Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Kun je de kijkers vertellen wat je hebt meegenomen? ‘Dit is een mondkapje’

PlusTheodor Holman

“Fijn dat je er bent. Kun je de kijkers vertellen wat je hebt meegenomen?”

“Dit is een mondkapje.”

“Een wat?”

“Een mondkapje. Dit deden de mensen voor hun neus en mond om zich te beschermen tegen het corona­virus. Dat was een virus dat toen rondging.”

“Is het iets godsdienstigs? Hoort het bij een ritueel of zo?”

“Ja… Nee, niet echt. Hoewel… Kijk, de mensen geloofden echt dat dit hielp. Zo is het begonnen in 2020.”

“2020, is dat de periode dat het IQ van de mensen enorm afnam?”

“Ja, precies. Dus er waren mensen die werkelijk dachten dat zo’n ding hielp: ik doe het voor mijn mond en neus en ik krijg geen corona. Maar er waren anderen die zeiden: dat is onzin, dat helpt niet echt.”

“Ik begrijp het al, je kreeg strijd.”

“Je kreeg toen de OMT-Red Team­twisten. De OMT’ers waren tegen een mondkapje en de Red Teamers waren voor. Dat werd een enorme strijd.”

“Hoe erg werd die strijd?”

“Om dat te begrijpen moet je weten dat de regering van destijds met de handen in het haar zat. Hoe moesten ze voorkomen dat er te veel mensen gingen sterven en hoe moesten ze tegelijkertijd de economie op orde houden?”

“Dat ging niet?”

“Nee, je hebt misschien wel gehoord van de Ruttekabinetten?”

“Eh, Rutte… Was dat Marcus de Gillende Keukenmeid?”

“Ja, nou die was toen de weg kwijt en zorgde voor grote verwarring en onduidelijkheid. En uiteindelijk werd het een ware godsdienststrijd.”

“En dat allemaal om dit papiertje.”

“Nou, papiertje. Het is een mondkapje. Vandaar dat men ook over de mondkampen spreekt, een door een cabaretier bedachte woordspeling. Een cabaretier was iemand die expres woordspelingen maakte waar niemand echt om moest lachen.”

“O, ja. Waar lachte men toen om?”

“Nou, je had uitdrukkingen als ‘dat is beffen met een mondkapje’. Die was behoorlijk smerig. Beffen betekende toen ‘vies eten’.”

“O, ik dacht…”

“En je had de uitdrukking ‘Mondkappen nâh!’ Dat betekende dat politici niet meer naar de hoeren mochten.”

“Deden ze dat toen veel?”

“Daar hebben we wel veel bewijzen voor gevonden, ja.”

“Je houdt wel van die tijd hè?”

“Geweldige tijd. De historicus Romein Huizinga noemde zijn boek over die tijd Geschift Nederland. En die titel is uitstekend getroffen, want…”

“O, helaas, de tijd zit er op. Maar kom nog eens terug om over deze periode te praten.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden