Art Rooijakkers en zijn twee dochtertjes Beeld Artur Krynicki

Maken zij de ruimtedroom van hun vader waar?

Plus Art Rooijakkers

De tweeling Puk en Keesje, geboren in 2017, zijn kinderen van de 21ste eeuw. Wat houdt dat in en hoe ziet hun leven straks eruit? Vader Art Rooijakkers gaat op onderzoek uit. Vandaag: zien mijn dochters de aarde ooit van buitenaf?

A ls klein ventje droomde ik ervan ooit de aarde vanuit de ruimte te zien. Het dichtstbij ben ik ooit gekomen tijdens carnaval, verkleed als astronaut­je. Gelukkig heb ik nu mijn tweeling om mijn dromen op te botvieren. Dus hoe zit het met die twee? Gaan zij in hun levensdagen ooit de aarde van buitenaf zien?

Ik zou het ze gunnen, het schijnt een overweldigende ervaring te zijn. Bij terugkomst werpen veel ruimtevaarders zich op als hoeders van hun thuisplaneet. Dat zegt ook Hollandse held ­André Kuipers wanneer ik hem spreek en me slechts met moeite weet in te houden om hem over mijn jeugddroom te vertellen: “Tijdens mijn eerste ruimtevlucht dacht ik: o jee dit is alles? In anderhalf uur vlieg je om de aarde heen; dat gaf me ook een claustrofobisch gevoel. We kunnen nergens heen als het misgaat. En dus moeten we verstandig omgaan met de planeet.”

Nu het deze zomer alweer 50 jaar geleden is dat Neil Armstrong als eerste mens op de maan stond, zijn er volop plannen voor ruimtetoerisme. Zakelijke luchtfietsers als Elon Musk en ­Richard Branson beloven binnen een paar jaar toeristen de ruimte in te kunnen sturen.

“Hoe realistisch dat is?” Joris Melkert van de aculteit luchtvaart- en ruimtevaarttechniek van de TU Delft hoeft er niet lang over na te denken. “Technisch gezien is het geen probleem. De ruimte is verrassend dichtbij, volgens Europese richtlijnen begint die op een hoogte van 100 kilometer.”

En precies naar die hoogte belooft bijvoorbeeld Bransons Virgin Galactic passagiers te brengen. Voor heel even. “Je drukt je neus voor een paar seconden in de ruimte en ziet de kromming van de aarde,” zegt Melkert. Wel even 250.000 euro pinnen. Dat is toch veel geld om die twee mijn droom te zien vervullen, ze moeten godbetert misschien ook nog wel een beugel.

Gelukkig is André Kuipers optimistisch als ­altijd: “Het zal flink goedkoper worden, zoals het ook in de luchtvaart ging.” Dat denkt Melkert ook: “De prijs zakt op termijn nog wel naar 50.000 euro.”

Technisch kan het dus. En als ze flink sparen, kunnen mijn dochters iets beleven waarvan ik in mijn levensdagen alleen kan dromen. Maar is het ook wenselijk? Alsof raketten niet vervuilend zijn. Daar zit Melkert ook mee:“Als we in de zomer met zijn allen in plaats van naar Torremolinos naar het Space Station op vakantie gaan, stoten we ontstellend veel rotzooi uit in de hoogste lagen van de atmosfeer, waar het nooit meer oplost.”

Tja, zo zitten we mooi met een dilemma. Kuipers: “Het voordeel van ruimtetoerisme is dat meer mensen zien hoe klein en kwetsbaar ons ruimteschip aarde is, maar voorlopig beschadigen we de atmosfeer die ons beschermt er nog mee. Dat is een technologische uitdaging.”

Voorlopig neem ik die twee dus maar mee naar het planetarium in Artis. En wie weet, wil hun Brabantse oma voor carnaval nog wel twee astronautenpakjes voor ze maken.

Voor deze rubriek werkt Art Rooijakkers samen met studenten (Condor) van Fontys ­Hogeschool Journalistiek in Tilburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden