Opinie

Opinie: ‘Geef de leerkracht de regie terug in het leerproces van een kind’

In het huidige Nederlandse onderwijs is de lesmethode, en niet de docent, meestal leidend. Dat werkt voor zo’n 80 procent van de kinderen, stelt leercoach Natasja Esmeijer. De andere 20 procent denkt en leert op een andere manier en wordt volgens haar nu tekortgedaan.

Natasja Esmeijer
Achtstegroepers buigen zich over de Centrale Eindtoets, een van de vijf toegestane eindtoetsen op de basisschool.  Beeld ANP
Achtstegroepers buigen zich over de Centrale Eindtoets, een van de vijf toegestane eindtoetsen op de basisschool.Beeld ANP

Er is een hoop te doen over ‘passend onderwijs’. Het is een vaag begrip en niemand weet eigenlijk wat er zou moeten passen en waarom het nu niet past. Laten we kijken naar de oorsprong: het ‘niet-passende onderwijs’ vindt zijn oorsprong in de deeltijdbaan. ‘Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid’ – met deze slogan van de overheid ben ik opgegroeid en met mij vele andere meiden. Een deel van ons ging het onderwijs in. Om de zware baan van leerkracht te kunnen combineren met het moederschap is de deeltijdbaan uitgevonden.

Samen voor één klas, maar daardoor kwam de continuïteit van het leerproces van de leerling in het geding. Lesmethodes die een doorlopende leerlijn mogelijk maakten leken daarvoor de oplossing. Inmiddels hebben die methodes dusdanige invloed op het onderwijs dat het geen enkel probleem is als er meerdere leerkrachten voor een klas staan. De leerkracht is eigenlijk inwisselbaar geworden.

En hier gaat het fout. Deze lesmethoden zijn zo uitgestippeld dat de gemiddelde leerling aan het eind van groep 8 alles van rekenen, spelling en grammatica gehad heeft. Leerkrachten worden geacht niet van dat pad af te dwalen. Er is te weinig lesruimte over om zelf nog, op een andere manier, deze kinderen te onderwijzen. Een van de redenen waarom veel leerkrachten afhaken bij het onderwijs: ze mogen niet zelf bepalen hoe ze lesgeven.

Herhalen en automatiseren

Omdat de lesmethoden aansluiten bij het gemiddelde kind met een gemiddelde intelligentie, wordt alle lesstof in hele kleine stapjes aangeboden, herhaald en geautomatiseerd. Dat is de manier van leren die het beste aansluit bij dat gemiddelde kind. Bottom-up.

Maar niet alle kinderen leren op dezelfde manier. Ongeveer 80 procent van de kinderen leert bottom-up. Voor hen is ons onderwijssysteem passend. Maar de andere 20 procent leert niet door automatiseren. Deze kinderen willen eerst begrijpen wat de bedoeling is van wat ze gaan leren. Die kleine brokjes informatie die ze in de lesmethoden aangeboden krijgen, leiden bij hen niet tot begrip van de lesstof. En herhaling van iets wat je niet begrijpt leidt niet tot begrip, maar leidt tot meer verwarring en het gevoel dat je niet kan leren.

Zijn ze dan niet zo slim? Welnee, dit conceptuele beelddenken komt voor bij alle intelligenties en veel beelddenkers zijn juist heel intelligent. Ze hebben alleen de informatie nodig op een ander moment in hun leerproces. Dat gaat nu fout. Door de stapsgewijze lesmethodes krijgen zij niet de benodigde informatie en lopen zij helemaal vast in al die kleine stapjes.

Vandaar dat voor deze kinderen ons onderwijs niet passend is. Vandaar dat 15.000 tot 20.000 kinderen in Nederland thuiszitten, van wie een groot deel hoogbegaafd is. En vandaar dat nog een groot aantal andere kinderen met kunst- en vliegwerk binnen het schoolsysteem gehouden wordt. Een nóg groter aantal zit gefrustreerd in de schoolbanken en denkt nu eenmaal dom te zijn. Dit gevoel de rest van hun leven meenemend, totdat ze erachter komen dat ze best wel kunnen leren.

Natuurlijke leerprocessen

Om het onderwijs passend te maken voor alle leerlingen zullen we meer rekening moeten houden met de natuurlijke leerprocessen van kinderen. Wat hebben mijn leerlingen op dit moment nodig? Als we willen voorkomen dat kinderen vastlopen in het onderwijs en thuis komen te zitten, dan zullen we de lesmethodes los moeten laten. Ze kunnen een goede basis zijn, maar we zullen ook de leerkracht weer de autonomie en de kennis terug moeten geven om zelf te bepalen wanneer welk stukje van het rekenen of lezen aan bod komt. We zullen het top-downlesgeven moeten implementeren in ons bottom-upsysteem.

Door op de Pabo onze toekomstige leerkrachten niet alleen te leren hoe ze didactisch en pedagogisch met leerlingen om moeten gaan, maar ook inhoudelijk te leren hoe ons rekensysteem werkt, hoe taal is opgebouwd en hoe divers kinderen kunnen denken en leren, geven we de leerkracht de regie terug en kan hij of zij weer vanuit eigen kennis de leerling door zijn natuurlijke leerproces loodsen. De leerling kan zijn intrinsieke motivatie om te leren aanspreken en daarmee met plezier in de klas zitten. Onderwijs passend gemaakt bij elk kind.

Natasja Esmeijer, Ik-leer-anderscoach en gecertificeerd hoogsensitieve-kinderencoach.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden