Plus Column

Nu blijk ik een fervent aanhanger te zijn van I amsterdam

Gijs Groenteman Beeld Linda Stulic

Ik vind het vermoeiend dat het nieuws me dwingt een mening te hebben over dingen waaraan ik nog nooit een gedachte vuil had gemaakt. Over I amsterdam bijvoorbeeld - die malle letters die mij altijd volstrekt koud lieten.

Ja, ik herinner me dat ze geïntroduceerd werden en dat we het nog belachelijker vonden dan de vorige leus, 'Amsterdam hééft 't', waarbij de tweede A van Amsterdam een klein, lachend grachtenpandje was.

Enfin, dachten wij, een zoveelste poging om het arme Amsterdam in de vaart der volkeren op te stoten. Aangemoedigd door de eeuwige enthousiasteling Frits Huffnagel, ook al niet honderd procent serieus te nemen. De grap Ik bennekom was ook al gauw gemaakt.

Maar sinds er is besloten om de slogan af te schaffen heb ik ineens van alles bijgeleerd. Bijvoorbeeld dat er vier levensgrote sets van I amsterdam zijn: twee vaste, op Schiphol en het Museumplein, en twee reizende.

Laatst stonden de letters inderdaad pal voor het stadsdeelkantoor in Oost, een plek waar ik niet had vermoed dat er ooit toeristen kwamen. Ze bleken er toch te zijn, want ze waren meteen op I amsterdam geklommen om foto's van elkaar te maken. Het simpele neerzetten van de levensgrote I amsterdam-letters zorgt dus voor onmiddellijke toeristische bedrijvigheid.

I amsterdam blijkt nu een diep principiële lading te hebben. Het afschaffen ervan is symbolisch, de gemeenteraad wil ­ermee duidelijk maken dat het menens is met de strijd tegen het massatoerisme. Ze zijn dus het eerste slachtoffer, hierna volgen de coffeeshops, de Nutellawinkels en de hoeren.

De slogan is in een kwade reuk komen te staan. GroenLinks noemt I amsterdam 'een egocentrisch achtergrondje bij een marketingverhaal'.

Tja, toen ik dat las, begon ik voor het eerst in mijn leven enige emotie, ja, zelfs sympathie te voelen voor I amsterdam. Het zijn toch ook wel lieve lettertjes, het is een belachelijk leusje en nogal makkelijk verzonnen, maar ja, ze horen er inmiddels bij. En wat is er eigenlijk egocentrisch aan I amsterdam?

Dat het Engelse woord 'I' erin zit? 'Ik ben Amsterdam' betekent toch net zoiets als 'Wij zijn allemaal Amsterdam'? Is het niet juist verbroederend, opbeurend, getuigend van al die verschillende culturen die samen één stad maken, ons Amsterdam?!

En wat zou dan géén egocentrische leuze zijn? Amsterdam­isfromus? Stayawayfrom­amsterdam? Wewanttokeep- amsterdamfullwithamsterdampeople? Dat vind ik allemaal tamelijk egocentrisch. Ik geloof dat wij Amsterdammers zelf ook niet te beroerd zijn om met onze rolkoffertjes af te reizen naar Londen, Parijs, Kopenhagen, Barcelona, Rome of Berlijn, dus laten we vooral niet te bezitterig doen over ons eigen stadje.

Tot eergisteren nooit over nagedacht, maar nu blijk ik een fervent aanhanger te zijn van I amsterdam. Ik stel voor dat we in de maanden dat we geen Zwarte Pietendiscussie voeren, elkaar af gaan maken in een I amsterdamdebat.

Gijs Groenteman (1974) is schrijver, presentator en journalist. Wekelijks schrijft hij voor Het Parool een column.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden