Opinie

Opinie: ‘Moge het CDA snel tot bezinning komen’

Het kan niemand zijn ontgaan dat het rommelt bij het CDA. Gaat de partij het redden? vraagt John Jansen van Galen zich af. En zo niet, is dat erg?

Hugo de Jonge was enkele maanden partijleider van het CDA, maar haakte af. Beeld ANP
Hugo de Jonge was enkele maanden partijleider van het CDA, maar haakte af.Beeld ANP

Het feuilleton over het CDA – met elke dag een nieuwe aflevering! – laat zich lezen als de ‘kroniek van een aangekondigde dood’ (vrij naar Gabriel Garcia Márquez). Het wemelt van de voorspellingen over een naderend einde van deze partij, niet (naar T.S. Eliot) ‘met een knal maar zachtjes jankend’. De voorspellers lijken er zelfs naar uit te zien, maar hun prognoses zijn niet verrassend en allerminst nieuw.

Sterker, toen de partij 50 jaar geleden nog moest worden opgericht, ten tijde van het kabinet-Den Uyl, waren er al koffiedikkijkers die haar einde bij voorbaat zagen naderen. Dat roemruchte, ‘linkse’ kabinet kwam zelfs tot stand met de expliciete bedoeling de aanstaande Nederlandse christendemocratie meteen uiteen te doen vallen. Door de Christelijk Historische Unie buitenspel te zetten en twee vooraanstaande christendemocraten, De Gaay Fortman senior en Jaap Boersma, binnenboord te halen, hoopten, nee verwachtten veel socialisten de totstandkoming van een confessioneel machtsblok te verijdelen. Dan zou in het Nederlandse politieke spectrum een helder onderscheid tussen links en rechts resteren en het verfoeide christelijke ‘midden’ verpieteren.

Hoe anders is het gelopen! In de decennia die volgden was het CDA onder Dries van Agt, Ruud Lubbers en Jan Peter Balkenende juist de machtigste partij van Nederland, onmisbaar voor iedere regering. Dat kwam ten dele juist doordat die smadelijke bejegening van links de christendemocraten op één hoop dreef rond hun leider. Het kwam ook doordat de genoemde leiders ieder in zich de voornaamste kenmerken van het confessionalisme verenigden: ethisch conservatief, progressief als jurist (Van Agt), ondernemer en toch sociaal voelend (Lubbers), sociaal als academicus, behoudend bestuurder (Balkenende). Fractieleiders als Enneüs Heerma en Jaap de Hoop Scheffer boden tegenwicht naar links of naar recht. Het CDA moest het van die twee gezichten, die Januskop, hebben. Een kwart eeuw ging dat goed.

Tumultueus partijcongres

Toen kwam Pim Fortuyn op en daarna Geert Wilders en met hen begon de kentering in de Nederlandse politiek. Het CDA ging, gesteund door een tumultueus partijcongres, in 2010 met Wilders in zee en daarmee verloor de partij haar geloofwaardigheid op links. Dat is niet meer goed gekomen. Rechtse christenen lopen weg naar de PVV of de orthodox-christelijke SGP, linkse christenen voelen zich nergens meer thuis, behalve misschien een beetje in GroenLinks.

De deconfiture van het CDA is een deconfiture van het confessioneel leiderschap. Met Maxime Verhagen en Sybrand van Haersma Buma aan de leiding werd een onmiskenbaar rechtse koers ingezet, en daarmee afscheid genomen van wat nu juist het unique selling point is van de christendemocratie: het schijnbaar onverzoenlijke verzoenen. De huidige opstand in de partij is een laatste stuiptrekking van de sociaal bewogen linkervleugel, die al nagenoeg verdwenen leek maar die in het optreden van Pieter Omtzigt als volkstribuun een herleving ziet van de oude, strijdbare christendemocratie waarvan rond 1900 Abraham Kuyper het boegbeeld was. In ingezonden stukken wordt Omtzigt soms zelfs met Jezus vergeleken.

Onder aanvoering van Hugo de Jonge had het CDA wellicht het vertrouwen van die slinkende achterban kunnen herwinnen. Ja, hij is een ijdeltuit, maar hij heeft zijn track record als sociaal geïnspireerd stadsbestuurder in Rotterdam en kan, na een begin met veel haken en ogen, langzamerhand ook bogen op een puike conduite staat inzake corona.

‘Staatsdragende’ partijen

Maar De Jonge haakte na een half jaar af en toen koos de partij, met bruusk voorbijgaan aan Omtzigt en wellicht gedreven door in het vooruitzicht gestelde campagneschenkingen, voor Wopke Hoekstra. En die heeft nu juist niets in zich om die twee gezichten van het CDA in zich te verenigen: het strenge gezicht van de gedegen bestuurder en het sociale gezicht van Christus’ Bergrede. Hij is voor de buitenwacht vooral de man van McKinsey, de consultant zonder inspiratie, kampioen van steeds nieuwe, strenge bezuinigingen (al dwong corona hem tot overvloedige overheidsuitgaven).

Is hier nog uit te komen? Moet Hugo de Jonge alsnog van stal gehaald worden? Het lijkt mij geen slecht idee, en ook voor niet-CDA-stemmers van belang. Want het draagvlak van wat commentator Hans Goslinga in Trouw de ‘staatsdragende’ partijen noemt, kalft steeds verder af, nu ook de PvdA zieltogend lijkt. Niemand heeft behoefte aan de ondergang van nog zo’n staatsdragende partij. Moge het CDA dus snel tot bezinning komen en het roer omgooien.

John Jansen van Galen is journalist en publicist. Beeld ANP Kippa
John Jansen van Galen is journalist en publicist.Beeld ANP Kippa

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden