Opinie

‘Negeren Urgendavonnis is zorgelijk voor de rechtsstaat’

Het nieuwe klimaatakkoord passeert het Urgendavonnis. Uiterst zorgelijk, vinden Laura Burgers en Tim Bleeker. ‘Klimaatverandering treft mensenrechten.’

Ondanks twee aanmaningen van de rechterlijke macht, lijkt de staat zijn rechtsplicht niet na te komen. Beeld Getty Images/iStockphoto

‘Haalbaar en betaalbaar!’ Met klinkend rijm werd vrijdag het Nederlandse klimaatakkoord gelanceerd. Minister Wiebes is ‘trots’ op zijn akkoord. ‘We hebben de tijd en we beginnen met kleine stappen,’ meldde minister Ollongren. Maar kleine stappen zijn niet genoeg om te voldoen aan de rechterlijke bevelen uit de Urgendazaak. Nieuwe klimaatbeloftes komen, oude beloftes gaan, de rechter wordt genegeerd. Dat is zorgwekkend, voor klimaat én rechtsstaat.

Even terug in de tijd: in 2007 wilde het kabinet dat Nederland in 2020 30 procent minder broeikasgassen zou uitstoten dan in 1990. Maar drie jaar later werd deze ambitie voor 2020 naar beneden bijgesteld, naar 20 procent reductie. Stichting Urgenda startte daarop een rechtszaak. In juni 2015 kreeg Urgenda gelijk: het Nederlandse klimaatbeleid was onrechtmatig en Nederland moest in 2020 op zijn minst 25 procent reduceren, zei de rechtbank Den Haag. Dat is nog altijd 5 procent minder dan Nederland eerst zelf voor ogen had.

De Staat tekende hoger beroep aan, om ‘principiële redenen’. Tegelijk werd beloofd het rechterlijk bevel na te leven. Die belofte is minder hoffelijk dan zij lijkt, want de Staat had die verplichting sowieso: het vonnis was namelijk ‘uitvoerbaar bij voorraad’ verklaard. Dat is juridisch jargon en betekent dat het vonnis uitgevoerd moet worden, ook al gaat een hogere rechter er nog naar kijken.

Vlak na het Urgendavonnis werd het akkoord van Parijs getekend en het regende klimaatbeloftes. Zo erkende minister Dijksma dat Nederland het vergeleken met andere landen slecht deed, maar er lagen maatregelen op stapel waardoor we ‘als een komeet op die lijst omhoog schieten’. Minister Kamp was ‘verheugd’ te constateren dat Nederland waarschijnlijk ‘ruim zou voldoen’ aan het Urgendavonnis.

Rechtsplicht

In hoger beroep verloor de Staat opnieuw. Ook het hof verklaarde het bevel van 25 procent reductie in 2020 uitvoerbaar bij voorraad. Een website van de Rijksoverheid meldt dan ook: ‘Het kabinet zal het vonnis uitvoeren.’ Maar hoe het kabinet dit wil gaan doen is een raadsel. In een brief aan de Kamer geeft minister Wiebes namelijk toe dat het klimaatakkoord leidt tot nog niet eens de helft reductie die nodig is om de Urgenda-uitspraken na te leven. ‘We blijven doorzoeken naar maatregelen,’ aldus Wiebes, maar er is wel veel optimisme nodig om daarop te vertrouwen.

Dus: ondanks twee aanmaningen van de rechterlijke macht, lijkt de Nederlandse Staat zijn rechtsplicht niet na te komen. Dat is problematisch, want in een rechtsstaat is de overheid gebonden aan het recht, net als ieder ander. Als u een rechterlijk bevel krijgt en het komt even niet uit, dan neemt de overheid geen genoegen met ‘het doel is om het doel te halen’ en ‘we blijven doorzoeken naar maatregelen’. Het is wrang dat de overheid burgers bestraft voor wederrechtelijk gedrag en zelf ongestoord beleid kan voeren waarvan de rechter heeft geoordeeld dat het in strijd is met mensenrechten.

Hekkensluiter klimaatregelen

Mensenrechten zijn gemaakt om burgers tegen de overheid te beschermen. Dat klimaatverandering mensenrechten treft, is breed geaccepteerd: een oververhit klimaat zal immers (ook in Nederland) de levenskwaliteit verminderen en mensenlevens in gevaar brengen. De politiek krijgt veel ruimte bij het opstellen van klimaatbeleid, maar de rechter ziet erop toe dat de rechten van burgers niet worden gebruuskeerd.

De rechter vraagt niet te veel van de overheid, zeker als je bedenkt dat de bevolen reductie ver onder het Europese gemiddelde ligt. Nederland is nog altijd hekkensluiter klimaatmaatregelen. Omringende landen bewijzen dat een ambitieus klimaatbeleid mogelijk is zonder catastrofale gevolgen voor economie en maatschappij. Engeland heeft bijvoorbeeld nu al 42 procent gereduceerd ten opzichte van 1990. Ter vergelijking, met het klimaatakkoord beoogt Nederland in 2030(!) slechts 49 procent te reduceren.

Alle jaren dat wij nog niet op 25 procent zitten, stoten we een surplus uit aan broeikasgassen, dat we later weer moeten compenseren. Hoe eerder we beginnen, hoe beter dus, oordeelden ook rechtbank én hof. Het is triest dat deze juridische stok achter de deur niet het gewenste effect heeft gesorteerd.

Laura Burgers, PhD milieu-aansprakelijkheid aan de UvA. Beeld -
Tim Bleeker, PhD milieu-aansprakelijkheid, Universiteit Utrecht. Beeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden