Opinie

Net als nu was de ontvangst van vluchtelingen in de jaren '90 soms vijandig

De discussie over de bed-, bad-, en broodregeling deed journaliste Naz Taha denken aan de tijd dat ze zelf net met haar familie in Nederland was aangekomen, schrijft ze vandaag in een opiniestuk in Het Parool. 

Redactie
null Beeld Privécollectie Naz Taha
Beeld Privécollectie Naz Taha

In 1994 kwamen wij als Koerdische vluchtelingen naar Nederland. Het staat me nog heel goed bij dat we in de rij stonden voor beddengoed in het asielzoekerscentrum in Zwolle. Ik was vier jaar oud en begreep niet precies wat er gaande was. Alleen dat we waren verhuisd naar 'Hollanda' - Koerdisch voor Nederland - en dat ik mijn vader miste.

Ik moest veel huilen. Omdat ik niet begreep waarom ik mijn vader en mijn poppen moest achterlaten. Omdat ik aardappelpuree vies vond (maar geen keus had omdat je at wat je kreeg). Omdat ik heimwee had naar mijn geboorteland. Voor mijn moeder moet het ook moeilijk zijn geweest. Zij had ook heimwee, maar daarbovenop een knagend geweten omdat ze mij zo verdrietig zag. Toen we eindelijk een 'echt' plekje hadden bemachtigd in het land van melk en honing, viel het lang niet altijd mee.

We kregen een huis toegewezen in het kleine Brabantse Berghem. Het aantal allochtone gezinnen in het dorp was in die tijd op één hand te tellen. Toch, of misschien wel juist daarom, was men niet gediend van allochtonen. Op de basisschool werden we niet gespaard. 'Turkie, turkie is niet dom. Turkie, turkie luier om,' was een populaire kreet. Dat we niet Turks zijn, deed er blijkbaar niet toe.

Hoelang het heeft geduurd weet ik niet precies meer, maar het staat me bij dat we als nieuwkomers dagelijks door een groep kinderen tot aan huis werden gevolgd. Er werd van alles geroepen en gegooid en we werden geschopt en bespuugd. Omdat we buitenlanders waren.

Bang kind
Ik hield mijn broers hand altijd stevig vast. Ik was een bang kind. Hij voelde zich heel verantwoordelijk voor mij. Als ik alleen naar huis liep, was het nog veel erger. Dan werd ik in struiken geduwd, werd mijn trommel afgepakt en trokken meisjes van mijn eigen leeftijd aan mijn haren. Hoewel mijn moeder alles op alles zette om de treiterijen te stoppen, was dat meestal tevergeefs. De schooldirecteur zei schouderophalend: 'Zo zijn kinderen nu eenmaal.' Er waren leraren die mijn broer en mij vroegen wanneer wij weer teruggingen 'naar ons eigen land' en mijn eigen 'juffrouw' verkondigde in de klas dat ik 'illegaal' was. Ik was acht en ik begreep niet wat ze bedoelde. 'Mama, ben ik illegaal?' Toen mijn moeder de vraag uiteindelijk begreep, zei ze: 'Nee natuurlijk niet. Zeg maar tegen je juffrouw dat we een verblijfsvergunning hebben.'

Mijn broer werd afgewezen bij zijn sollicitaties bij supermarkten. De vestigingsmanager van Jumbo zei letterlijk dat hij geen allochtonen in dienst nam.

Rancuneus
Ik vind het moeilijk te accepteren dat wij toentertijd niet geaccepteerd werden, dus wil ik het niet oprakelen. Helemaal moeilijk vind ik het om mijn moeder naar haar ervaringen te vragen. Bij haar zit het heel diep. De situatie in haar dorp is gelukkig wel sterk verbeterd. Maar omdat het nu zo actueel is, vanwege de discussie over de bed-, bad-, en broodregeling en omdat ik het gevoel heb dat mensen soms geen idee hebben hoe het voor een minderheidsgroep is, vind ik dat onze stemmen gehoord moeten worden.

Ik ben niet rancuneus, en tel beslist mijn zegeningen. Er waren bovendien ook heel veel vriendelijke en fijne mensen. Maar ik wil dat inwoners van het land van melk en honing weten dat ik heb moeten vechten voor een plekje. Dat heel veel andere vluchtelingen hebben moeten vechten voor een plekje. Mensen hebben soms geen idee, maar praten wel altijd mee.

Wilt u reageren op dit artikel? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.

null Beeld
Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden