Beeld Sjoukje Bierma

Maradona was gelukkig, daar op het veld

PlusMaarten Moll

Maradona is de beste voetballer aller tijden.

Hij, die vandaag zijn zestigste verjaardag viert, is ook de voetballer die me het meeste plezier heeft geschonken. Deze week nog. Ik zag een filmpje waarin hij op het trainingsveld bezig was. In de tijd dat hij voor SSC Napoli speelde.

Diego Maradona training in the mud back in 1986, heet dat filmpje. Het duurt een minuut en twaalf seconden. Ik heb het filmpje meer dan twintig keer teruggekeken.

Een halfuur zon op een verregende woensdagnamiddag.

Het is na de training. Nog effe lekker pielen. Geen afscheid kunnen nemen van de bal.

Het jongetje Maradona.

Nog bijna zuiver. Pluisje. Een jochie dat met zijn bal speelt. Er is niets anders op de wereld dan die bal.

Ook schitterend: dat zanderige, hobbelige veld met plassen regenwater.

Maradona die vanuit alle standen op doel schiet. Die springt en duikt en in de modder ligt te kirren omdat hij de doelman weer heeft verschalkt. En maar lachen.

Die liefde voor de bal.

Zorgeloos. Het ziet er zorgeloos uit. De wereld buiten het veld – waar zijn tragedie grotendeels wordt opgevoerd – lijkt niet te bestaan. Ik stel me voor dat hij, wetend wat hem nog te wachten staat, eeuwig zo door had willen blijven spelen op dat modderige veldje.

Ik zag dat Maradona gelukkig was, daar op dat veld, en ik was het die middag ook.

Jammer genoeg heb ik hem nooit in het echt zien spelen.

Wel heb ik me vaak verbonden met hem gevoeld. Mijn top 3:

3. Ik sprong op tafel toen Burruchaga, na een lepe pass van Maradona, in de WK-finale van 1986 tegen West-Duitsland de winnende scoorde. (Na die solo tegen Engeland kon ik alleen maar naar verdwaasd naar mijn eigen, mislukte voeten kijken.)

2. Ergens in de jaren negentig, diep in de nacht, achter in café De Pels was ik Maradona, die een dichtbundel van Menno Wigman toch zeker vier keer met mijn voet hooghield. Ik kreeg ruzie met een vrouw die vond dat ik de poëzie mishandelde, maar wat was er voor Menno Wigman nu mooier dan zich in dienst te stellen van de beste voetballer die er is geweest? (’s Zomers stinken alle steden staat, een beetje verkreukt, nog steeds in mijn boekenkast.)

1. Marseille, 4 juli 1998. Ik zag hem. In Stade Vélodrome liep ik voor de wedstrijd Nederland-Argentinië op een galerij langs Diego Armando Maradona. Een slip van zijn jas raakte mijn hand. Een minuut of wat later waste ik, na toiletbezoek, zonder na te denken die hand.

Dat had ik nooit moeten doen.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden