null Beeld Sjoukje Bierma
Beeld Sjoukje Bierma

Mijn boeken top 5 voor onder de kerstboom

Plus

Heel veel gelezen dit jaar. Vooral Nederlandstalige romans, omdat ik de eer heb in de jury te zitten van de Libris Literatuurprijs 2021.

Om niet op de zaken vooruit te lopen, zal ik daarover zwijgen. (Al houden de oudere, witte mannen niet op prima boeken te schrijven.)

Maar er verscheen genoeg ander goed & mooi werk. Een top 5.

5. Karl Ove Knausgård – Buiten de wereld (De Geus).

Zijn debuut, uit 1998. Ik dacht dat ik het wel gehad had met Knausie na zijn retegoede, zesdelige serie Mijn strijd. Maar hij sleurde me onmiddellijk weer zijn wereld in. Een soort voorloper van Mijn strijd, deze roman over een verboden verliefdheid. Ik voelde weer de sensatie van het lezen van die zes delen. Hij is geen spectaculaire schrijver, maar wel een heel goede. (En ontzettend mooi uitgegeven.)

4. Deborah Levy – Dingen die ik niet wil weten (De Geus).

Eerste uit een driedelige, autobiografische reeks. ‘Hoe leef je als vrouw, moeder en schrijfster in een wereld die door mannen is vormgegeven?’ staat op de achterflap. Zonder die vraag snap je ook wel wat Levy in dit scherpe, geestige – ‘Wat moest ik doen? De wasmachine in de fik steken?’ – relaas laat zien. Ik wilde meteen meer van haar lezen. (Omdat dit zo’n dun boek is, noem ik ook: Tove Ditlevsen – Kindertijd (Das Mag). Verpletterend relaas van een jeugd binnen een onstabiel gezin. Heel mooi.)

3. Anne Vegter – Big data (Querido).

Gedichten over woede & liefde. Over de Zuid-Afrikaanse dichteres Ingrid Jonker, en over een in de steek gelaten vrouw – hij ging er met een twintig jaar jonger ‘exemplaar’ vandoor. Die vrouw ontleedt prachtig en genadeloos en reflecterend en zichzelf niet ontziend haar relatie. Imponerend. Schitterende opsommingen.

2. Joseph Ponthus – Aan de lopende band. Aantekeningen uit de fabriek (De Arbeiderspers).

Lang prozagedicht vermomd als roman. Werkloze schrijver gaat aan de lopende band werken. Niet om een revolutie te beginnen, maar omdat er brood op de plank moet komen. ‘Omdat mijn vrouw er schoon genoeg van heeft om me/ op de bank te zien hangen in afwachting van een baan/ op mijn vakgebied.’ Gelukkig schrijft hij het wel allemaal op. En wat hij denkt onder het werk. Grof & poëtisch. Doordenderend & bedwelmend. Wat een ontdekking!

1. Uwe Johnson – Jahrestage. Een jaar uit het leven van Gesine Cresspahl (Van Oorschot).

Nog steeds niet uit, deze pil van 1600 pagina’s, over de periode van 21 augustus 1967 tot en met 20 augustus 1968 waarin we de 34-jarige Gesine Cresspahl volgen, die met haar dochter vanuit de DDR is neergestreken in New York. Kernvraag: hoe verhoud je je ten opzichte van de wereldgeschiedenis? Ook nog eens een zeer actuele vraag.

Tot zover deze tips voor onder de kerstboom.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden