Opinie

Opinie: ‘Of het Gouden Kalf wel of niet genderneutraal moet zijn, leidt af van de werkelijke discussie’

Dit jaar is de NFF-prijs voor beste hoofdrol genderneutraal, wat volgens sommigen neerkomt op symboolpolitiek. Dit leidt af van de echte discussie, vindt Theo Warnier. Namelijk: hoe bevorder je meer gelijkheid in de filmwereld?

Het Gouden Kalf voor beste hoofdrol wordt deze week uitgereikt als genderneutrale prijs tijdens het Nederlands Film Festival. Beeld ANP
Het Gouden Kalf voor beste hoofdrol wordt deze week uitgereikt als genderneutrale prijs tijdens het Nederlands Film Festival.Beeld ANP

Deze week zal het Gouden Kalf voor beste hoofdrol op het Nederlands Filmfestival (NFF) in Utrecht als genderneutrale prijs worden uitgereikt. Eerder kwam dit nogal in opspraak. Er zal geen onderscheid meer worden gemaakt tussen man en vrouw. En daarnaast komen hierdoor nu ook non-binaire mensen in aanmerking voor deze filmprijs op het belangrijkste filmfestival van Nederland.

De discussie in de media gaat vooral over de vraag of deze maatregel wel of niet als symboolpolitiek moet worden gezien. Zo zijn Martin Koolhoven en Yorick van Wageningen fel tegen de genderneutrale filmprijs, omdat het de populariteit van de Nederlandse film zou verzwakken en de filmindustrie al genoeg heeft geleden onder corona.

Maar dat is niet de discussie die gevoerd zou moeten worden. We moeten het hebben over wat er verder moet gebeuren om de onderrepresentatie van gemarginaliseerde groepen in de Nederlandse filmwereld tegen te gaan. De discussie zou moeten gaan over hoe het systeem waarin wij leven en werken onderdrukkingsmechanismen tot in den treure reproduceert.

In andere maatschappelijke discussies zien we dat kritiek leveren op symboolpolitiek vaak een manier is om oneerlijke structuren in stand te houden. Door de discussie te kapen met dit soort oppervlakkig gekibbel, kan een daadwerkelijk debat en systeemverandering eindeloos worden uitgesteld.

Op de lange baan

Dit zien we bijvoorbeeld bij het debat over quota om meer gelijkheid in het werkend leven te creëren. Hoewel het allang is bewezen dat quota werken, lopen we in Nederland daarop stuk vanwege principiële bezwaren. Maar bezwaar maken omwille van een principekwestie is vaak een manier voor mensen hun angst voor een gelijker speelveld te verhullen.

Zo werd ook duidelijk in een bijeenkomst afgelopen maart van NFF Extended, waarin diversiteit en inclusiviteit in de audiovisuele sector werd geëvalueerd. Toen het idee van quota werd geopperd, was Afke van Rijn van het ministerie van OCW erg voor gelijkheid, maar wist ze niet zeker of een quotum wel het juiste middel daarvoor was.

Sinds medio 2020 ligt er al een aanjager van Kleur klaar, waarin een waslijst aan concrete eisen wordt gesteld, waaronder quota en een nulmeting om deze onderrepresentatie goed in kaart te brengen. Maar het OCW, die de nulmeting gaat uitvoeren, verwacht voorjaar 2022 pas resultaten te hebben.

Hoewel er dus een daadkrachtig plan klaarligt, schuiven de mensen aan de knoppen vrijwel alles op de lange baan. “We wachten al twintig jaar,” aldus Sabrina Sugiarto (Film­Forward) op de bijeenkomst van NFF Extended.

Dus terwijl de systeemkritische pamfletten en onderzoeken al een tijd worden gesust, wordt er in de discussie in de media eindeloos gepolderd over de praktische bezwaren van het kleine beetje maatregelen die wel worden doorgevoerd, zoals de genderneutrale filmprijs. Er is geen effectiviteit te meten aan deze maatregel, dus laten we ons richten op het duiden van het probleem en het kijken naar de oplossing.

Solidariteit

Systeemkritiek en symboolpolitiek kunnen in deze zin dus prima naast elkaar bestaan. Een ideale wereld zou namelijk eentje zijn, waar we vrij zijn van racisme en seksisme. Waar iedereen verschillend mag zijn zonder te hoeven leven in angst. Dus die genderneutrale filmprijs gaat er toch wel komen, als dit tenminste de wereld is waar we naar streven.

Kunstenaars moeten solidair zijn met elkaar, en de problematiek binnen de filmwereld – en binnen de cultuursector in het algemeen – als een probleem zien van ons allen. Wie zich niet thuis voelt in de huidige gender­deling of andere gemarginaliseerde groepen, is niet schuldig aan de structurele onderwaardering van de cultuursector in Nederland. En het is niet alleen de gevestigde orde die aanspraak mag maken op het geld of de waardering die er wel is. Kunstenaars moeten zich niet laten verdelen bij dit soort problematiek. De kunsten zijn er immers om te verbreden en te verdiepen, niet om je kop in het zand te steken terwijl de rest verdrinkt.

Theo Warnier (24) is filosoof, filmmaker en auteur. Beeld TOMELST
Theo Warnier (24) is filosoof, filmmaker en auteur.Beeld TOMELST
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden