Marcel Levi. Beeld Artur Krynicki
Marcel Levi.Beeld Artur Krynicki

Living apart together is een hardnekkig verschijnsel

PlusMarcel Levi

Als ik ’s ochtends vroeg op mijn werk in Londen arriveerde, werd ik meestal begroet door de nachtportier: “Good morning, it is very, very cold outside.” Haar rollende r verraadde haar herkomst. De Poolse voegde me vaak toe dat die Engelsen niets gewend zijn. “In mijn land is het pas echt koud in de winter.”

Er zijn twee miljoen Oost-Europeanen in Engeland, voor het overgrote deel in Londen. In de extreem internationale stad is 40 procent van de bevolking niet in het Verenigd Koninkrijk geboren. Een kwart komt van buiten Europa. In mijn ziekenhuizen in Londen hadden collega’s meer dan 120 verschillende nationaliteiten en was een derde niet-Brits.

Integratie tussen al die nationaliteiten is er nauwelijks. Elke bevolkingsgroep woont sterk geconcentreerd en verspreid door de stad zijn enorme clusters van specifieke nationaliteiten. Bulgaren en Roemen leven vrijwel allemaal in stadsdeel Haringey, waar ze 15 procent van de bevolking uitmaken.

In Newham vertegenwoordigt 12 procent van de inwoners een gemeenschap van 80.000 Litouwers en in Ealing, in het westen van de stad, is Pools de tweede taal, gesproken door bijna 20 procent van de mensen. De kwart miljoen Turkse immigranten leven vrijwel allemaal in noordelijk stadsdeel Enfield en ook grote groepen Somaliërs, Bengalen, Libanezen en Nigerianen wonen ingedikt. Met eigen scholen, winkels, kerken en sportclubs is er vrijwel geen mengeling van nationaliteiten. London is het prototype van een samenleving met talloze verschillende nationaliteiten die nauwelijks echt samenleven.

Hoewel Amsterdam iets minder internationaal is dan Londen, zie je zelfs in onze veel kleinere stad een opvallend gelijk beeld. Het overgrote deel van de Amsterdammers van Turkse afkomst woont in Nieuw-West, terwijl de Antilliaanse gemeenschap vooral in Zuidoost leeft. De 13.000 Ghanezen wonen vrijwel allemaal in de Bijlmer, met name in de E-buurt. In Rotterdam is daarentegen vrijwel geen Ghanees te bekennen. Wel is die stad met een populatie van meer dan 20.000 een van de grootste Kaapverdische gebieden ter wereld. Drie kwartier verderop in Amsterdam zijn de 300 Kaapverdianen vrijwel de kleinste groep allochtonen.

De geschiedenis heeft meermalen geleerd dat veelzijdigheid en meerkleurigheid leidt tot een verrijking van de samenleving, maar alleen als er voldoende integratie tussen de verschillende groepen ontstaat, met uiteindelijk gelijke kansen en perspectieven. Samen naar school, samen sporten en bij elkaar in de straat wonen helpt daarbij. We hebben dan kennelijk nog wel een flinke weg te gaan.

Als ik ’s avonds voor het laatst naar huis ga in Londen zwaait de Jamaicaanse avondportier me uit. “Pas op,” zegt hij, “het regent een beetje. Maar jullie zijn natuurlijk niks gewend hier, in mijn land kan het pas echt hard regenen.”

Marcel Levi is voorzitter van de raad van bestuur van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Daarvoor was hij ceo van University College London Hospitals en bestuursvoorzitter van het AMC. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? m.levi@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden