Plus Column

Net te fris, maar ik zie er goed uit

Pepijn Lanen Beeld Corné van der Stelt

Januari en februari zijn voorbijgebibberd. Het is lente in de stad. De mensen hebben er weer een gezonde zin in.

Het zwarte gat na de kerst is verdwenen in zichzelf en de ene uitnodiging na de andere valt op de spreekwoordelijke mat. Ik zit tussen Massih en Thomas in aan een ­ronde tafel tijdens een diner voor columnisten.

Men maakt zich druk om een online leesdienst. Thomas haalt zijn schouders op. In de muziek zijn we dit station al jaren geleden gepasseerd, weten we samen. Het 5-jaar-Vogue-etentje moet ik overslaan om thuis met mijn zoontje te zijn. De dag daarna eten we met Ed en Nica bij twee restaurants achter elkaar.

Het Opera Forward Festival brengt me naar een voorstelling over een man die langzaam gek wordt, omdat hij wordt bedrogen door zijn hoer van een vrouw.

De zon schijnt en ik trek mijn roze bootschoenen aan, maar daar blijkt het dan toch nog net te vroeg en te fris voor te zijn, maar ik zie er goed uit dus ik deal er mee.

Gelukkig is er ook nog een borrel van de manneneditie van het modeblad, waar ik mijn gezicht kan laten zien en weer wat kan herstellen. Ik ontmoet een vlogster en zie Lee en Kay weer een keer.

De stoep staat zo vol dat de politie verhaal komt halen en de ene na de andere scooter er woedend doorheen moet toeteren. Ik sms Fred dat mensen naar hem vragen. Ik ga met Malvin eten, omdat we eigenlijk koffie zouden drinken, maar dat er niet van gekomen is.

Vroeg in de ochtend hoor ik vogels fluiten. Het is nog steeds lammycoatweer, maar de lucht is strakblauw. Mijn zoontje kan 'love you' zeggen als ik wegga en ik wil nooit meer weggaan.

Ik ga met Coco naar het hotel voor het boekenweekdiner. De directeur van het CPNB heeft het enthousiast over hashtags en we eten mousse van foie gras met briochebroodjes en drinken gewürztraminer. Alma en Hanna vragen me wie volgens mij de bekendste vrouw van Nederland is en ik zeg Beatrix en dat vinden ze schattig.

Vervolgens gaat het over wie dan per generatie en gaan we via Georgina en dan Katja naar Tatjana wat mij betreft. Of Anita misschien. Ik weet het niet meer.

Coco moet aan een stuk door praten met vrouwen over zwanger-zijn. Op het kaartje bij haar bord staat 'Gast van dhr Lanen'. We zitten helemaal achterin. Op precies dezelfde plek helemaal aan de andere kant zitten de schrijver en schrijfster van het Boekenweekgeschenk en boekenweekessay.

Adriaan van Dis komt speechen en Liesbeth List komt Edith Piaf zingen en we zijn er allemaal stil van. Ik geef Adriaan van Dis een hand en hij bezeert zich aan mijn pinkyring, waarna ik hem afdoe, zodat hij hem kan bekijken. We hebben in amper een maand weer genoeg meegemaakt voor een heel seizoen.

'Dag Faber!' roept Adriaan van Dis ons bij vertrek na.

Pepijn Lanen (1982), ook bekend als Faberyayo, is rapper, schrijver en tekstschrijver van onder meer De Jeugd van Tegenwoordig en LeLe. Elke zaterdag schrijft hij een column voor Het Parool. In het archief lees je ze allemaal terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden