Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Maar het is angst die alle namen aan elkaar rijgt

PlusTheodor Holman

Westerbork.

Ik luisterde naar hun namen.

Een dodenlijst als een jammerklacht en een aanklacht.

Een menselijke stem roept ze tot leven – en ze leven dan ook even.

Zolang hun naam duurt.

Zolang hun naam duurt, houdt de tijd zich verborgen.

En je voelt dat zolang hun naam duurt, de dood zich schaamt.

Zolang hun naam duurt zijn ze ergens. Naast je. Maar ook hier. Toen. En nu.

Een dodenlijst als een geheimzinnig wetboek.

Elke naam roept, schreeuwt en krijst om rechtvaardigheid. Het roept, schreeuwt en krijst om de wetten van menselijkheid die ook werden vernietigd.

Luisteren. Dat wordt met elke naam zwaarder.

Wat hoor je?

Je hebt last van sommige namen die in je oor blijven kleven.

Je kent ze niet, maar je ziet ze. En je herkent ze. In vrienden, ­vriendinnen, buren.

Jonge leeftijden willen over je wangen biggelen.

Maar allengs ontmoet je grootvaders, grootmoeders. Ouders.

Er is niets wat tot deppen bereid is. Het bieden van troost is nog niet op zijn plaats. Straks pas.

Een dodenlijst die tot de orde roept.

Je ziet families. In huiskamers. Links een vleugel, rechts een ­boekenkast, een eetkamer met een tafel waaraan kinderen spelen.

Ergens moet een bezorgde krant liggen.

Hij ligt naast de schreeuwende radio.

De krant toont afzichtelijk vette koppen.

De radio kan niet meer zacht aanstaan.

Fluisterende ouders.

Kinderspeelgoed dat niet kan getuigen.

Angst wordt als onbeleefd terzijde geschoven. Maar het is angst die alle namen aan elkaar rijgt.

Een ketting die blinkt van wanhoop.

Een dodenlijst waaraan je niet kunt ontsnappen.

Je hoort namen van klasgenoten wier geschiedenis je later hoorde.

Namen van leraren die hun hoofd naar het schoolbord richtten als ze geen woorden meer hadden. De kromming van hun rug barstte bijna schokkend open maar ze wisten zich in te houden.

De dodenlijst als een gebedsrol. Elke naam lijkt iets af te smeken aan een hogere instantie wegens teleurstelling in de mens.

Verzoeken ze je je cynisme te laten varen? Of bidden ze je ­achterdochtig te zijn?

Een dodenlijst van 102.000 namen.

Dag Mirjam en Leni – ik heb jullie namen gehoord.

Dag Job en Jonathan.

Ik moet nu naar mijn kleinkinderen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden