Paul Vugts.Beeld Artur Krynicki

Niemand denkt: natuurlijk, wat een pech. Maar wat als je rechter bent?

PlusPaul Vugts

Wat een geluk dat ik de rechter niet ben, hoe vaak heb ik het niet gedacht. Maandag weer, toen Jos B. met zijn verklaring kwam in zijn proces over het ontvoeren, misbruiken en doden van de 11-jarige Nicky Verstappen, in 1998.

Zijn dna zat op de kleding en het lichaam van het jongetje – vooral op 20 (!) plekken op en in diens onderbroek. Hoe kan dat, als hij níet de dader is?!

De natuurliefhebber had het jongetje dood zien liggen, zei hij, was geschrokken, had Nicky’s kleding wat gefatsoeneerd en was weggefietst. Hij sloeg geen alarm, want met zijn zedenverleden zou niemand geloven dat hij maar een passant was.

Ik denk niet dat veel toehoorders dachten: ah, maar natuurlijk, wat een pech. Maar de rechters zitten met een dossier waarin behalve die sporen vooral enkele getuigenissen en verdachte omstandigheden zijn opgetekend. Ze zouden best eens overtuigd kunnen zijn van B.’s schuld, maar is er ook genoeg hard bewijs?

Hier in Amsterdam speelt ook weer een zaak waarin de verdachte een wonderlijk scenario schetst.

In een pizzeria aan het Hugo de Grootplein schoot een man met opvallende scheuren in zijn broek en schoenen met een felgroene achterkant op een Balkancrimineel. Die overleefde zware verwondingen, maar de restauranteigenaar werd dodelijk getroffen. De bewakingscamera filmde alles.

Een kwartier later werd Cherif A. aangehouden in de door getuigen beschreven vluchtauto, in dezelfde opvallende kleding en schoenen, met het moordwapen met zijn dna erop.

Maar, A. heeft een verhaal.

Twee mannen hadden zijn auto geleend om sigaretten te halen. Daarin lag die kleding. Één van beiden moet die hebben aangetrokken om vermomd als A. te gaan schieten in die pizzeria.

Nadat hij zijn auto had teruggekregen, had A. die opvallende kleding aangetrokken – en werd nietsvermoedend gearresteerd. Hij moet nog worden berecht, na psychisch onderzoek.

Zo hoorde ik in 23 jaar in rechtszalen vele bizarre verhalen aan die exact op de bewijzen pasten en pas werden verteld nadat het dossier compleet was.

Soms bleven die verhalen overeind, omdat justitie er domweg te weinig tegenin kon brengen. De werkelijkheid is bovendien soms onwaarschijnlijker dan het slechtste filmscenario, dat ook.

Andersom maakte ik het overigens ook mee: een verdachte die zichzelf met een fantastisch verhaal ten onrechte schuldig verklaarde.

De doodzieke Raymond Verbaan schetste in de grote Amsterdamse liquidatiezaak Passage hoe hij in 1993 in zijn eentje twee jonge Joegoslaven had geliquideerd bij de Ouderkerkerplas – terwijl de sporen duidelijk uitwezen dat zij tegelijkertijd waren doodgeschoten met verschillende wapens, van verschillende kanten.

Verbaan wilde zijn vrienden van vroeger sparen door hun schuld mee zijn graf in te nemen. Hij stierf na een trieste lijdensweg voordat de rechters hem voor leugenaar hoefden uit te maken.

Zijn vrienden kregen levenslang.

Paul Vugts schrijft elke vrijdag over zijn werk als verslaggever.

Reageren? paul@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden