Opinie

Opinie: ‘Laten we de pedagogisch professionals op een voetstuk zetten’

In het debat over de personeelsproblemen bij de kinderopvang wordt een aantal belangrijke zaken onderbelicht, vindt Wendy Honsbeek.

Wendy Honsbeek
null Beeld ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP
Beeld ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP

Het artikel van vorige week over de personeelsproblemen bij de kinderopvang laat mijns inziens nog een aantal zaken onderbelicht.

Allereerst wordt in de kinderdagopvang veel parttime gewerkt door grotendeels vrouwen. Als werkgever zouden wij deze medewerkers gráág contracten aanbieden voor 36 uur per week om het tekort aan personeel deels te verminderen. Het grote probleem hier is echter dat deze medewerkers netto minder overhouden als ze een dag extra gaan werken, omdat ze dan in de knel komen met de fiscale regelingen en toeslagen. Extra uren werken en minder overhouden – daar gaat geen mens harder van lopen.

Ten tweede wordt de markt van pedagogische professionals al tijdenlang overspoeld door zzp’ers, voormalig vaste medewerkers die uit loondienst gegaan zijn om zich vervolgens te verhuren tegen een hoog uurtarief. Ook wij moeten noodgedwongen gebruikmaken van zzp’ers en hoewel er parels tussen zitten die wij vandaag nog een vast contract zouden willen aanbieden, zijn zij mede de oorzaak van het probleem op de huidige arbeidsmarkt.

We kunnen urenlang praten over wet- en regelgeving in de kinderopvang, over continuïteit, over vaste gezichten en stabiliteit – zaken die de sector opgelegd krijgt vanuit de overheid. Dezelfde overheid die zzp’ers in de kinderopvang blijkbaar goedkeurt. Maar is er wel sprake van een onafhankelijke relatie, zoals de Wet DBA (deregulering beoordeling arbeidsrelatie) voorschrijft, als de zzp’er geacht wordt te werken volgens het beleid van de kinderopvangorganisatie en dus helemaal niet ‘onafhankelijk’ is? Zzp’ers worden vaak langdurig ingezet op dezelfde plek (de wet- en regelgeving schrijft immers voor dat er een vast gezicht op de groep moet staan), wat uiteindelijk niets meer of minder is dan een verkapt dienstverband – maar dan tegen een tarief dat op de lange termijn niet houdbaar is.

Als laatste, de sector heeft al jarenlang een slecht imago en moet dringend van arbeidsmarktinstrument omgevormd worden tot ontwikkelingsinstrument; de tijd van zogenaamde kinderbewaarplaatsen ligt reeds ver achter ons. Pedagogisch medewerker is een vak waar kennis en kunde voor nodig zijn, pedagogisch medewerkers hebben een grote impact op en zijn essentieel voor de ontwikkeling van kinderen. Dit vraagt om een stabiel overheidsbeleid, meer waardering voor het beroep en meer inzicht voor diegenen die denken dat er de hele dag ‘lekker gespeeld’ wordt.

Ten slotte vind ik de kop van het artikel, ‘Komt u uw kind halen? Er is geen personeel’, stuitend. Iedere zichzelf respecterende aanbieder van kinderopvang zal het belang van het kind áltijd voorop zetten, dus ‘Komt u uw kind halen? Natúúrlijk is er gekwalificeerd personeel’.

Laten we de pedagogisch professionals maar eens op een voetstuk zetten. Dat hebben ze verdiend.

Wendy Honsbeek, operationeel directeur kinderdagopvang Bloem/kindercentrum Altijd Lente, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden