Opinie

Opinie: ‘De EU staat op een tweesprong: de volgende stappen bepalen het vertrouwensherstel van de burgers’

Europeanen zijn sinds de pandemie sceptischer over de EU. Toch is het Europese project nog niet verloren, stelt Susi Dennison.

Voorzitters Ursula von der Leyen (Europese Commissie) en Charles Michel (Europese Raad).  Beeld AP
Voorzitters Ursula von der Leyen (Europese Commissie) en Charles Michel (Europese Raad).Beeld AP

Teleurstelling en scepsis over de Europese Unie is tijdens de pandemie verschoven van de periferie naar de heersende trend. Uit een nieuwe enquête, die deze week door ECFR is gepubliceerd, blijkt dat een meerderheid van de Europeanen geen vertrouwen meer heeft in de EU en haar vermogen om op te treden in geval van een grote crisis. In Duitsland, een van de machtigste lidstaten van de EU, is het deel van de bevolking dat vindt dat de EU-integratie te ver is doorgeschoten, met tien procent gestegen. De druk op Ursula von der Leyen, Charles Michel en andere leiders van de EU om de waarde van het Europese project voor de burgers aan te tonen, wordt opgevoerd.

Met de herinvoering van gekoesterde vrijheden, zoals de mogelijkheid om vrij te wonen, te werken en te reizen, kan de EU op korte termijn het vertrouwen in het Europese project herstellen. Het vormgeven van de rol van de EU in de wereld na covid, is een andere mogelijkheid tot vertrouwensherstel. De Europeanen voelen zich momenteel alleen in de wereld en zijn bezorgd dat zij door andere internationale mogendheden in het nauw worden gedreven.

Pragmatische benadering

Hoewel de perceptie van de VS enigszins is verbeterd sinds Joe Biden aantrad in het Witte Huis, overheerst in Europa nog steeds het beeld dat het Amerikaanse politieke systeem ‘kapot’ is. Slechts een op de vijf Europeanen ziet Amerika nog als ‘bondgenoot’. Dit betekent dat op de G7-top van deze maand en de VS-EU-topontmoeting een delicaat evenwicht zal moeten worden gevonden over de wijze waarop we de wereld na covid vorm zullen geven. De Euro­peanen zullen niet langer toestaan dat de EU meevaart in het kielzog van ‘Uncle Sam’.

Maar de VS zijn niet de enigen die uit de gratie zijn gevallen in Europa. Ook het Verenigd Koninkrijk wordt op dit moment meer gezien als ‘noodzakelijke partner’ dan als ‘bondgenoot’ door een meerderheid van de Europeanen. En deze opvatting strekt zich uit tot andere spelers in de wereld, waaronder Rusland en China, en suggereert dat het Europese publiek nu meer voelt voor een meer pragmatische benadering van internationale betrekkingen.

De ambitie van Europa is om zich op het wereldtoneel te profileren als een baken van democratie en mensenrechten. Deze respons op de opiniepeiling van ECFR over de vraag waarvoor de EU moet staan in de wereld na covid, moet de EU-leiders het vertrouwen geven op te treden tegen grove schendingen van het internationaal recht – zoals de kaping van Europese vliegtuigen door Belarus, of de misstanden aan beide zijden in het huidige Israëlisch-Palestijnse conflict.

Ook wil een meerderheid van de Europeanen dat de EU haar verbintenissen inzake het delen van vaccins uitbreidt, vóór of zodra haar eigen kwetsbare bevolking is ingeënt. Zachte macht wordt gezien als een essentieel onderdeel van het Europese gezag. Kortom: de EU moet als wereldspeler in actie komen voordat de burgers hun vertrouwen in deze mogelijkheid verliezen.

Laatste kans

Met het leven na de pandemie in zicht, staat de EU op een tweesprong. Haar vermogen om op te treden tegen de dreigingen die het dagelijkse leven van haar burgers beïnvloeden, is sterk in twijfel getrokken door de trage en chaotische start van de uitrol van het vaccinatiebeleid. Toch is er een uitweg uit de crisis – mits de leiders bereid zijn die te nemen. Europeanen zijn voorstander van meer samenwerking en zien nog steeds de waarde in van het EU-lidmaatschap van hun land. Hun gevoel van gedeelde kwetsbaarheid na covid zal echter niet voldoende zijn om het Europese project vooruit te helpen.

De EU moet nu laten zien dat zij in staat is op te treden in het geval van een catastrofe. Uit de dataset van ECFR blijkt dat maatregelen om een diepere economische recessie af te wenden en de klimaatverandering aan te pakken, twee belangrijke gebieden zijn waarop de Europeanen meer van de EU verwachten. Maar het afnemende vertrouwen in haar instellingen en leiderschap wijst erop dat hierna geen tweede kans meer zal komen.

Dit stuk is vertaald uit het Engels.

Susi Dennison: senior beleidsmedewerker en directeur van het programma ‘Europese macht’ bij de Europese Raad voor buitenlandse betrekkingen (ECFR). Beeld -
Susi Dennison: senior beleidsmedewerker en directeur van het programma ‘Europese macht’ bij de Europese Raad voor buitenlandse betrekkingen (ECFR).Beeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden