Natascha van Weezel. Beeld Artur Krynicki
Natascha van Weezel.Beeld Artur Krynicki

Misschien is het goed dat ik nu niet meer tegen het kindje hoef te praten

PlusNatascha van Weezel

Natascha van Weezel

Vanaf het moment dat ik wist dat ik zwanger was, begon ik tegen de baby in mijn buik te praten. Natuurlijk besefte ik dat hij of zij niets kon horen, het embryo had nog niet eens oren. Toch voelde het veilig en fijn, alsof ik mijn kindje rustig aan de wereld kon laten wennen.

De ieniemieniebaby heeft net iets langer dan twee maanden in mijn buik gezeten. Na zeven weken stopte het hartje met kloppen. Een paar dagen geleden kreeg ik weeënopwekkers om de miskraam een handje te helpen. Terwijl ik in bed lag bij te komen, zag ik op televisie de oorlog in Oekraïne. Intuïtief streelde ik mijn buik, al was die nu leeg.

NPO 1 toonde een bomaanval op Charkov. Op straat lagen bebloede en dode mensen. Gebouwen stonden in brand of waren zwartgeblakerd. Misschien is het goed dat ik nu niet meer tegen het kindje hoef te praten, dacht ik. Meteen daarna schaamde ik me voor die gedachte. Maar er zat een kern van waarheid in: wat had ik hem of haar nu moeten vertellen?

Dat er een land, niet eens zover hier vandaan, zonder enige aanleiding wordt aangevallen door de buren?

Dat ook in Oekraïne baby’s worden geboren? Niet thuis of in een ziekenhuis, maar in geïmproviseerde kraamklinieken die zijn opgezet in ondergrondse schuilkelders?

Dat andere Oekraïners al dagen zitten ondergedoken in metrostations, soms samen met hun katten? Dat zij elke dag minder te eten hebben, terwijl ze buiten bommen horen vallen?

Dat er al een miljoen Oekraïense vluchtelingen huis en haard hebben verlaten, en dat dit aantal kan oplopen tot vijf miljoen? Dat dit vooral vrouwen en kinderen betreft, aangezien de opa’s en vaders moeten achterblijven om voor hun vaderland te vechten – vaak zonder enige militaire opleiding?

Dat dappere Russen de straat opgaan om te protesteren tegen hun eigen regering? Dat de politie die protesten vervolgens met harde hand de kop indrukt? Dat kritische Russische media bovendien uit de lucht worden gehaald in het kader van de propagandaoorlog?

Dat er al honderden doden zijn gevallen. Inwoners van Oekraïne én Russische soldaten?

Dat Rusland dan wel de aanvallende macht is, maar dat dit ook betekent dat vele Russische moeders hun kinderen verliezen?

Dat een machtige meneer, president Poetin van Rusland, dreigt met het allergevaarlijkste strijdmiddel: kernwapens? En dat als hij die daadwerkelijk inzet een Derde Wereldoorlog niet meer valt af te wenden?

Waarschijnlijk had ik wijselijk mijn mond gehouden. Of wellicht zou ik wel íets hebben gezegd: dat oorlog alleen verliezers kent. Dit is namelijk wat ik ten diepste voel.

Nee, eigenlijk denk ik dat ik enkel kinderliedjes had geneuried. Kinderliedjes om mijn eigen zorgen te maskeren en een vals gevoel van veiligheid te bieden aan die kleine in mijn buik.

Natascha van Weezel (1986) is journalist. Elke maandag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? natascha@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden