Normaal zou ik met mijn vader naar Mesut gaan

Plus Natascha van Weezel

Er ligt een boom op het spoor. Ik ben onderweg van ­Emmen naar Zwolle en moet de trein uit bij het dorp Mariënberg. Het is half elf 's avonds en ik hoop dat ik nog in Amsterdam terechtkom.

We worden opgehaald door bussen die ons naar Ommen zullen brengen. In principe kunnen we onze reis vandaaruit vervolgen. Er ontstaat een jolige sfeer onder de gestrande reizigers. De foute carnavalsmuziek die de chauffeur draait, werkt sfeerverhogend.

Ik denk aan mijn vader. Hij zou nu onmiddellijk in de auto zijn gesprongen om me te komen halen. Een beetje gek als je een volwassen dochter hebt misschien, maar zo was onze band nu eenmaal. Een paar jaar geleden reed ik zijn auto in de prak in Breda. Hij kwam met de Intercity Direct naar me toe om me te helpen met het papierwerk. Nu heb ik geen vader meer, dus het enige wat ik kan doen is wachten.

Uiteindelijk haal ik de laatste trein naar Amsterdam op het nippertje en plof ik hijgend neer in de laatste metro naar huis. Ik heb nog niet gegeten. Het was de ­bedoeling dat ik een broodje zou kopen op Station Zwolle. Daar was geen tijd voor. Ik check op mijn telefoon of er nog restaurants of snackbars open zijn in de buurt. Alles sluit om 1 uur.

Wanneer ik om 1.01 uur voor de McDonald's sta, draait een medewerker het slot plagerig dicht. Over het algemeen eet ik geen junkfood, maar nu zou ik een moord doen voor slappe friet en een bananenmilkshake. Ook de Wok to Walk, de Burgerbar en sjofele tenten met ­namen als Kebab House en Grillroom Moes probeer ik tevergeefs.

Weer denk ik aan mijn vader. Normaal gesproken zouden we nu samen naar Mesut op de Rozengracht zijn gegaan. Dat deden we vaker als verder alles dicht was. Na een editie van Politieke Junkies of na een van de ­vele borrels die we samen afliepen. Ik nam altijd een broodje falafel en hij een extra groot broodje shoarma met scherpe saus. Op enorme televisieschermen keken we naar Turkse voetbalwedstrijden.

Thuis open ik de koelkast. Ik heb alleen ontbijtspullen in huis, dus schep ik perzikyoghurt in een bakje en strooi daar cruesli overheen. Terwijl ik op de zoete ­granen kauw, beeld ik me de geur van falafel en ­sambal in. Mijn herinneringen zijn zo levendig dat ik de pittige smaak bijna proef. Ik stel me voor dat ik niet in mijn ­eigen woonkamer zit, maar aan een groezelig tafeltje bij Mesut. Want op dit moment zou ik nergens liever willen zijn dan daar.

Natascha van Weezel (32) is journalist. Elke dinsdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden