Dan Afrifa. Beeld Artur Krynicki
Dan Afrifa.Beeld Artur Krynicki

Logisch, ik ging mijn vrienden toch niet meenemen naar de Bijlmer?

PlusDan Afrifa

Een valse sentimentaliteit dringt zich op sinds ik besef dat ik verhuis van de Bijlmer naar de binnenstad. Het uit zich in een drang om een ode aan de Bijlmer te schrijven, terwijl ik als kind mezelf hier wilde uitschrijven.

Buitenspelen met de buurtkinderen deed ik niet en als ik buiten kwam, was ik meestal onderweg naar mijn basisschool in Diemen. Daarvoor moest ik met de lift vanaf de achtste verdieping naar de auto beneden. De liftcabine rook zo nu en dan naar pis en al die instappende onbekenden deden mij naar angstzweet ruiken. Soms was de lift stuk en stapte ik in de trappenhal over uitwerpselen en soms over slapende mensen.

In de laatste basisschooljaren ging mijn fiets mee de lift in. De eerste minuten van de fietstocht keek ik schichtig om me heen alsof ik mezelf uit een oerwoud gidste. Eenmaal in Diemen kon het fietsen niet lang genoeg duren. Langs die glimlachende Diemenaren waar ik er een van wilde zijn. Langs de eengezinswoningen met de trappen die enkel naar de volgende verdieping binnen de eigen, veilige huizen leidden.

Uiteindelijk stilde de Bijlmer mijn Diemenverlangens. Vlak voordat ik de basisschool verliet, werd onze flat gerenoveerd en met mijn ouders en broertjes streek ik neer in een nieuwbouwwijk een buurtje verderop. Rijtjeshuizen met tuinen en voor het eerst maakte ik buurtvrienden. Langzamerhand vond ik mijn Bijlmer geen jungle meer. Eerder een uit de kluiten gewassen bloemenperk met hier en daar brandnetels.

Desondanks bleven de herinneringen aan de akelige lift en trappenhal. Zo vond ik het op de middelbare school in Oud-Zuid logisch dat er geen schoolvrienden bij me over de vloer kwamen. Ik ging ze toch niet meenemen naar de Bijlmer?

Jaren later zag ik als thuiswonende student hoe andere buitenstaanders wel naar de Bijlmer kwamen: kamerzoekende studenten. Wie lokte ze en wanneer zouden ze spijt krijgen? Waarschijnlijk vond niet iedereen hier woongenot, maar tot mijn verbazing zag ik de nieuwelingen feestjes geven in hun Bijlmerwoningen en bij mooi weer picknicken op het Bijlmergras en soms zelfs joggen in de donkere Bijlmeravonden. Door hun onbevangen blik ging ik de Bijlmer zien als best een fijne plek om te wonen. Is dit dan een vertraagde waardering of nog steeds die valse sentimentaliteit? En schrijf ik nu toch een ode aan de Bijlmer, vlak voordat ik verkas naar een flat (met liften) in de binnenstad?

Van de Bijlmer naar de binnenstad

Schrijver Dan Afrifa (26) is opgegroeid in Zuidoost en verhuist deze zomer naar de binnenstad. De komende weken schrijft hij hierover een column. Lees hier het interview met Afrifa: ‘Het is deels een ode aan de plek die ik al zo lang thuis noem.’

Reageren op deze column? Dat kan per mail.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden