Maarten MollBeeld Sjoukje Bierma

Op zoek naar vakje N11, het middelpunt van Amsterdam

PlusMaarten Moll

Na een lange zoektocht – ik vond wel een verloren gewaande vulpen en dat dingetje waarmee je de cv ­ontlucht – gaf ik het op. Dus kocht ik een nieuwe ­Stadsplattegrond & Fietskaart Amsterdam, natuurlijk van Falk.

Ik wilde op zoek gaan naar het middelpunt van Amsterdam. Gewoon, omdat ik dat wilde weten, opeens. Zoals je opeens zin kunt krijgen in dille (ik noem maar wat).

Amsterdammers zien hun stad graag als het middelpunt van de wereld, zo niet het universum, ik vertel niets nieuws, maar niemand heeft het over het middelpunt van het middelpunt. Alsof het een groot geheim is. Het staat op geen kaart aangegeven. Al kan het ook zo zijn dat het niemand ook maar iets interesseert. Amsterdammers zijn net zo nieuwsgierig als onverschillig.

Ik vouwde de plattegrond van Amsterdam op de keukentafel uit. Zocht het noordelijkste punt van de ringweg A10, de begrenzing van de stad, en zette met potlood een puntje. Zo deed ik het ook met de richtingen oost, zuid en west. Trok lijnen tussen noord en zuid, en oost en west, en op het snijpunt zette ik een vette stip. In vakje N11. Ik had mijn provisorisch gecreëerde ­middelpunt van Amsterdam.

Midden in een huizenblok, constateerde ik. Aan de Amstel, vlak bij Carré.

Op de fiets om eens te gaan kijken welke bewoner zijn of haar huis in waarde zag stijgen bij dit grote nieuws. Makelaars opgelet!

Maar het mooie van deze stad is dat ze je toch steeds verrast. Want het middelpunt van Amsterdam ligt op de kaart dan wel in een huizenblok, de werkelijkheid is altijd anders. In het blok, tussen Amstel 159 en 161, bevindt zich namelijk een tunneltje.

Dat tunneltje is het eerste stuk van de Voormalige Stadstimmertuin. (Anne Frank ging in deze straat, op nummer 1, naar het Joods Lyceum, tot dat in 1943 werd gesloten. Er huist nu een kinderdagverblijf). En mijn vette stip is dus eigenlijk in dat tunneltje gezet, op de grond, tussen de zevende en achtste van de tien bolle spiegels die daar hangen, en iets uit de muur.

Ik knielde en bekeek het middelpunt van Amsterdam. Het bevond zich op een doodnormale klinker, tussen gladgelopen kauwgomplekken. Ik drukte er met een vinger op, maar er gebeurde niets. (Wat had ik dan ­verwacht?)

Goed beschouwd is het een onooglijk plekje, in een donker tunneltje – je fietst er gedachteloos aan voorbij. Niet bepaald een toplocatie voor de toeristische attractie Het Middelpunt van Amsterdam.

Maar hé, niet zo zeiken, want het is wel óns middelpunt.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden