Opinie

Ollongren: 'Stad neemt stelling tegen cynisme van populisten'

De roots van wethouder Kajsa Ollongren liggen in Sint Petersburg. Maar zij voelt zich Amsterdammer, zo vertelde zij vrijdag in een toespraak waarvan dit een ingekorte versie is.

Portret van tsaar Nicolaas II door Ilja Repin, te zien op de tentoonstelling 1917 Romanovs & Revolutie in de Hermitage Amsterdam Beeld Koen van Weel/ANP
Portret van tsaar Nicolaas II door Ilja Repin, te zien op de tentoonstelling 1917 Romanovs & Revolutie in de Hermitage AmsterdamBeeld Koen van Weel/ANP

De Hermitage aan de Amstel is niet meer weg te denken en heeft zich genesteld in de top van toonaangevende Amsterdamse musea. Het is een plek waar onze geschiedenis wordt verbonden met de geschiedenis van die andere prachtige stad: Sint Petersburg.

Mijn geschiedenis bevat diezelfde parallel. Van Amsterdam naar Sint Petersburg. Daarom vertel ik u graag een deel van mijn familiegeschiedenis, die ­terug gaat naar het Rusland van de negentiende eeuw. Om daarmee iets zeggen over de zoektocht van mensen naar een thuis.

Nieuwe thuis
De zoektocht naar een thuis is van alle tijden. Sommigen verlaten hun thuis noodgedwongen, zoals nu de vluchtelingen oorlogsgebieden in het Midden-Oosten en Afrika. Anderen zoeken avontuur of vernieuwing. Sommigen keren terug, omdat het weer kan, of omdat thuis toch daar blijkt te zijn. Anderen blijven op de nieuwe ­bestemming, dat is het nieuwe thuis.

Laat ik hier opmerken dat ik bevoorrecht ben dat ik mijn thuis hier heb gevonden, hier in ­Amsterdam, de stad van vrijheid en openheid. Maar mijn roots heb ik hier niet. Daarvoor ga ik terug naar Sint Petersburg in de negentiende eeuw.

Het was de hoofdstad van een gigantisch rijk, dat een zesde deel van de landoppervlak van de aarde besloeg. Het groothertogdom Finland maakte deel uit van dat rijk. En daar kwam de familie 'Ållongren in Finland' vandaan. Al generaties lang een officiersgeslacht.

Reageren? Dat kan onder dit artikel of via Facebook (link).

Constantin Ollongren trad in 1867 bij de ­tsaristische garde in dienst. Na zijn vroege dood werd zijn weduwe Alexandra aangesteld als gouvernante van de kleine Nicolaas, later bekend als de laatste tsaar van Rusland.

Bevoorrecht
Alexandra verhuisde daarom naar het ­paleis. En zo kwam het dat de jonge zoon van Constantin en Alexandra - zijn naam was Vladimir - samen met zijn leeftijdsgenootje Nicolaas opgroeide aan het hof in Sint Petersburg. Vladimir Ollongren was mijn overgrootvader.

Ook hij was bevoorrecht. Hij groeide op in de omgeving van de Romanovs, die werd gekenmerkt door rijkdom, status en absolute macht. Maar of hij onbekommerd opgroeide, vraag ik me af. Jongetjes van acht of negen jaar waren het, Vladimir en Nicolaas. Een leeftijd om zorgeloos verstoppertje te spelen met alle broertjes en zusjes in het gigantische Anitsjkovpaleis waar ze woonden. Maar een Romanovtroonopvolger zijn, beperkte ongetwijfeld de vrijheden.

Nicolaas en Vladimir zullen hard hebben moeten studeren. De troonopvolger leerde buitenlandse talen en excelleerde naar verluidt in geschiedenis. Nadien ging hij het leger in. Wat Nicolaas ook meekreeg, erg voorbereid voelde hij zich niet toen hij zijn vader moest opvolgen: "Ik ben niet klaar om tsaar te zijn. Ik wilde er nooit een worden. Ik weet niets van regeren."

Russische revolutie
Zijn vroegere speelkameraad Vladimir kreeg ook een militaire opleiding. Hij werd officier en diende onder de naam Ollongren in het tsaristische leger. Ook Vladimir kreeg een zoon, Alexander. En ook hij ging het leger in. Mijn grootvader Alexander werd op z'n veertiende aangenomen voor de marineopleiding in Sint Petersburg. Sint Petersburg was voor Alexander Ollongren thuis. Maar dat zou niet lang meer duren.

Kajsa Ollongren. Beeld anp
Kajsa Ollongren.Beeld anp

De februarirevolutie van 1917 was het begin van de grote omwenteling in Rusland en maakte een voorlopig einde aan mijn grootvaders ­opleiding. Hierna brak een burgeroorlog uit tussen bolsjewieken en de mensjewieken, waarvan de Russische adel deel uitmaakte. Die oorlog duurde jaren.

En zo begon de zoektocht van mijn grootvader naar zijn nieuwe thuis. Hij was toen zestien jaar. Jaren zou hij rondzwerven. Het voerde hem naar vele plaatsen. Zo was hij aan boord van een schip dat mijnen legde in de Zwarte Zee en gebombardeerd werd door een Duits vliegtuig. Hij reisde per trein van Sint Petersburg naar Vladivostok.

Vuurgevechten
Hij voer naar Nagasaki, Saigon en Hongkong. Hij overleefde vuurgevechten op land, stormen op zee en ook een andere vijand van die tijd: de Spaanse griep. Tot slot zou ook Vladivostok, het laatste 'stronghold' van het tsaristische leger, worden verlaten.

Het schip de Orel (de Arend) voer uit met mijn opa aan boord. Onder bescherming van de Japanse en een Amerikaanse marine verlieten zij de haven voorgoed. Zijn familie had hij al die jaren niet gezien.

Het grootste deel van zijn leven, ook tijdens de oorlog, bracht hij uiteindelijk door in Nederlands-Indië. Daar kreeg hij een Nederlands paspoort. Alexanders laatste thuis werd Kijkduin in Den Haag. Ik was altijd benieuwd hoe hij zich na al die omzwervingen voelde. Rus, Indische -Nederlander, Nederlander, Hagenaar? Werd zijn identiteit bepaald door wat hem overkwam: de Russische revolutie, het kamp in de Tweede Wereldoorlog, of juist door zijn eigen keuzes: voor Nederlands-Indië en Nederland?

Bevochten vrijheid
Als ik voor mijzelf mag spreken: ik ben Nederlander en Europeaan. En Amsterdammer. Want Amsterdam, dat is mijn thuis.

Amsterdam is de stad waar van oudsher niet alleen je eigen vrijheid, maar vooral ook die van anderen wordt bevochten. Amsterdam staat open voor anderen, en voor anders zijn. Voor oorlogsvluchtelingen ongeacht hun religie of nationaliteit, voor studenten en wetenschappers, voor kunstenaars uit de hele wereld. Of ze nu korte of lange omzwervingen achter de rug hebben.

Dit is een stad waar je verleden je niet beperkt. Waar we verschillen omarmen in plaats van ze te bestrijden. Ook als het schuurt. Dat is belangrijk, juist in deze tijd. Zo nemen we als stad stelling tegen het gemakzuchtig cynisme van populisten en xenofoben. Helaas zien we daar iets te veel voorbeelden van de laatste tijd.

Amsterdam heeft een enorme aantrekkingskracht op vele bijzondere mensen. Ik hoop van harte dat ze allemaal - op hun eigen manier - in Amsterdam hun thuis zullen blijven vinden. En dat we met elkaar de vrijheid om dat te kunnen doen, blijven bevechten.

Dit is een ingekorte versie van de toespraak die Kajsa Ollongren vrijdag gaf bij de opening van de tentoonstelling 1917. Romanovs & Revolutie in de Hermitage Amsterdam.

Lees ook: Het einde van 300 jaar tsarenfamilies te zien in de Hermitage [+]

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden