PlusColumn

Monopoly, en niet voor de gezelligheid

Patrick MeershoekBeeld Maarten Steenvoort

Een paar weken geleden was ik voor een verhaal op bezoek bij een sociaaldemocrate van vooroorlogse makelij. Ik complimenteerde bij binnenkomst mijn gastvrouw met haar mooie appartement in de binnenstad, maar toen ik informeerde in welk jaar ze de woning had aangeschaft, keek ze me geschrokken aan.

Kopen? De dame schudde haar hoofd. Fatsoenlijke mensen húren een woning. Zij had haar hele leven bij dezelfde corporatie gehuurd. Toen er kinderen kwamen, kon ze met het gezin naar een ruime woning met veel groen in de buurt.

Toen de kinderen groot waren en haar man was gaan hemelen, kon zij die ruime woning weer inruilen voor een klein huurappartement in het centrum.

Fatsoenlijke mensen huren. Het was een museumstuk van een mening en ik keek er gefascineerd naar. Ik kende de klassieke sociaaldemocratische overtuiging dat bezit mensen niet per se leuker maakt, maar mijn gastvrouw legde er nog een andere opvatting naast: Amsterdam is altijd van iedereen geweest en niet van de mensen met het meeste geld.

Inmiddels spelen we met z'n allen monopoly in de stad, en niet voor de gezelligheid.

Een sterk staaltje van de gekte op de woningmarkt is de zaak van de mensen die drie jaar geleden een voorlopig koopcontract teken­den voor een woning in Noord en nu knarsetandend moeten toezien hoe hun huizen voor het dubbele opnieuw in de etalage worden gezet.

De rechter zal zich nog buigen over het geschil. Die gaat in de eerste plaats over de geldigheid van dat voorlopig koopcontract, maar natuurlijk ook over wie die meerwaarde van een paar ton in zijn zak mag steken.

Ook dat is een gevolg van de overspannen woningmarkt: aan elke beslissing, groot of klein, zit meteen een prijskaartje vast met een indrukwekkend bedrag.

En minder gaat dat voorlopig zeker niet worden. Het stads­bestuur maakte vorige week nog trots bekend dat in het kielzog van het Europees Medicijn Agentschap een hele schil van internationale farmakantoren aanstalten maakt zich in Amsterdam te vestigen. En daarmee ook weer een forse stroom expats die onder dak moeten worden gebracht.

Ik vermoed dat deze nieuw­komers waarschijnlijk geen genoegen zullen nemen met een containerwoning achter station Amstel, maar in plaats daarvan de blik richten op bijvoorbeeld de duurdere buurten van stadsdeel Zuid.

Het kan zomaar gebeuren dat ook bemiddelde Amsterdammers over tien jaar zuchtend moeten vaststellen dat daar voor hen geen betaal­bare woning meer te vinden is.

Want dat is natuurlijk het grote verschil tussen spel en werkelijkheid. Bij monopoly krijgen alle deelnemers bij aanvang hetzelfde bedrag aan speelgeld. In de echte wereld blijkt er altijd nog een grijnzende Amerikaan, Chinees of Rus aan tafel te zitten met een nog veel grotere stapel papiergeld om te kopen wat zijn hartje begeert.

Bijvoorbeeld een stukje van die mooie stad Amsterdam.

Reageren? patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden