voortgezet Onderwijs (voluit: Vereniging Osvo) is wat het woord zegt: een overlegorgaan. Het betreft hier geen scholenkoepel en al helemaal geen schoolbestuur. Osvo heeft geen scholen en gaat ook niet over toelating bij scholen – daar gaan de individuele schoolbesturen over. Artikel 23 in de grondwet bepaalt dat schoolbesturen zelf beslissen over toelating, aanbod, profiel en curriculum.

In Amsterdam hebben we te maken met 26 schoolbesturen, waarvan er 23 samenwerken binnen Osvo. Het aanbod van het Amsterdamse voortgezet onderwijs is divers en kwalitatief hoogstaand en trekt ook veel leerlingen van omringende gemeenten. Afstemming van dit aanbod vindt plaats binnen Osvo. In die samenwerking wordt de kernprocedure uitgevoerd en worden afspraken gemaakt over loting en matching. In die zin is er niets politiek aan de procedure en dat is, zoals Spaans ook schrijft, zoals het moet zijn.

In Amsterdam is geen tekort aan havo- of vwo-plekken, er is zelfs een overschot. Er is helaas wel een grote druk op een aantal populaire scholen en er zijn helaas scholen die, om uiteenlopende redenen, moeite hebben leerlingen te trekken. Niet de onderwijskwaliteit (er is geen evidente correlatie tussen populariteit en oordeel van de onderwijsinspectie), maar onder andere imago, locatie en profiel spelen daarbij een belangrijke rol. In Amsterdam hebben we categorale scholen en brede scholengemeenschappen.

Over dit onderwerp wordt de laatste jaren veel geschreven, waarbij soms verwarring is over de definitie van ‘breed’. Ook in dit artikel is er een onjuistheid in geslopen. De passage dat Marcanti College om reden van gemeentelijke subsidie een brede brugklas zou aanbieden, is onjuist.

Osvo streeft naar een passende plaats voor iedere Amsterdamse leerling, een goede balans tussen vraag en aanbod. De schoolbesturen bevinden zich midden in een gezamenlijk proces om dit dit te duiden en hier consequenties aan te verbinden. Dat vergt samenwerking en afstemming tussen scholen met een overaanmelding en scholen waar nog plek is.

Ten slotte is de kwalificering die Bootsma geeft richting de voorzitter van Osvo, behalve weinig constructief, ook onnodig kwetsend en niet iets waarin de vereniging zich herkent.

Jeroen Rijlaarsdam, namens Osvo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden