Opinie

Opinie: ‘Maak eens voort met die kabinetsformatie!’

De kabinetsformatie sleept maar voort. John Jansen van Galen roept op tot actie.

Mark Rutte en Sigrid Kaag op het Binnenhof onderweg naar een onderhoud met informateur Mariëtte Hamer. Beeld Phil Nijhuis
Mark Rutte en Sigrid Kaag op het Binnenhof onderweg naar een onderhoud met informateur Mariëtte Hamer.Beeld Phil Nijhuis

Hoort u nog wel eens iets van de kabinetsformatie? Bent u zich ervan bewust dat we dezer dagen al zes maanden geen volwaardig kabinet meer hebben? En schot zit er niet in. Logisch, zult u zeggen, want het is nu vakantie, in politieke termen ‘reces’ geheten. Maar 65 jaar geleden was dat geen excuus om niet full speed te blijven formeren.

Toen, in augustus 1956, lukte het niet de rooms-rode coalitie te herstellen. Daar moest subiet een progressieve christendemocraat aan te pas komen, en wel prof. dr. W.F. de Gaay Fortman. Het probleem was alleen dat deze met zijn gezin aan het fietsen was op de Veluwe en eerst opgespoord moest worden. Cabaretier Wim Kan maakte dat gegeven onsterfelijk door te verzinnen dat het paleis er een lakei per fiets op uit had gestuurd en dat die Gaius wist te vinden, met zijn zoontje, de latere PPR-leider, in het zitje voorop (in werkelijkheid was Bas toen 19). Overigens wist ook De Gaay Fortman de politieke breuk niet te helen. Maar spoed werd er gemaakt.

Kom daar nu eens om. Het laatste wat wij over de formatie vernamen was dat de partijleiders Mark Rutte (VVD) en Sigrid Kaag (D66) tijdens het reces een concept van een ontwerp tot schets van een regeerakkoord zouden proberen op te stellen. Het kan zijn (al betwijfel ik dat sterk) dat ze daar vlijtig aan werken, maar in ieder geval hebben wij er niets meer van vernomen. En als ze, bij verrassing, al met zo’n concept op de proppen komen dan is daarmee het einde, een nieuw kabinet, nog lang niet in zicht. Welke partijen haken aan? Of wagen we het eens met een minderheidskabinet?

Intussen heeft, nadat het kabinet op 15 januari in de nasleep van de Toeslagenaffaire had besloten collectief zijn ontslag aan te bieden, in de regeringsploeg alweer een duizelingwekkend aantal personele wisselingen plaatsgevonden. Het is een intrigerend verschijnsel: de bewindslieden zijn zoals dat heet ‘demissionair’ en iemand die hen nu opvolgt begint dus meteen als demissionair, dat wil zeggen: niet helemaal serieus te nemen. Een demissionair kabinet handelt immers lopende zaken af en kleine kwesties zonder politiek gewicht, maar knopen worden in afwachting van een echt kabinet niet doorgehakt.

En er zijn zoveel zaken die om ingrijpen vragen! De Europese Unie staat onder aanvoering van onze landgenoot, commissaris Frans Timmermans, voor de grote opgave een Green Deal te verwezenlijken waarover men het nog lang niet eens is – en bovendien staat zij voor de uitdaging om nu eens tot een geïntegreerde distributie van anti-coronamiddelen te komen. Binnen de landsgrenzen is er eveneens genoeg te verhapstukken: de stikstofcrisis, het erbarmelijke bestaan van arbeidsmigranten.

Niemand klaagt

Toch lijkt niemand zich druk te maken over dit ‘kabinetsloze’ tijdperk. Hoeveel stadhouderloze tijdperken had de Republiek der Verenigde Nederlanden niet, en toen bloeide het land! Ik moet het eerste hoofdartikel nog tegenkomen dat Rutte en Kaag maant in het belang van de natie haast te maken. Op straat hoor ik er niemand over.

En dat is misschien nog het meest verontrustende: de schemering waarin deze kabinetsformatie verdwijnt lijkt kenmerkend voor een afnemende relevantie van de politiek. Dat geldt eveneens voor die talrijke persoonlijke mutaties van bewindslieden: wie kan het iets schelen? Beleven wij een deemstering van de democratie, die er allengs minder toe doet? Je zou het haast zeggen.

Tijdrekken

Waar blijft het parlement? Niet alleen de coalitiepartijen, ook de oppositiepartijen lijken rustig af te wachten, nog door geen zorgen gestoord. Waar blijft Kees van der Staaij, nu we hem nodig hebben? De SGP-voorman geldt immers als het staatsrechtelijk geweten van Den Haag? Hij heeft zelf geen belang bij tijdrekken, dunkt mij.

Volgens VVD’er Frans Weisglas, oud-voorzitter van de Tweede Kamer, ‘verschrompelt’ door de ‘beschamende totale stilte’ rond de formatie de ‘toch al tanende interesse van de gemiddelde man of vrouw in het land voor de politiek,’ schrijft hij in de Volkskrant. Als er begin oktober geen nieuw kabinet op het bordes van Huis ten Bosch staat, ‘hebben de verantwoordelijke politici gefaald’ en moeten er nieuwe verkiezingen komen, vindt hij. Maar wat zouden we daarmee opschieten? De peilingen laten nauwelijks verschuivingen zien, behalve verder verlies voor het CDA, en de partijen kunnen dan gewoon opnieuw beginnen.

De gekozen volksvertegenwoordigers moeten zelf tot bezinning komen en zo spoedig mogelijk een kabinet vormen dat opgewassen is tegen de ernst van de tijd.

John Jansen van Galen, oud-presentator Met het Oog op Morgen, journalist en publicist. Beeld ANP
John Jansen van Galen, oud-presentator Met het Oog op Morgen, journalist en publicist.Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden