PlusColumn

Mijn god, wat heb ik veel níet meegemaakt in Paradiso

Gijs GroentemanBeeld Linda Stulic

Paradiso bestaat vijftig jaar, ik denk niet dat het u ontgaan is. Ik vond het niet ­onprettig om te worden doodgegooid met herinneringen aan legendarische concerten.

D'Angelo vier jaar geleden - het was magistraal.

Lenny Kravitz die al blowend aanhoorde hoe wij, het publiek, oeverloos het refrein van Let Love Rule zongen - het staat in mijn geheugen gegrift (ik zat in de koninklijke loge, de ronde uitstulping op het eerste balkon).

Ik herinner me een aflevering van Zomergasten met Martin Bril, waarin hij vertelde over het legendarische Paradisoconcert van Nirvana. De kaartjes had hij binnen, maar op de avond zelf: niet zo lekker, moe, geen zin.

Hij heeft deze epische blunder goedgemaakt met de dichtregels 'Je mist meer dan je meemaakt. Helemaal niet erg.'

In dit geval eigenlijk wél heel erg, maar goed, maar je moet toch een draai geven aan dit soort gemiste kansen.

Ik kan erover meepraten. Want mijn god, wat heb ik ook veel níet meegemaakt in Paradiso.

Zo heb ik jarenlang rondgelopen met ongebruikte kaartjes voor het concert van Oasis. Waarom ging ik daar niet heen, in godsnaam? Ik herinner me iets als 'een beetje keelpijn', maar ik lag echt niet met 42 graden koorts in bed. Ik was krankzinnig, kortom, en elke keer als ik langs Paradiso fiets moet ik er even aan denken.

Toen ik in 1987 op het Barlaeus zat, pal tegenover Paradiso, meldde David Bowie zich ineens in de popzaal. Op David Bowie ben ik mijn hele jeugd smoorverliefd geweest.

Hij gaf een persconferentie over zijn nieuwe wereldtournee en ging wat nummers spelen. Het was midden op de dag, ik zat in de eerste, en om een of andere onbegrijpelijke reden ben ik naar mijn lerares Nederlands gegaan om te vragen of ik de les misschien mocht overslaan om Paradiso binnen te dringen, zoals mijn collega-Barlaeanen inmiddels op grote schaal deden, en David Bowie van dichtbij te zien.

"Nee."

Het was haar plicht om dat te zeggen.

Dat ik toen niet ben gaan spijbelen, is een van de grote blunders uit mijn leven.

Prince, mijn andere grote jeugdliefde, heb ik in vele sta­dions en gigantische hallen zien spelen, maar nooit in dat heerlijke Paradiso. Op een of andere manier heb ik niet de handigheid, snelheid of het uithoudingsvermogen gehad om zo'n legendarische aftershow mee te maken. Ik hoorde altijd pas achteraf dat zoiets was geweest.

Paradiso is een stralend oord vol gouden herinneringen, maar tevens een donkere krocht vol gemiste kansen.

Gijs Groenteman (1974) is schrijver, presentator en journalist. Wekelijks schrijft hij voor Het Parool een column.

Herinneringen aan 50 jaar Paradiso

Naar aanleiding van 50 jaar Paradiso verzamelt Het Parool herinneringen aan het poppodium. Wat was jouw meest gedenkwaardige bezoek? Stuur je verhaal, eventueel met foto/video (t/m zondag 1 april), naar nieuwsdienst@parool.nl.

Lees hier de anekdotes en herinneringen van Paroollezers

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden