Plus Column

Onmisbare pionnen van het Tropenmuseum-schaakspel

Patrick Meershoek Beeld Maarten Steenvoort

Er verdwijnt nog weleens een stuk van het bord. Gek genoeg nooit een loper of een pion.

De dieven hebben een hardnekkige voorkeur voor de paarden, torens, dame of koning. Altijd in de kleur zwart, vermoedelijk uit decoratieve motieven, zodat we Jan des Bouvrie en zijn volgelingen van het lijstje met belangrijkste verdachten kunnen wegstrepen.

Zo'n diefstal is onverkwikkelijk natuurlijk, maar ook weer geen ramp. Als het weer eens is voorgevallen, springt een van de mantelzorgers van het grote schaakbord in Oost op de fiets om een nieuw exemplaar aan te schaffen.

In de spellenwinkel in de Haarlemmerstraat hebben ze de kunststof schaakstukken op voorraad en er is een potje voor de kosten.

Het grote schaakspel voor de deur van het Tropenmuseum bestaat uit 64 velden en 32 stukken, maar de belangrijkste stukken staan niet op het bord.

Dat zijn die paar vrijwilligers in de buurt, die de zorg voor het spel op zich hebben genomen en daar elke dag wel even mee bezig zijn. Zij zijn de onmisbare pionnen die maken dat er door de schaakliefhebbers elke dag kan worden ­gespeeld.

Dat zorgen gaat met ups en downs. Het schaakbord werd aangelegd in 2010, als onderdeel van een landelijk initiatief met de naam Bewoners aan het Stuur. Dat klinkt alsof de bewoners de sleutels van het stadsdeelkantoor kregen, maar het kwam erop neer dat er wat geld beschikbaar werd gesteld voor sympathieke initiatieven.

Voor het schaakbord kwam 3000 euro op tafel. Daarvan ­werden in Duitsland twee grote ijzeren kisten met een hangslot gekocht, die dienen als zitbank en als opbergplaats voor de schaakstukken. De gemeente legde het schaakbord aan en verder was het aan de bewoners om er iets moois van te maken.

Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, zeker als het om een zaak van lange adem gaat. Enthousiaste vrijwilligers van het eerste uur worden ziek of verhuizen naar een andere ­gemeente. Er zijn veel mensen in deze stad, maar je moet ­iemand zo gek zien te krijgen om dagelijks voor een schaakspel te zorgen.

Gelukkig is er nu weer zo ­iemand gevonden. Een redder met de naam Thijs ­reageerde op een bedelbrief die werd rondgestuurd in het ­Tropeninstituut en zet nu elke dag om half negen de stukken klaar en ruimt ze om half zes weer op. Een schaker is Thijs zelf niet, dus hij moest die eerste ­keren wel op internet opzoeken welke stukken waar horen te staan.

Zijn beloning is het gebruik van het schaakbord. Vanaf zijn werkplek heeft hij goed zicht op wat er gebeurt. Er worden dagelijks partijen gespeeld, soms lang, soms kort, soms onder twee paraplu's in de stromende regen.

Voor toeristen is het schaakbord een gewilde plek voor het maken van foto's. Bij jonge ­stelletjes maakt de jongen vaak een foto van het meisje, dat op het schaakbord tussen de andere stukken de plaats van de ­dame heeft ingenomen.

Reageren? patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.