Plus Column

Met moeite de trap af

Yasmina Aboutaleb (29) rapporteert op dinsdag en donderdag vanuit de stad.

Yasmina Aboutaleb Beeld Agata Nowicka

Bram Volkers loopt met een wandelstok. Die stok heeft hij al tijden, in 1942 liep hij als kind, samen met de rest van zijn kleuterklas, in het Beatrixpark het poliovirus op. De meeste kinderen werden na wat flinke griepverschijnselen beter. Bram niet, hij hield er een mank been aan over.

Maar hij is niet zielig, hij weet bijna niet beter - al heeft hij nog levendige herinneringen aan de tijd voordat hij ziek werd, rondrennend met twee gezonde benen. Volkers heeft voor alle mobiliteitsproblemen een oplossing, met uitzondering van één ding dat, in zijn eigen woorden, werkelijk schandalig is.

We spreken af voor de tuin van het Rijksmuseum, zodat hij het me kan laten zien.

"Deze is het," zegt hij, terwijl hij met zijn stok naar een stenen trap wijst. De trap biedt toegang aan de mu­seumtuin die op zichzelf al zeer de moeite waard is, maar nu, met de tijdelijke tentoonstelling van Penones beroemde boomsculpturen, al helemaal. Maar het gebrek van een leuning aan die trap houdt de gepensioneerde kunsthandelaar en frequente bezoeker van het museum op afstand van al dat moois.

Meestal grijpt hij een toerist vast om toch af te kunnen dalen, want hij spreekt een hoop talen, maar op de tijdstippen dat hij er graag komt, zoals nu, is er vaak niemand en dan staat hij daar maar.

Hij schreef een e-mail aan het Rijksmuseum. Niet zozeer voor zichzelf, maar vooral voor anderen, zegt hij.

Dat was vorig jaar.

Hij kreeg beleefd antwoord en er volgde zelfs een correspondentie waarin Volkers aanbood langs te komen om het probleem te laten zien. De museummedewerker zou ernaar kijken - dan weet je wel hoe laat is: er zijn nog steeds geen trapleuningen. Volkers voelt zich afgepoeierd.

En dat is jammer, zegt hij als we eenmaal samen zijn afgedaald, want Giuseppe Penones werk is een groot genot. Het beeld van de grote stenen die vanuit de hemel op de takken van de boom lijken te zijn neergedaald, ontroert hem. Net als de verschillende stadspoorten, het theehuisje, de pergola en het stenen bankje van de adellijke familie Calkoen, die architect Pierre Cuypers in de negentiende eeuw uit heel Nederland verzamelde.

En dan zijn er ook nog de fontein met de stoelen die precies dezelfde zijn als die in het Parijse Jardin du Luxembourg en de kas met vergeten groenten.

Als we het hele rondje hebben gemaakt, komen we bij precies zo'n stenen trap als net, ook zonder leuning. Leunend op mijn arm en zijn stok bestijgt Volkers soepeltjes de trap. "Zo erg is het allemaal niet, ik zal hier toch wel blijven komen, maar toch leuk dat je een artikel over me schrijft," zegt hij - met de glimlach van een deugniet.

yasmina@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden