Opinie

Opinie: ‘Noem de situatie in Israël geen conflict of oplaaiend geweld’

De woorden die worden gebruikt om de situatie in Israël mee aan te duiden zijn niet zo neutraal als ze lijken. Anne de Jong pleit daarom voor een nieuw narratief.

Een Palestijnse vader met het stoffelijk overschot van zijn dochter, omgekomen bij een Israëlische luchtaanval. Beeld AFP
Een Palestijnse vader met het stoffelijk overschot van zijn dochter, omgekomen bij een Israëlische luchtaanval.Beeld AFP

Het kan nieuws lezend Nederland niet ontgaan zijn. ‘Opnieuw aanvallen over en weer tussen Israël en Gaza’ kopt de NOS. ‘Het geweld tussen Israël en de Palestijnen laait op’ bericht RTL nieuws. Nu.nl meldt dat de VN-veiligheidsraad bij elkaar komt om ‘de escalatie van geweld in de Gazastrook’ te bespreken. Oftewel, ‘het oplopende conflict tussen Israël en de Palestijnen’ is weer volop in het nieuws.

Als antropoloog, gespecialiseerd in mensenrechten in het Midden-Oosten, volg ik de ontwikkelingen op de voet. Ik zou blij moeten zijn met de aandacht voor mijn vakgebied en specifiek voor verslaggeving over burgerslachtoffers. Maar ik kan veel verslaggeving juist niet waarderen. Druk streep ik in artikelen van landelijke kranten, praat ik tegen de tv en klap ik iets te hard mijn laptop dicht: noem het geen conflict!

Natuurlijk ben ik wel blij met de uiteenzetting van gebeurtenissen van de afgelopen week. Op 7 mei braken er protesten uit in de Oost-Jeruzalemse wijk Sheikh Jarrah tegen de ophanden zijnde huisonteigening van een aantal Palestijnse families om deze te vervangen met Joods-Israëlische kolonisten. Het gewelddadig neerslaan van deze protesten, waarbij rubberen kogels van de Israëlische militaire eenheid drie Palestijnen blind maakte, verplaatste zich vervolgens naar de tempelberg. Het terrein van de welbekende Al-Aqsamoskee, heilig voor zowel moslims als Joden.

Rally around the flag

Dit, gecombineerd met de nationalistische ‘dans van de vlag’ die zelfs door de meeste ­Israëliërs als provocerend en extreemrechts wordt gezien, leidde tot een dreigend ultimatum van Hamas vanuit de Gazastrook. Netanyahu greep dit direct aan om de aandacht af te leiden van een falende formatie en drie lopende corruptieaanklachten. ‘Rally around the flag’, het was samenkomen onder een nationaal narratief van zelfverdediging, dat zich concreet uitte in bombardementen door het Israëlische leger en het oproepen van 9000 reservisten voor een grondoffensief.

Het lijkt een duidelijke weergave van het conflict en escalerende geweld, met gewogen aandacht voor beide zijden. Maar ‘conflict’ is geen waardevrije omschrijving en ‘oplaaiend geweld’ geen objectieve journalistieke duiding. Termen als conflict, beide zijden en escalerend geweld creëren een beeld van een eeuwenoude strijd tussen Israël en de Palestijnen. Bijna bijbels en te ingewikkeld om te begrijpen en zeker niet iets om als klein landje aan de Noordzee een officieel standpunt over in te nemen. Maar als je internationale mensenrechten als leidraad neemt, doemt een heel ander beeld op.

Dan dient de koloniale context zich aan, waarin in 1948 52 procent van het gebied dat we nu Israël en de Palestijnse gebieden noemen, werd toegekend aan de zionistische beweging, hoewel deze destijds slechts 6 procent van de bevolking uitmaakte. Dan kijkt men naar de nieuwe staat Israël, die direct werd erkend door internationale grootmachten maar die nooit zijn buitengrenzen gedefinieerd heeft. Behalve met een puur symbolische groene lijn die de Palestijnen in 1967 met versnipperde ‘gebieden’ zonder zelfbeschikking of soevereiniteit achterliet.

‘Tijdelijke’ bezetting

De realiteit van meer dan 500.000 Israëlische kolonisten op de Westelijke Jordaanoever waaromheen een militaire bezetting is opgetuigd. Honderden militaire checkpoints, een muur die diep door Palestijns gebied snijdt en een administratief systeem gebaseerd op etniciteit. Een ‘tijdelijke’ bezetting van 54 jaar waarbij Joods-Israëlische burgers in een democratie wonen maar Palestijnse inwoners geen staat dan wel enige vorm van burgerrechten genieten.

Natuurlijk zijn Israëlische burgers bang als het luchtalarm afgaat. En ja, het Palestijns verzet is, overigens rechtmatig onder het internationaal recht, met enige regelmaat gewelddadig. Maar ‘escalatie van geweld’ dekt niet de lading van 73 jaar kolonisatie en uitbreiding, van 54 jaar militaire bezetting en van de ongelofelijke machtsongelijkheid tussen de amateuristische projectielen van Hamas en de geavanceerde bombardementen van het door Amerika gesponsorde Israëlische leger.

Deze context blijft buiten schot als je het conflict noemt. Sterker nog, deze broodnodige duiding wordt verbloemd door zulk zogenaamd onafhankelijk taalgebruik.

De situatie van deze week in Israël en de Palestijnse gebieden is geen slepend conflict. Het is een voortzetting van zionistische kolonisatie. Het is een militaire bezetting van de Westelijke Jordaanoever, een veertienjarige belegering van de Gazastrook, etnische verdrijving in Jeruzalem en institutionele segregatie in Israël. Het enige waar nog taalkundig over gediscussieerd kan worden, is de stempel van apartheid. Alhoewel: daar zijn de wetenschappers, de Verenigde Naties en Israëlische mensenrechtenorganisaties het eigenlijk ook wel over eens. Nu Nederland nog.

Anne de Jong, universitair docent antropologie aan de Universiteit van Amsterdam, gepromoveerd op geweldloos verzet in Israël en PalestinaPalestina.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden