Opinie

Opinie: ‘Nee, geweld in de ggz hoort er niet nou eenmaal bij’

Geweld van omstanders tegen hulpverleners is niet normaal en leidt gelukkig nog steeds tot maatschappelijke ophef. Maar geweld van een psychiatrisch patiënt tegen een hulpverlener wordt vaak gezien als een beroepsrisico. Dat is het niet, zegt psychiater en ggz-bestuurder Erik Masthoff

Bloemen bij de ggz-instelling van Parnassia aan de Leggelostraat in Den Haag, waarbij twee medewerkers werden neergeschoten. Een van de slachtoffrers is later aan zijn verwondingen overleden. Beeld Hollandse Hoogte / VRPress
Bloemen bij de ggz-instelling van Parnassia aan de Leggelostraat in Den Haag, waarbij twee medewerkers werden neergeschoten. Een van de slachtoffrers is later aan zijn verwondingen overleden.Beeld Hollandse Hoogte / VRPress

Bij Parnassia, een instelling voor geestelijke gezondheidszorg (ggz) in Den Haag, heeft zich iets meer dan een week geleden een gewelds­incident voltrokken waarbij twee ggz-medewerkers ernstig gewond zijn geraakt. Eén van hen overleed later aan zijn verwondeningen.

Het is een verschrikkelijke gebeurtenis. Voor collega’s en nabestaanden, maar ook voor de nabestaanden van de vermoedelijke dader die na zijn daad de hand aan zichzelf heeft geslagen.

De impact van geweldsincidenten in de ggz is groot. Bij elk incident is er in beginsel de grote shock. Een mengeling van ongeloof, verdriet, angst en boosheid. Dan de reflex om de collega’s te helpen, maar wat kun je doen? Meer dan hen een hart onder de riem steken kan in feite niet. En dat voelt machteloos. Zo’n incident trekt een diepe kras, kost veel energie en vergt veerkracht en tijd om te boven te komen. Het zal nooit helemaal overgaan en kan nooit vergeten worden.

Wij moeten met zijn allen (ook met cliënten, naasten en andere betrokkenen) er alles aan doen zo goed en veilig mogelijk ons zorgwerk te kunnen doen. Ook moet er geleerd worden van incidenten en waar mogelijk en nodig verbeterd worden. Tegelijkertijd kent de maakbaarheid van ggz-hulpverlening beperkingen. Hoe goed het werk ook gedaan wordt, niet alles kan worden voorzien en worden voorkomen.

Geweld tegen ggz-hulpverleners wordt wel eens afgedaan met ‘dat hoort nu eenmaal bij het werk’. Maar dat is niet zo. Het komt voor in het werk, maar geweld is niet normaal, ook niet in de ggz.

Iedereen moet van ggz-hulpverleners afblijven. Zij kiezen voor dit vak omdat zij mensen willen helpen, om hen te laten herstellen, om hun kwaliteit van leven te verbeteren en om een bijdrage te leveren aan een leefbaarder en veiliger maatschappij.

Geweld tegen hulpdiensten leidt regelmatig tot maatschappelijke ophef. Terecht dat de samenleving dat geweld afkeurt, maar hulpverleners in de ggz verdienen dezelfde steun. Want ook zij doen hun werk vanuit bevlogenheid voor mens en maatschappij, ook zij worden soms met zeer moeilijke situaties geconfronteerd en ook zij moeten na een verschrikkelijke gebeurtenis de scherven oprapen en weer verder.
Erik Masthoff (bestuurder Fivoor), Poortugaal

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden