Opinie

‘Ontwikkel naast de Zuidas ook de Noordas’

Het toekomstbeeld van planoloog Zef Hemel voor Amsterdam leidt tot veel reacties. Vergeet Hemel Noord niet? En als je de Zuidas pimpt, zoals Hemel wil, komen er dan niet juist meer toeristen naar de stad?

The Jewel, natuurpark en commerciële ruimte ineen, bij het vliegveld van Singapore. Beeld Shutterstock

‘The Jewel in Singapore is geen voorbeeld voor Amsterdam’

In Theatrum Anatomicum in de Waag heeft hoogleraar Zef Hemel maandagavond zijn visie op de binnenstad van Amsterdam gepresenteerd aan de mensen die hij hiervoor heeft geïnterviewd. Het was geen eindpresentatie, maar een ‘werk-in-wordingpresentatie’ van meer dan anderhalf uur.

Het was een monoloog die niet onderbroken mocht worden, zonder de mogelijkheid om na afloop vragen te stellen. Ruimte voor dialoog was er dus niet, iets wat haaks staat op de focus van zijn presentatie: ‘Een nieuwe agora – toekomstbeeld Amsterdamse binnenstad 2040’.

In de oude Griekse steden was de agora het politieke centrum van de stad. De agora was de plaats van samenkomst voor publieke debatten, rechtszaken, allerlei zakelijke transacties en hij deed dienst als marktplaats.

Voor Hemel is het ook een roep om verbinding, dialoog en cohesie; waarden die verloren dreigen te gaan in Amsterdam. Hieraan liggen grote maatschappelijke, economische en technologische ontwikkelingen ten grondslag. Het herstellen van deze gemeenschappelijke waarden wordt dus een uitdaging van formaat.

Maandagavond heeft Hemel laten horen wat hij de afgelopen maanden heeft opgehaald. Het leidde tot een duizelingwekkende waterval van feiten, wensbeelden, citaten en (eigen) meningen, door elkaar.

Er zaten veel herkenbare elementen in, maar onduidelijk blijft wat zijn opdracht van de burgemeester is, behalve het schetsen van een ‘wervend en tegelijkertijd realistisch toekomstbeeld voor de hele historische binnenstad’. Ook hoe zijn visie wordt ingezet, wat de rol van het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad wordt, blijft ongewis.

Culturele trekpleisters

Wat wel duidelijk is, zoals maandag op de voorpagina van Het Parool stond: ‘Er moeten culturele trekpleisters van internationale allure op de Zuidas komen om het centrum te ontlasten.’ Het zou mooi zijn als toeristen, die gemiddeld drie dagen in Amsterdam verblijven, daarvan twee dagen naar de Zuidas gaan en nog maar één naar de binnenstad. Maandagavond zei Hemel hierover: “Dit is anders dan spreiding, dit is lef.”

Hij gaf ook een aantal voorbeelden van wat hij in gedachten had – The Marina Bay Hotel en The Jewel in Singapore. Want zoals Hemel in zijn blog van 26 augustus schrijft, met The Jewel – natuurpark en commerciële ruimte ineen – bezit Singapore een absolute topattractie die toeristen vasthoudt op het vliegveld, met shows tot diep in de nacht. Waarom zou een toerist dan nog de oude binnenstad bezoeken?”

Het is de vraag of zijn voorstel een oplossing biedt voor de uitdagingen waarvoor Amsterdam nu staat, gezien de verwachte verdubbeling van het internationaal toerisme in het komende decennium. Het is daarnaast onduidelijk wat dit voor de binnenstad betekent.

Iconische voorzieningen die ‘als een magneet werken op toeristen’ maken Amsterdam alleen maar aantrekkelijker voor nog veel meer bezoekers. Is dat wat hij in gedachten heeft?

Bovendien: The Jewel is gerealiseerd om meer toeristen naar Singapore te trekken en vergde een investering van 1,1 miljard euro. The Jewel ligt op de luchthaven van Singapore, 20 kilometer van de binnenstad. Dat is iets anders dan drie haltes met de metro.

Balans ontbreekt

Wat ontbreekt in Hemels visie is het woord ­balans. Het gaat ons inziens om het bewaken of herstellen van de balans tussen inwoners, bezoekers en bedrijven en niet per se om meer, om groei.

Wat wij wel onderschrijven, is zijn pleidooi de binnenstad aantrekkelijker te maken voor alle Amsterdammers, ook voor de centrummijders van nu. Maar hoe hij de balans wil herstellen door in te zetten op groei, is onduidelijk. De planoloog wil aan de ene kant de binnenstad teruggeven aan de Amsterdammers en aan de andere kant Amsterdam aantrekkelijker maken voor toeristen door iconische voorzieningen met een magneetfunctie op de Zuidas te realiseren. Uiteindelijk kunnen we alleen concluderen dat zijn visie wringt. 

Door Stephen Hodes (toerisme-expert) en Carla Hoffschulte (onderzoeker stedelijke otwikkelingen)

‘Ontwikkel de Zuid- en Noordas in samenhang’

Het idee van Zef Hemel is niet de visieloze flauwekul waar architect André van Stigt hem van beticht (Het Hoogste Woord van dinsdag). Hemels scenario om op jaarbasis miljoenen toeristen uit het overvolle centrum weg te leiden naar nieuwe grote attracties kan.

Oké, toeristen komen in eerste instantie voor de grachtengordel, het Paleis op de Dam en Anne Frankhuis. Zoals ze in Parijs komen voor het Louvre, de Nôtre Dame en de Eiffeltoren. Maar de Parijse metro brengt ook miljoenen bezoekers naar de musea van La Villette, Bois de Boulogne of begraafplaats Père Lachaise. Die liggen bij de Boulevard Périphérique die qua lengte vergelijkbaar is met onze Ring.

In Amsterdam zijn grote musea en andere publieks­trekkers op 5 tot 10 minuten afstand van het centrum zeer kansrijk. Zo lukte het ooit prima om het Museumplein uit de grond te stampen. Eind negentiende eeuw was het huidige museumkwartier de achterkant van de stad. Deze industriële no-goarea – feitelijk niet eens geheel Amsterdams grondgebied – werd pardoes bebouwd met cultuurpaleizen. Nadien bewezen het Concertgebouw, het Stedelijk Museum, het Van Gogh Museum en het Rijksmuseum dat het neerzetten van fraaie cultuurpaleizen in een buitengebied van Amsterdam een succesverhaal kan zijn.

Het is de Noord/Zuidlijn die het idee van Hemel logisch en realistisch maakt. Deze ruggengraat van het openbaar vervoer vergroot de ‘toeristische centrumbiotoop’ ten zuiden en ten noorden van de stad met een kilometer of drie. De metro kan, anders dan trams en bussen, elk uur meer dan 20.000 mensen van de binnenstad naar buitenwijkse cultuurpaleizen vervoeren. Vanaf het Centraal Station ben je in minder dan tien minuten op de Zuidas, vele malen sneller dan met tram of bus. We beseffen het nog niet helemaal, maar de metro heeft Amsterdam kleiner gemaakt, en het stadscentrum groter.

Twintigste eeuwse focus

Wat ik in het plan van Hemel zie, is dat we Amsterdam niet gevangen moeten houden in een te klein korset. Zijn betoog bevat echter één ­belang­rijke omissie. Hij ziet de cultuurpaleizen klaarblijkelijk alleen op de Zuidas verrijzen. Deze Zuidfocus is twintigste eeuws. De Noord/Zuidlijn is immers ook een Zuid/Noordlijn. Zowel qua fysieke afstand als qua reistijd liggen de twee metrostations boven het IJ, Noorderpark en Noord, dichterbij het toeristisch centrum dan die van de Zuidas, al is het verschil maar een paar metrominuten.

Belangrijker voordeel van ‘de Noordas’ ten opzichte van de Zuidas is de ontwikkelbaarheid van de twee noordelijke stationsgebieden. Station Noord heeft de winkelruimte die Hemel op de Zuidas zo node mist.

Het realiseren van een aansprekend winkelgebied op de Zuidas is kansloos. Dat vergt jarenlange procedures voor bestemmingsplanwijzigingen en het loopt stuk op enorme weerstand en bezwaarprocedures van winkeliers op het Gelderlandplein.

Op de Zuidas zet je de kantoorbestemming ook niet zomaar om in culturele functies. Daarentegen heeft Noord bij het metrostation al grondreserveringen staan voor museale gebouwen. Het ontwikkelen van de stationsgebieden Noorderpark en Noord kan dus veel sneller en goedkoper.

De gemeente moet de Noord- en Zuidas als een twee-eenheid gaan zien -met behoud van eigen karakter-, en de ontwikkeling in samenhang aanpakken. De Noordas mist de kantoren waarvan de Zuidas er te veel gaat krijgen. Deze twee aan één ‘metrostraat’ liggende gebieden zullen toekomstige topmusea en topbedrijven moeten delen.

Als straks het Stedelijk Museum en het Van Gogh Museum op het Museumplein op hetzelfde moment uit hun jasje groeien, is het goed om de een te verhuizen naar de Zuidas en de ander naar de Noordas. Zeker weten dat Zuidas en Noordas samen het toeristenprobleem van de binnenstad kunnen verlichten.

Bas Kok. Auteur van Oerknal aan het IJ en Metromorfose. Beeld Roi Shiratski
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden