Opinie

Opinie: ‘ITA moet ophouden met drammen over de naam van toneelgroep Amsterdam’

Het Internationaal Theater Amsterdam is onder Ivo van Hove een theaterbastion geworden zonder interesse in wat er in Amsterdam leeft, vindt Samir Veen uit Amsterdam. Kil voorbeeld is het dreigen met juridische stappen tegen toneelgroep Amsterdam.

Samir Veen
Ivo van Hove
 Beeld Jan Versweyveld
Ivo van HoveBeeld Jan Versweyveld

Hey Ivo,

Dat delen niet een van jouw deugden is hebben we al eerder mogen ondervinden.

Het Parool berekende in 2012 dat je salaris en neveninkomsten van toen nog TGA bij elkaar mogelijk boven de balkenendenorm uitkwamen. TGA ontkende, maar gaf ook aan niet precies te weten hoeveel je eigenlijk verdient, en jij weigerde je inkomen openbaar te maken omdat ‘dat alles behoort tot jouw privacy’.

Ik heb even de jaarcijfers van ITA erbij gepakt, je basissalaris schommelt zo rond de 150.000 euro per jaar. Sinds je hiernaartoe kwam beloonde je jezelf dus met tenminste 3 miljoen euro uit de collectieve pot. Daar komen je geheime neveninkomsten nog bovenop.

Ik vind dat moeilijk te verwerken. Zeker omdat een aanzienlijk deel van de keihard werkende culturele sector in Amsterdam maandelijks moet rondkomen van een bedrag onder de armoedegrens.

Onder jouw leiding werd bij ITA ondertussen koudhartig doorgeliberaliseerd: werknemers worden meerdere keren per jaar in en uit dienst genomen om kosten te besparen. Vorige maand nog stapte een groep technici op die jarenlang stelselmatig overwerkt werden. De druppel: toen de nood en onvrede het hoogst was nam je niet eens de moeite om naar hun werk te komen kijken.

We hebben al jaren geen toneelgroep van Amsterdam meer, vier jaar geleden werd van een ‘naamsverandering’ gesproken: Het Internationaal Theater Amsterdam, om recht te doen aan de grootse ambities van de instelling. Amsterdammers zien vooral een ongeïnteresseerd theaterbastion dat zo hard mogelijk probeert te doen alsof het niet in Amsterdam staat.

Ik vond het wel charmant, drie kunstenaars met een jaarbudget ter grootte van ITA’s afrondingsmarge die er een persbericht uitgooien dat Amsterdam een stadsgezelschap verdient, en dat ze bij gebrek aan animo die taak maar op zich gingen nemen. Ging de naam ook niet verloren.

Toen de drie grinnikende kunstenaars vervolgens een afspraak met je hadden om te kijken wat jullie gezamenlijk voor de stad konden betekenen, trakteerde je ze op dezelfde behandeling als je technici: niet komen opdagen. Maar wel een hoog op de poten gezette dreigbrief van je advocaat: naam weg of we maken jullie juridisch kapot. Goeie besteding van kunstgeld weer hoor, sjongejonge.

Als Amsterdammers zijn we overbetaalde expats helaas wel gewend. Maar ik vermoed dat je op weinig begrip kan rekenen als je ons kunstbudget nu gaat gebruiken om een relatieve dwerg met een handjevol medewerkers het faillissement in te bullyen.

Het lijkt me bij ITA tijd voor nieuwe, nog veel grotere ambities: een degelijk werkplek voor Amsterdammers; een theaterhuis door en voor de stad; een salarisverdeling die de misselijkmakende ongelijkheid in Nederland aanvecht in plaats van toejuicht. Als je daar nou eens mee zou beginnen, dan zou je gedram over naamgeving misschien ook wat minder afkeer wekken.

Samir Veen, Amsterdam

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden