Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Na het concert sleepte ik hem mee naar het krakershol

PlusMaarten Moll

Toen Amsterdam nog echt een gedacht paradijs was, en kraken niets bijzonders, liftte ik er met schoolvriend F. naartoe.

De eerste keer alleen naar Amsterdam. We zouden naar een concert in Paradiso. The Comsat Angels. Tip van mijn oudste broer. We konden bij hem slapen, in een kraakpand in de Lijnbaansstraat.

Het was een krot, maar dat kon ons niets schelen. Al keken we raar op van de muren waar het behang vanaf was getrokken, de houten vloer waar je doorheen kon kijken, en de veelkleurige doeken die als gordijnen dienden. In een keukenkastje vonden we een aangevreten brood.

Naast de toiletpot lag een stapel kranten, en er stond een emmer water waarmee je de boel moest doorspoelen. Er was ook geen koelkast. Dat was het vreemdst. Provincialen in de grote stad.

Maar we vonden het geweldig.

We gooiden onze slaapzakken in de hoek van de kamer, en spoedden ons naar wat toen al werd genoemd ‘de hoofdstedelijke poptempel’.

Waar al ras bleek dat F. niet echt voor de muziek was gekomen, maar voor de waar die op eenhoog in bakken was uitgestald. Maroc, Rode Libanon, en weet ik wat al niet meer.

Terwijl F. op een van de trappen lag te blowen, stond ik in de zaal naar de muziek te luisteren. The Comsat Angels, ze bestaan allang niet meer, met Kevin Bacon op bas (niet de acteur Kevin Bacon). Ze speelden veel van mijn favoriete album Fiction.

Na het concert sleepte ik de totaal van de wereld zijnde F. – ik geloof dat hij geen minuut in de zaal is geweest – mee naar het krakershol, alwaar ik hem meteen met zijn hoofd in de toiletpot douwde.

’s Nachts hoorden we overal geluiden – fluisterend: “Ik geloof dat er iemand in de kamer staat” – en gilden we beiden heel hard omdat er muizen over ons heen ­liepen.

Weer iets om op school te vertellen. (We gingen ook naar een peepshow.)

Er is deze week een wet aangenomen die kraken ‘zo goed als onmogelijk maakt’.

Ergens vind ik dat jammer.

Ik wil hier geen nostalgische boom opzetten over de romantiek van kraken, want ik heb het ook anders meegemaakt. Een woning onder die van vrienden die gekraakt was en waar een stel viespeuken (autonomen) met honden (valse herders) alles sloopten wat er maar te slopen was (waarom trek je wasbakken van de muur?) en die die beesten overal lieten schijten. En nooit om tien, elf uur naar bed. En toen er wat van werd gezet lag er de volgende ochtend een drol op de mat, en was er een op de deur uitgesmeerd.

Maar mijn eerste avontuur in Amsterdam is onlos­makelijk met kraken verbonden.

O ja, er zat ook geen slot op de wc-deur.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden