Opinie

'Maak kunstsubsidies onafhankelijk van lobby's bij de gemeenteraad'

De huidige verdeling van kunstsubsidies in Amsterdam staat bol van opportunisme en vriendjespolitiek. Goed dat D66-wethouder Kajsa Ollongren een eind maakt aan die uitruil waar gelegenheidsargumentatie bij wordt gezocht, schrijven leden van de Kennisgroep Kunst, Cultuur & Media D66 Amsterdam. 

Paul VerstraetenFrits BauschNico Janssen van de Kennisgroep Kunst en Cultuur & Media D66 Amsterdam
Muzikaal protest bij de Stopera, in 2011, door leerlingen van de Muziekschool Amsterdam tegen eerdere plannen om de verdeling van cultuursubsidies te veranderen Beeld Klaas Fopma
Muzikaal protest bij de Stopera, in 2011, door leerlingen van de Muziekschool Amsterdam tegen eerdere plannen om de verdeling van cultuursubsidies te veranderenBeeld Klaas Fopma

Elke vier jaar wordt een langdurige subsidieprocedure voor de cultuursector afgesloten met cadeautjes van de gemeenteraad. Kunstinstellingen die afgewezen zijn of denken tekort te zijn gedaan, worden alsnog gered. Niet dat deze partijen zo geweldig presteren of per ongeluk over het hoofd zijn gezien. Nee, deze instellingen zijn in de procedure afgevallen omdat ze onvoldoende kwaliteit leveren, niet levensvatbaar zijn, of omdat concurrenten simpelweg beter presteren.
Aldus het oordeel van de Amsterdamse Kunstraad op basis van criteria die door diezelfde gemeenteraad zijn vastgesteld.

Instellingen worden gered omdat ze een speciaal lijntje hebben met één van de politieke partijen of raadsleden in de gemeenteraad.

Want alle partijen in de raad hebben hun speciale interessegebieden en personen in de achterban die wat loyale steun verdienen. Wat dit met democratie en transparantie te maken heeft, of zorgvuldige verdeling van subsidies? Helemaal niets. Het is een opportunistische uitruil tussen partijen, waar in de raad nog wat gelegenheidsargumentatie bij wordt gezocht. Ten koste van instellingen die de steun wel verdienen maar niet beschikken over de juiste connecties of geoliede lobby richting politieke vrienden.

De door wethouder Kajsa Ollongren gepresenteerde hervormingsvoorstellen voor de Kunstenplansystematiek leiden tot verdere professionalisering van subsidietoewijzing. Tegelijkertijd maken ze een eind aan deze ongezonde praktijken. Het is geen verrassing dat daar niet onverdeeld enthousiast op wordt gereageerd door de Amsterdamse kunstinstellingen en Amsterdamse Kunstraad (zie Het Parool op 30 maart). Gevestigde belangen zien zulke systeemwijzigingen als bedreiging voor de eigen invloed. Net als tien jaar geleden, toen invoering van de Basisinfrastructuur op rijksniveau een einde maakte aan politieke lobby's van miskende kunstinstellingen in de Tweede Kamer. In 2009 werd het advies om in Amsterdam deze hervorming te volgen niet uitgevoerd: het sneuvelde mede onder druk van de Amsterdamse kunstinstellingen.

Gelijk speelveld
Invoering van een nieuwe systematiek zorgt niet alleen voor een eerlijker verdeling en gelijk speelveld. Het brengt ook het debat over de hoofdlijnen en kaders voor het kunst- en cultuurbeleid terug naar de gemeenteraad. De raad wordt weer verplicht echt te debatteren over het kunst- en cultuurbeleid en hierop een visie te formuleren, zonder getouwtrek om individuele subsidies.

In de nieuwe plannen kent het Amsterdams Fonds voor de Kunst (AFK) de subsidies voor bijna alle instellingen en culturele initiatieven toe. Dat is een belangrijke verbetering, want het AFK heeft ervaring en wordt uitgerust met voldoende slagkracht om het subsidiebeleid voor de omvangrijke Amsterdamse kunstsector effectief en objectief uit te voeren.

Failliet
In zijn huidige vorm en positie is de Amsterdamse Kunstraad daartoe niet in staat. Het ontbreekt aan afstemming en samenwerking met de cultuurambtenaren op het stadhuis, die het accountmanagement doen en de financiën van gesubsidieerde kunstinstellingen controleren. Gevolg: beoordeling van de zakelijke prestaties van de kunstinstellingen is onvoldoende. Meerdere culturele instellingen zijn afgelopen jaren onverwacht failliet gegaan of in grote financiële problemen gekomen, ondanks positieve oordelen van de Amsterdamse Kunstraad en cultuurambtenaren. De miljoenen die zo verloren gingen, hadden beter naar instellingen kunnen gaan die wel goed presteren en beloften waarmaken. Het AFK werkt wel met professionals die gedurende de gehele subsidieperiode aanspreekbaar zijn, instellingen volgen, advies geven en kunnen bijsturen.

De nieuwe voorstellen geven ook meer flexibiliteit, met kortere subsidieperiodes en maatwerk. Nieuwe initiatieven en aanbieders krijgen zo een kans. Eindelijk is er ruimte voor een goede, transparante beroepsprocedure die instellingen niet meer afhankelijk maakt van lobby's en relaties om beslissingen over subsidieafwijzing aan te vechten. Dit betekent meer rechtszekerheid, een gelijker speelveld en eerlijker subsidietoewijzing.Met de voorgenomen hervormingen en bijna 8 miljoen euro extra die dit college aan de sector wil besteden, worden de fundamenten van de kunstsector in Amsterdam stevig versterkt.

Wilt u reageren op dit artikel? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden