Plus Art Rooijakkers

Open wereldburgers worden, daar is meer voor nodig

De tweeling Puk en Keesje, geboren in 2017, zijn kinderen van de 21ste eeuw. Wat houdt dat in en hoe ziet hun leven straks eruit? Vader Art Rooijakkers gaat op onderzoek uit. Vandaag: hoe te leven in een diverse stad?

Art Rooijakkers en zijn twee dochtertjes. Beeld Artur Krynicki

Toen mijn vader vijftig jaar geleden in zijn Brabantse dorp mijn moeder leerde kennen, kon dat aanvankelijk op weinig enthousiasme rekenen bij zijn familie. Zijn toekomstige vrouw kwam namelijk ‘van over de brugskes’, een gedeelte van het dorp waar een ander slag mensen zou wonen. Toch zetten ze door, met mijn zusje en mij tot vrolijk gevolg.

Een kwart eeuw later ruilde ik Brabant voor Amsterdam. Meest gestelde vraag in de dagen voor mijn verhuizing: ‘Wa hedde daar toch te zoeken, menneke?’ 

Want Amsterdam, dat was niet alleen over de brugskes, maar boven de rivieren. Daar woonde echt niks fatsoenlijks. Toch zette ik door. Een kwart eeuw later zien mijn dochters in het centrum elke dag een polonaise aan nationaliteiten voorbijtrekken, in alle vormen, maten, kleuren en geuren, vooral die van zoete wafel, Nutella en marihuana. In twee generaties is de wereld van de Rooijakkertjes een stuk groter en diverser geworden.

Worden mijn dochters hierdoor ruimdenkender of misschien juist racistisch? Juliette Schaafsma, hoogleraar Cultures in Interaction aan de Universiteit van Tilburg, vindt de tegenstelling te algemeen: “Niemand wordt als racist geboren. De mens ontwikkelt de behoefte om zijn omgeving overzichtelijk te maken. Daarom zijn we gevoelig voor wij-zij-denken, maar als we goed samenwerken, valt dat weg.”

Dat betekent niet dat we zo ruimdenkend zijn als de gemiddelde hoogopgeleide Paroollezer zichzelf vindt. Socioloog Ismintha Waldring van de Vrije Universiteit: “We zijn vrij complimenteus naar onszelf, maar van de 98 buurten in Amsterdam weerspiegelt minder dan de helft de etnische samenstelling van de stad. Amsterdam is dus vrij gesegregeerd.”

En wie klit er vooral samen in buurten waar iedereen op elkaar lijkt? “Mensen zonder migratieachtergrond. Terwijl zij in de minderheid zijn, met 46 procent. Bij Amsterdammers onder de 15 is dat 1 op de 3. Dat juist zij zich vooral terug­trekken onder soortgenoten, is jammer voor de toekomst van jouw kinderen. Ze zullen moeten leren integreren.”

Ik val even stil.

Dan denk ik aan onze familiegeschiedenis en de spreuk van Martin Luther King die boven mijn bureautje hangt: ‘De boog van het morele universum is lang, maar buigt naar gerechtigheid.’ 

Juliette Schaafsma zet me met beide voeten terug op de grond. “De samenleving is altijd in beweging en het is verleidelijk om te denken dat dat in positieve richting is. Maar ik weet niet of dat klopt.” Volgens de hoogleraar blijkt uit onderzoek dat, terwijl Nederland de laatste 25 jaar diverser werd, de gevoelens richting bijvoorbeeld Turkse of Marokkaanse Nederlanders negatiever zijn geworden.

“De vooroordelen zijn toegenomen, terwijl tegelijkertijd het opleidingsniveau is gestegen.” Misschien kwam het idee dat leven in een ­diversere samenleving tot minder racisme leidt me ook wel te goed uit. Gewoon met die tweeling de straat op, de wereld voorbij zien trekken en ze zouden open wereldburgers worden. Daar is meer voor nodig, zeker in een stad waar ze tot een minderheid behoren. En eigenlijk wist ik dat ook wel.

Voor deze rubriek werkt Art Rooijakkers ­samen met studenten (Condor) van de Fontys Hogeschool Journalistiek in Tilburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden