Marcel Levi Beeld Artur Krynicki

Nederlandse wetenschappers zijn al enorm blij met 1 miljoen euro

Plus Marcel Levi

In de Champions League van succesvolle landen bij Europese subsidies voor medisch onderzoek doet Nederland het heel goed. Voor elke euro die Nederland naar Brussel overmaakt voor ­research, komt bijna het dubbele terug. In het Europese klassement van medische onderzoekscentra staan de Amsterdamse en Rotterdamse universitaire medische centra steevast bij de eerste tien en vrijwel alle andere UMC’s in de top-25. Een opmerkelijke prestatie, ook omdat Nederland vergeleken met veel andere West-Europese landen weinig in wetenschap investeert.

Er is maar één land dat het ­beter doet: Engeland. In de ­Europese biomedische eredivisie bezetten Engelse universiteiten permanent de eerste vier posities. De Britten publiceren veruit de best geciteerde artikelen en verwerven de meeste onderzoekssubsidies. Engeland scoort hierbij twee keer beter dan de nummers 2 en 3, Duitsland en Frankrijk, samen.

Wat maakt Engeland succesvoller dan Nederland of andere Europese landen? Het komt misschien door de manier waarop studenten worden opgeleid. Zij leggen eerst een zeer brede ­basis en beginnen pas in ­latere jaren aan een meer specialistische studie, zoals rechten of geneeskunde. Engelse studenten studeren ook meer jaren dan Nederlandse ­collega’s en ondanks een leenstelsel dat op zijn minst zo ­hardvochtig is als het huidige Nederlandse systeem, is er ­minder gejaag en gedram over ­studierendement.

Een andere factor is de financiering van de wetenschap. Biomedisch onderzoek is steeds ­afhankelijker van kostbare infrastructuur en meerjarige ­investeringen. Voor research van wereldklasse is bijna onbetaalbare apparatuur nodig of moeten peperdure cohorten van patiënten jarenlang worden gevolgd. Dit kan alleen met grote subsidies voor langlopende programma’s.

In Engeland hebben ze dat goed begrepen en wordt voor een groot onderwerp dikwijls slechts één, maar megagrote, subsidie verleend. Denk aan 350 miljoen pond voor een nationaal dementieprogramma of 250 miljoen pond voor het opzetten van één centrum voor innovatieve gen- en celtherapie. Dat geld gaat alleen naar de aller-allerbeste.

Dat is niet de manier waarop we in Nederland wetenschapsgeld verdelen. Ondanks een voorzichtige trend naar wat grotere subsidies voor samenwerkende wetenschappers, wordt het geld van subsidiegevers in Nederland in kleine brokjes verdeeld. Dit om maar vooral te zorgen dat iedereen, van Groningen tot Maastricht, meedeelt in de wetenschapsfinanciering. Nederlandse wetenschappers zijn al enorm blij met subsidies van 1 miljoen euro terwijl dat nauwelijks zoden aan de dijk zet in de internationale wetenschap.

En zo zit onze polderfilosofie een toppositie in het internationale wetenschapsveld een tikje in de weg. 

Het is uiteindelijk een kwestie van ambitie: willen we die wetenschappelijke Champions League winnen, of blijven we genoegen nemen met provinciale tevredenheid waardoor we permanent blijven steken in de kwartfinale?

Marcel Levi is ceo van University College London Hospitals. Daarvoor was hij bestuursvoorzitter van het AMC.

Reageren? m.levi@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden