Theodor Holman Beeld Artur Krynicki

Mijn auto zegt: ‘We zijn maar anderhalf uur van Amsterdam’

Plus Theodor Holman

Voor de barbecue hebben ze speciaal ‘een leuke jongen’ aangetrokken die handig is met vuur en houtskool. Ook is er een kok met een koksmuts op en een Gucci-zonnebril. 

Hij lijkt een halve dag geleden een vijandige patrouille te hebben vermoord en snijdt hun lijken nu in kleine porties om die vervolgens als finale wraak op het roodgloeiende rooster te leggen.

De jongeren – veel zijn het er niet – bedienen de muziek.

“Papa vraagt of het wat zachter kan,” hoor ik de vrouw des huizes zeggen.

Ik word tegen mijn zin aangeklampt door een man die er vijf jaar ouder uitziet dan ik, maar vijf jaar jonger is.

“Ik wil met jou praten over de politiek!” zegt hij.

“Ach, dat is vervelend. Het loket is dicht. Degeen die erachter zat, is op een barbecue!”

Hij doet of hij mij niet hoort en stelt een vraag die geen vraag is, maar een nogal onbenullige mening, die ik beantwoord met: “Zeker het over­wegen waard.”

“Ja, maar wat vind jij ervan?”

“Dat kan ik zo een-twee-drie niet beantwoorden…”

De vrouw des huizes komt naast me staan en neemt me apart. Ze vertelt: “Ik heb een groot geheim.”

“Niet aan mij vertellen, Loes, ik ben journalist, ik kan niks geheimhouden en ben volstrekt onbetrouwbaar.”

“Maar het is speciaal een geheimpje voor jou, juist om over te schrijven, als je wilt. Maar niemand mag het nog weten.”

“Zeg het maar.”

“We gaan een hond nemen.”

“En waarom moet dat geheim blijven?”

“Omdat ik hem cadeau ga doen aan Henk als we veertig jaar getrouwd zijn.”

“Jullie hebben maar een rijk leven, Loes. Ik hou mijn mond.”

Ik neem nog een alcoholvrij biertje en loop langs de rand van het terrein.

Mijn auto wenkt me en zegt: “We zijn maar anderhalf uur van Amsterdam.”

Net als ik van plan ben mezelf weg te gummen, hoor ik: “Theodor!”

Het is de heer des huizes. Mijn glimlach trekt me naar hem toe. Ook hij wil een geheim delen.

“Loes is vandaag jarig. Vandaar deze barbecue. Zou jij willen speechen?”

“Had je dat niet eerder kunnen vragen?”

“Ja… Nee… Ze wilde er geen aandacht… je kent Loes. Ik doe het ook, maar als jij het eerst doet... Iets à la Godfried Bomans, het hoeft niet serieus.”

Mijn auto start uit zichzelf en komt me halen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Lees ook:

- Een politicus beschuldigen van liegen is een cliché geworden

- Een socratisch gesprek over het vrouwenbeleid van de TU Eindhoven

- Weerzinwekkend duurzame pompoenen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden