Beeld Artur Krynicki

‘Maar in Italië is het maar één meter, Theodor’

PlusTheodor Holman

We horen al de donder van de naderende Tweede Golf. Het aantal infecties verdubbelt. Volgens Jaap van Dissel lopen er momenteel ‘zo’n honderdduizend besmettelijke dragers van het virus’ rond.

Het kan toch bijna niet anders of ik ben een ‘besmette’ tegengekomen. Toen Peter zei dat hij beter was, was hij toen wel echt genezen? Hij zag er uit of ie al een keer was dood gegaan, maar ja: twee keer vroeg ik slinks of hij echt van de dokter op straat mocht. “Ja, hoor. Geen probleem, ugge, ugghe, uuuuughhh!”

Uiteraard hielden we afstand, maar toch… “Uugh, uugh, uuuuggghhhhh!”

Ik zag de aerosolen zich achter uit zijn zakdoek scheuren.

En de ouderen? Daar ging het goed mee, maar net gisteren stortte alles weer in. Tien procent van de nieuwe geïnfecteerden is ouder dan 65.

Verdomme, ik doe zo mijn best, maar ik kan niet de hele tijd achteruit blijven lopen.

Ik haat mezelf dat ik slijmerig iedere uitgestoken hand zomaar aanpak, zonder erbij na te denken, omdat ik nou eenmaal beleefd ben opgevoed.

Wat ik nog meer haat, is dat ik mezelf een enorme lul vind als ik moet zeggen: Zou je alsjeblieft anderhalve meter afstand willen houden? Ik geneer me. Misschien door de vragende vorm waarop ‘nee!’ geantwoord kan worden.

“Maar in Italië is het maar een meter, Theodor.” En dan lach ik dom en stap ik weer naar achteren, en de ander naar voren.

Gedragsverandering krijg je sneller en effectiever voor elkaar als je je onsympathiek gedraagt. Iets ‘vriendelijk’ verzoeken helpt maar een korte tijd. “O ja, nee, natuurlijk, als jij dat wil… Zo goed?”

De ander vindt het eigenlijk vervelend dat hij door jou wordt terechtgewezen. Mijn hond, getraind met snoepjes, gedraagt zich beter dan mijn kennissenkring.

Ik kan toch moeilijk iedereen die zich in mijn buurt aan de regels houdt, een snoepje geven? Het snoepje is dat als je afstand houdt, de dood een hekel aan je krijgt, want die legt graag mensenvlees op de barbecue.

Maar dan sla je de krant open en zie je opeens dat de Nobelprijswinnaars van onze cultuur, ik noem een Famke Louise, een Thomas Berge en een Tim Douwsma, het gedrag vertonen van een gek die met sadistisch plezier op de intensive care alle apparatuur kapot trapt. #Ikdoenietmeermee.

Wat ik met hen wil doen, ga ik straks mijn filosofiestudenten aan de Haagse Hogeschool voorleggen met de vraag of dat mag.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden