Opinie: ‘Benut de kansen van deze online verkiezingen’

Nu politici niet de straat op kunnen, draait de verkiezingscampagne vooral online. Dat biedt kansen, vindt Sanne Kruikemeier in haar analyse van voordelen en risico’s.

Op straat zijn nog wel posters zichtbaar, maar wegens de coronacrisis vrijwel geen lijsttrekkers of campagneteams. Beeld ANP
Op straat zijn nog wel posters zichtbaar, maar wegens de coronacrisis vrijwel geen lijsttrekkers of campagneteams.Beeld ANP

Nog een krappe maand te gaan tot de verkiezingsdagen en de verkiezingscampagne speelt zich voor het overgrote deel in de media af. Vooral de digitale campagne is van cruciaal belang voor partijen. Ze zullen proberen in de tijdlijn van de kiezer te kruipen en advertenties te plaatsen op dit digitale jachtterrein. 

Politieke partijen zullen inzetten op micro­targeting, advertenties verspreiden via sociale media als Facebook. Deze advertenties zijn afgestemd op de persoonlijke kenmerken van potentiële kiezers, gebaseerd op je interesses, leeftijd of woonplaats. Dat kan doordat we persoonlijke informatie op sociale media achterlaten. Zo campagne voeren verschuift van schieten met hagel, zoals advertenties in kranten, naar gericht mikken.

Microtargeting

Sinds september heeft FvD de meeste online advertenties op Facebook geplaatst. Het CDA heeft er het meest geld aan uitgegeven, op de voet gevolgd door de VVD en FvD. Bijna alle grote politieke partijen, uitgezonderd de PVV, gebruiken online advertenties.

Toch is de digitale campagne, en met name microtargeting, in het populaire debat vaak omgeven door doemdenken. Er wordt gesproken over digitale manipulatie, schending van de privacy van kiezers, verspreiding van desinformatie, het negeren van bepaalde kiezers en een versplintering van het publieke debat.

Dat kan allemaal gebeuren. Donald Trump stuurde bijvoorbeeld advertenties naar Afro-Amerikanen om hen te ontmoedigen te gaan stemmen. Een ander voorbeeld is dat partijen verschillende beloftes doen aan kiezers, die niet met elkaar samengaan. Dan krijg je een vertekend beeld van de prioriteiten van de partij – en denken kiezers dat ze zich met één thema bezighouden.

Brexitcampagne

Ruim tien jaar geleden, na de succesvolle presidentscampagne van Barack Obama in 2008, was er juist veel optimisme over digitale campagnes. Dit zou burgers dichter bij de politiek brengen. Kiezers konden eenvoudiger door sociale media worden gemobiliseerd. De politiek kreeg een stem en een gezicht. Politici werden makkelijker benaderbaar en we kwamen meer te weten over hun politieke ideeën, activiteiten. We kregen een kijkje in hun privéleven.

Inmiddels is dit beeld gekanteld. Na de verkiezing van Trump, zijn strategische Twittergebruik (een direct ongefilterd kanaal), de brexitcampagne, en alarmerende documentaires zien we dat vooral de negatieve kanten van sociale media worden belicht. Terecht, want ik heb het nog niet eens gehad over de verruwing van het debat in de vele reacties, tweets en opmerkingen die worden geplaatst op sociale media. 

Maar door de focus zo sterk te leggen op de negatieve impact van digitale media, sneeuwt de positieve impact onder. Met name de kansen die ze bieden om je zorgen te uiten als burger, in gesprek te gaan met politici, of op een andere manier je actief in te zetten voor de partij.

Bakfiets

Het politieke debat gebeurt online. Politici twitteren erop los, laten hun mening zien over actuele onderwerpen of Facebook, en plaatsen foto’s over hun dagelijks leven, zoals Jesse Klaver (GroenLinks) die met de bakfiets cakejes rondbrengt. Kiezers kunnen vragen stellen op Facebook. En ook WhatsApp wordt ingezet. Je kunt een appje sturen naar de VVD voor een ‘goed’ gesprek, zoals hun website vermeldt. Al die mogelijkheden moeten we als kiezer juist gebruiken, laten we ons er geen zorgen over maken.

Microtargeting kan ook ingezet worden om juist die kiezers te bereiken die normaal gesproken lastiger te bereiken zijn. Het kan leiden tot meer relevante advertenties en berichten, en daardoor tot meer kennis bij kiezers over de onderwerpen die belangrijk zijn in een verkiezingscampagne. Advertenties die getarget zijn kunnen (jonge) kiezers mobiliseren, bijvoorbeeld om te gaan stemmen.

Gedragscode

Onlangs is door het ministerie van Binnenlandse Zaken een gedragscode gepubliceerd. Die moet leiden tot meer transparantie over en duidelijke richtlijnen voor het gebruik van online advertenties. Bijvoorbeeld: partijen moeten misleidende inhoud vermijden en transparant zijn over wat zij betalen voor de advertenties. Een mooi initiatief die ondertekend is door verschillende politieke partijen zoals GroenLinks, PvdA, PvdD, SP, ChristenUnie, D66, CDA, Denk, SGP, 50Plus en VVD, maar ook door platforms als Snap, Facebook, Google en TikTok. 

Hoewel de leidraad vrijwillig is, is dit een stap voorwaarts. Duidelijke richtlijnen zullen hopelijk bijdragen aan een minder negatief beeld van de digitale verkiezingscampagne, zodat de kansen vaker gezien worden en kiezers minder bang zijn dat hun persoonlijke gegevens worden misbruikt.

Sanne Kruikemeier is universitair hoofddocent Politieke Communicatie en Journalistiek aan de Universiteit van Amsterdam. Beeld Sander Nieuwenhuys
Sanne Kruikemeier is universitair hoofddocent Politieke Communicatie en Journalistiek aan de Universiteit van Amsterdam.Beeld Sander Nieuwenhuys
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden