Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Mijn vader was een goede onderhandelaar

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Een van de zinnen waarvan ik somber word is: ‘Het kan voorlopig geen vrede worden.’

Poetin en Zelenski willen het niet.

Het is een zin als een veroordeling. Maar ook als een gevangenis. Er zit meer wanhoop dan hoop in. Het enige tochtgaatje is het woord ‘voorlopig.’ Niet nu, maar misschien straks. Maar wanneer is straks?

Er worden lijstjes uitgewisseld waarop staat wanneer men wil onderhandelen. Beide landen hebben eisen die niet zijn in te willigen en neerkomen op het erkennen van verlies.

Aan de andere kant weet je dat er ‘achter de schermen’ gepraat wordt. Maar wat zeg je achter die schermen?

In het oude Indië moest mijn vader, destijds assistent-resident, wel eens onderhandelen met sultans en andere belangrijke hoofden van Lebak. Hij vertelde soms hoe dat ging.

“Je laat eerst iemand aan bijvoorbeeld de sultan vertellen waarover je wil spreken. Bijvoorbeeld, de verhoging van de opbrengst van zijn landbouwgronden omdat die tegenvallen. Dan ga je naar de sultan toe. Je eist niets. Hij weet immers al waarvoor je komt. Je hebt geschenken voor hem bij je. Een mooi Delfts blauw bord of – als het geen moslim is – een fles Bols”

“Je praat over de zonen van de sultan – niet over de vrouwen – en je spreekt vooral goede woorden over zijn ouders en grootouders. Als je die niet kent dan heb je daar goede verhalen over gehoord. Dan kondig je aan dat je vertrekt. Je stelt dan nog geen eisen. Je neemt afscheid en vraagt of het goed is of je binnenkort terug mag komen. Dan wacht je af. De sultan moet ’ja’ zeggen, want hij is beleefd. Het gaat om de wijze waarop ‘ja’ wordt gezegd. Of de boodschap goed is aangekomen, haal je uit de sfeer van het gesprek. Thuis stuur je hem een bedankbrief met nog eens je eis geformuleerd.”

Zo ging dat in 1935. Ik vermoed dat er niet veel in de diplomatie is veranderd. Ik vertelde al eens dat ik ooit de altijd schreeuwende onderhandelaar Richard Holbrooke ontmoette, die voor Bill Clinton destijds in Bosnië aan het onderhandelen was. Wat ik toen niet wist, was dat Holbrooke in de jaren zestig VS-adviseur in Indonesië was geweest. ‘Sommige critici houden hem verantwoordelijkheid voor de moord op 200.000 Timorezen en daaropvolgende mensenrechtenschendingen door Indonesische militairen in de jaren zeventig, onder gezag van Soeharto en met steun van Henry Kissinger, Gerald Ford en Amerikaanse militairen,’ staat op Wikipedia.

Amerika had beter mijn vader kunnen sturen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden