Om de wereld

Lekker informeel of nogal shabby?

In de rubriek 'om de wereld in 800 woorden' één kwestie, twee visies: de Amsterdamse blik en een mondiale kijk op de actualiteit. Door Max Pam en Paul Brill. Deze week: decorum - doe maar gewoon.

Minister Ingrid van Engelshoven, Premier Mark Rutte, Minister Stef Blok, Minister Wopke Hoekstra en Minister Kajsa Ollongren in de tuin van het Catshuis voor een informele heisessie van het kabinet. Beeld ANP

Max Pam

In de tuin van het Catshuis is het kabinet onder leiding van premier Rutte bijeengekomen om te brainstormen over onze toekomst. In verschillende kranten en op verschillende sites zag ik foto's van deze gebeurtenis.

Het leek erg op een toneelstukje van bewindslieden die zo informeel mogelijk probeerden over te komen. Zij hadden hun pakken en andere nette kleren thuisgelaten, ongetwijfeld om te laten zien dat zij dicht bij het volk staan. Uiteindelijk zijn ook zij één van ons, is de boodschap.

Ik begrijp dat Mark Rutte graag wil lijken op Ronald Reagan die te paard over zijn ranch in El Paso rijdt, maar mijn God... wat zagen die Hollandse ministers er shabby uit!

De ergste vond ik Ferdinand Grapperhaus (Justitie), die onder zijn overhangende pens een slecht zittende spijkerbroek droeg. Die man oogde als de baas van de mocromaffia, terwijl hij die juist arresteren moet.

Ook heel verschrikkelijk was de verschijning van onderwijsminister ­Ingrid van Engelshoven. Ze had een trainingspak met de drie strepen van Adidas aangedaan, zodat je de indruk kreeg dat zij het liefst zo hard mogelijk van alle problemen wilde weg­hollen. De houten vergadertafel ­versterkte het beeld dat de beraad­slagingen op een camping bij de boer plaats zouden vinden.

Nederland is geen land waar het gouvernement zich wentelt in decorum. Alles is hier gewoon. U weet wel, dan doe je al gek genoeg. Er liggen ­tegenwoordig in supermarkten zelfs producten van het merk G'woon, dat als slogan heeft: 'Nederland houdt van G'woon'.

Als je het hoort, denk je aan een braakmiddel tegen alles wat lekker is. Vanuit het nivellerings­principe bezien lijkt zoiets misschien prachtig, maar gebrek aan decorum werkt uiteindelijk afstompend en is nadelig voor kunst en cultuur.

Ferdinand Grapperhaus (Justitie) Beeld ANP

Gewoon doen heeft in Nederland een lange traditie. In mijn jeugd had je de communist Wim Klinkenberg, die zich ook nog journalist noemde. Hij zei dat de arbeiders 'drempelvrees' hadden en daarom niet naar toneel of opera durfden.

Als de bourgeoismannen en vrouwen hun dassen en galajurken maar thuislieten, zou de arbeider vanzelf een kaartje voor Die Walküre kopen. Inmiddels zijn alle drempels geslecht, maar ­zitten de voetbalstadions nog altijd aanzienlijk voller dan de theaters.

Op den duur werkt zoiets bottom-up. Lang geleden werd ik door de toenmalige koningin Beatrix uitgenodigd in het Paleis op de Dam. We kregen de instructie om 'Majesteit' te zeggen. Toen ik na een lange gang te hebben doorlopen plotseling voor haar stond, zei ze als eerste: "Hallo."

Nou, zeg!
Max Pam

Paul Brill

Wie de onvolprezen tv-­serie The Crown heeft gezien, weet dat Churchill zeer hechtte aan het gebruik om als premier tijdens een audiëntie bij de Queen te blijven staan en bij vertrek de kamer achteruitlopend te verlaten. Toen de jonge Elizabeth hem een stoel aanbood, wees hij dit verontwaardigd van de hand.

We praten over ruim zestig jaar geleden en er zal in Buckingham Palace nu waarschijnlijk wel een stoel klaarstaan voor Theresa May, maar je mag de Britse eerbied voor tradities nooit onderschatten.

Pas vorig jaar schrapte het Lagerhuis het voorschrift dat mannelijke leden een stropdas dienen te dragen in de vergaderzaal. Niet iedereen vond dit een gepast ­besluit.

"Een teken van mentale verslapping," brieste een Conservatieve backbencher. Gelukkig voor hem wordt er niet getornd aan de gewoonte om in het Lagerhuis joelend uiting te geven aan instemming en afkeuring. Dat zou pas echt een slag zijn voor de Britse identiteit.

De Nederlandse VN-ambassadeur Karel van Oosterom manifesteerde zich afgelopen week op Twitter met een foto van een lachende, in spijkerbroek geklede Mark Rutte op de fiets. Bijschrift van de ambassadeur: 'Dit is een van de redenen waarom ik trots ben op Nederland - onze minister-president op weg naar zijn werk.'

Ik geef graag toe: de ongedwongen omgangsvormen in Nederland zijn een aangename verworvenheid. Maar geen kapsones wordt ook wel eens verward met geen decorum en informaliteit blijkt niet zelden de voorbode van slechte smaak.

Illustratief is het verhaal van premier Den Uyl die het presteerde om Mitterrand, toen nog oppositieleider, als lunch een schaal met zuinig belegde broodjes voor te zetten.

Rutte arriveert bij het Catshuis voor een informele heisessie van het kabinet - op de fiets. Beeld ANP

Een ­latere Franse ambassadeur deed openlijk zijn beklag over de 'koude boterhammen' die hij hier voor zijn kiezen kreeg, hetgeen Den Haag nog vele jaren het odium van een verbanningsoord opleverde in Franse diplomatieke kringen.

Onder president Hollande leek het er even op dat Frankrijk zich richting het Nederland van doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg zou bewegen, maar gebrek aan allure werd juist een van de ingrediënten van zijn politieke ondergang.

Een fout die zijn opvolger Macron niet snel zal maken. Overigens deinsde ook Hollande er niet voor terug om maandelijks een kleine 10.000 euro aan kapperskosten te declareren.

Rutte mag dan een discutabele generositeit aan de dag leggen als het gaat om de belastingplicht van multinationale ondernemingen, we hoeven niet te vrezen dat hij ooit voor de verleiding van dergelijke extravagantie zal bezwijken. Churchill zou er trouwens ook van hebben gegruwd.
Paul Brill

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden