Opinie

Opinie: ‘Behoud van creatief Hamerkwartier heeft straffe hand nodig’

Het Hamerkwartier gaat flink veranderen. Waak voor winstbejag en zet in op het behoud van het creatieve karakter van de buurt, stelt Stichting Makers aan het IJ.

Hoe het nieuwe Hamerkwartier er ook uit komt te zien, het karakter mag niet verloren gaan. Beeld Sigrid van Essel
Hoe het nieuwe Hamerkwartier er ook uit komt te zien, het karakter mag niet verloren gaan.Beeld Sigrid van Essel

Voor de meeste Amsterdammers was het Hamerkwartier tot enkele jaren geleden de non-descripte wijk waar je doorheen moest als je een romantische fietstocht over de Nieuwendammerdijk wilde maken. Het gebied was voor velen terra incognita, meer een verzameling industriële afwerkplekken dan een wijk waar je zou willen wonen en werken. Dat is de laatste jaren snel veranderd. Het Hamerkwartier is inmiddels hip and happening – én staat aan de vooravond van een complete transitie.

Weinig mensen weten dat sinds het vertrek van de scheepvaartindustrie, dus al enkele decennia, honderden kleine creatief-ambachtelijke ondernemers en bedrijfjes zijn gevestigd in het Hamerkwartier. Door de betaalbare huren (immers, heel ver weg van Amsterdam) is het gebied altijd in trek geweest bij minder kapitaalkrachtige ondernemers en was er ruimte voor beginners, experimenten en innovatie. Dat heeft geleid tot een bijzondere maakcultuur met een grote diversiteit die het karakter en de leefbaarheid van de wijk in hoge mate bepaalt. Er wordt getimmerd, geschilderd, geciseleerd, gebakken, gemusiceerd, gemediteerd, gesmeed, gesmolten en geskatet. Er worden kunstroutes georganiseerd, cursussen gegeven en stagiaires begeleid.

Bedrijvigheid behouden

Dat het hier om een bijzondere cultuur gaat, wordt ook bevestigd door de gemeente en het projectbureau Hamerkwartier. In de Investeringsnota wordt expliciet de ambitie uitgesproken om de ‘kleinschalige bedrijvigheid’ die nu in het Hamerkwartier bestaat, in de ontwikkeling van het nieuwe Hamerkwartier in te passen en wonen en werken op een nieuwe manier te combineren. Daarmee willen ze het historisch gegroeide karakter van de wijk recht doen en de bedrijvigheid behouden voor Amsterdam.

null Beeld Hugo Rompa
Beeld Hugo Rompa

Die ambitie klinkt ons als muziek in de oren. Maar hoe kan de gemeente die ambitie waarmaken als zij weinig tot geen grond in eigen bezit heeft en de buiten- en binnenlandse investeerders likkebaardend aan de oever staan? Dat kan alleen als zij de al genoemde betaalbare huren afdwingt. Betreft het hier dan een verzameling creatievelingen die hun door vrouwe Fortuna gevormde privileges niet graag opgeven? Nee, het betreft een specifiek segment van de ambachtelijke en creatieve cultuur die maar al te vaak door de markt wordt weggedrukt uit onze steden.

Het segment van kleinschalige ondernemers die niet gericht zijn op schaalvergroting en winstmaximalisatie, maar op kwaliteit, originaliteit, vakmanschap, maatschappelijke betekenis. Een vakman (vakvrouw) die oude schilderijlijsten restaureert, met een of twee partners, kan niet doorgroeien naar een atelier met 30 personeelsleden. Een kunstenares die wijkprojecten opzet, is niet bezig met een beursgang. Een muzikant kan maar één solo of riff tegelijk oefenen.

Sporen verdiend

Het betreft dus niet, zoals liefhebbers van het ‘marktconforme’ graag denken, een ‘linkse hobby’. Deze (kleine) ondernemers zijn goed in hun vak, hebben hun sporen verdiend en werken vaak samen met gerenommeerde instituten. Desondanks kunnen zij geen hoge huren betalen. Daarom denken wij dat de gemeente en het projectteam Hamerkwartier ook maatschappelijk en wijkgerichte projectontwikkelaars moeten betrekken bij de inrichting van het nieuwe Hamerkwartier, ontwikkelaars die oog hebben voor de belangen van de bewoners, ondernemers en gebruikers, voor de wijk zelf.

Wij zien een wijk voor ons waarin bewoners en bezoekers betrokken en geïnspireerd zijn door de kleine ambachtelijke ondernemers. Met wijk- en schoolprojecten, open dagen, exposities en workshops die bijdragen aan de leefbaarheid en aantrekkingskracht van de wijk. Een gebied dat – waarom niet? – in de reisgidsen komt. Dat kan alleen gerealiseerd worden met straffe hand van de gemeente en samenwerking met ontwikkelaars die rendement aan maatschappelijk belang durven te koppelen.

Sigrid van Essel, Jérôme Gommers, Monique Rietbroek, Silvia Russel en Jay Tang, bestuursleden Stichting Makers aan het IJ.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden