Opinie

‘Narcisten kunnen stemmen winnen, maar geen partij leiden’

De rel bij Forum voor Democratie maakt één ding duidelijk: narcisten kunnen wel veel stemmen winnen, maar geen partij leiden, aldus John Jansen van Galen.  

President Trump showt zijn kenmerkende kapsel op een bijeenkomst van de Conservative Political Action Conference. Beeld SOPA Images/LightRocket via Getty Images

Narcistische politici zijn in deze eeuw succesvol in de politiek: Pim Fortuyn, Geert Wilders en Thierry Baudet hier, Donald Trump in Amerika, Boris Johnson in Engeland. Ze zetten de politiek naar hun hand zonder rekening te houden met bestaande gewoonten en conventies of hun partij. Met grillige, vaak originele invallen en uitlatingen trekken ze de aandacht van een groot publiek en worden populair.

Maar met een partij kunnen ze niet omgaan en dat willen ze ook eigenlijk niet. Door zelf de vuile was van Henk Otten naar buiten te brengen en aan de grote klok te hangen vergroot Thierry Baudet het conflict eigenhandig en schaadt hij zijn partij danig. Vermoedelijk kan hem dat geen zier schelen.

Uiteraard kunnen narcisten niet functioneren in een politieke partij. Wie zichzelf als het middelpunt van de wereld ziet, houdt geen rekening met de gevoelens van anderen, wat nu juist het wezen is van partijdemocratie.

Geert Wilders deed er daarom verstandig aan geen democratische partij te stichten maar de eenmanspartij PVV, alias de vereniging Geert Wilders Vooruit. Pim Fortuyn richtte wel een partij op, maar aan de naam al kon je zien dat hijzelf die partij was. Donald Trump trekt zich geen zier aan van de Republikeinse Partij en Boris Johnson gedijt het best als hij in de Conservatieve Partij buitenspel staat.

Een op de vijf

Ze blinken allemaal uit in stellingen waarmee ze veel aandacht trekken en die als politiek incorrect gelden. Baudet met zijn ‘boreale wereld’, Fortuyn die artikel 1 van de Grondwet wilde afschaffen, Wilders die het ‘minder, minder Marokkanen’ uitlokte, Johnson die boerkadraagsters ‘brievenbussen’ noemt, Trump die tegen vrouwelijke politici met een migratieachtergrond zegt dat ze eerst maar eens de zooi in hun eigen land moeten gaan opknappen.

Ze hebben ook allemaal hun eigenaardige trekjes die ze koesteren en waaraan wij hen kennen, veelal hun haardos betreffend: Fortuyn met zijn kale kop, Wilders met zijn peroxide kapsel, Trump met zijn oranjerode haar, Johnson met zijn blonde haar in de war. Ze zetten zichzelf ermee op de kaart en worden zo ‘een merk’. Baudet met zijn Latijnse citaten, bloot aan de rand van het zwembad, Fortuyn met zijn teckels en de darkroom.

En ze boeken er succes mee. De vraag is niet waarom ze politicus werden. Dat garandeert hun een permanent podium in de media en een menigte volgzame aanhangers. De vraag is waarom wij, althans zovelen van ons, op hen stemmen. Maar liefst een op de vijf Nederlandse stemmen was voor een narcist, hetzij in de gedaante van Baudet, hetzij in die van Wilders. De Amerikanen kozen Trump tot president, bedaagde Conservatieve partijleden wezen Johnson aan als premier.

Waarom? Die vraag stelt ook De Groene in het jongste nummer: ‘Waarom vallen we telkens weer voor politiek narcisten?’ Maar de schrijver, Arthur Eaton, komt er ook niet helemaal uit. ‘De ander is voor de narcist een middel om zijn krakkemikkige zelfbeeld te stutten,’ schrijft hij. Maar de vraag was andersom: welk zelfbeeld stut de narcist bij zijn kiezers?

Brutaliteit

Het simpelst is het succes van de narcisten te verklaren uit een behoefte bij het publiek aan leven in de brouwerij, uit een mengeling van verveeldheid en boosheid over de traditionele gang van zaken in de politiek: kan niet schelen wie er uit de band springt, als er maar iemand uit de band springt.

Maar dat is nogal vluchtig en verklaart niet de populariteit van Fortuyn, die postuum tot op de dag van vandaag voortduurt. Kan het zijn dat zijn aanhangers zich stiekem spiegelen aan zijn brutaliteit, zijn avontuurlijke leven, zijn uitstraling van superioriteit? Dat zouden zij, gevangen in de dagelijks tredmolen, ook wel willen!

Hetzelfde geldt voor Baudet: hij is een kwibus en een aansteller, maar ook een buitenbeentje en een vrijbuiter. Nogal wiedes dat hij zich niets aantrekt van een partij met zijn notulen, amendementen en commissies. Hij is de vrije man, eigen meester, niemands knecht. En ik beken: als punt bij paaltje komt, ben ik ook meer geïnteresseerd in Johnson dan in Theresa May, in Baudet meer dan in Asscher.  

John Jansen van Galen, journalist en publicist. Beeld ANP Kippa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden