Opinie

‘Krankjorum: monument wordt kantoor’

Hedy d’Ancona verbaast zich over de manier waarop twee gebouwen van Aldo van Eyck zijn herbestemd. ‘Architectonisch erfgoed wordt verjaagd ten faveure van winstbejag.’

Tripolis, ‘opgegeten door een kantoormuur’. Beeld Maarten Steenvoort

Amsterdam, onze stad, blijft ­aantrekkelijk omdat naast uitbreiding en ontwikkeling ook architectonisch erfgoed aanwezig is. Niet alleen in de binnenstad, de grachtengordel, die het tot Unesco Werelderfgoed bracht, maar ook door de aanwezigheid van jonge monumenten; parels uit de Amsterdamse School van onder andere Michiel de Klerk, de prachtige publieke gebouwen zoals scholen en speelplaatsen van Herman Herzberger of het Moederhuis en het Burgerweeshuis van Aldo van Eyck.

Terecht wordt dergelijk erfgoed eveneens beschermd als het voldoet aan de daartoe omschreven criteria. Dat het huidige Monumentenbeleid zoals beschreven in het Beleidskader monumenten uit 2016 niet alleen conserveert maar er ook een nieuwe bestemming voor zoekt, is begrijpelijk; gebruik kan bijdragen aan het beleven van schoonheid.

Maar niet elke functie past bij elk monument. In De Schoonheid van Amsterdam (2018) staat daarom onder de titel Monumentenbeleid: “De aard en de structuur van het monument kan een nieuw gebruik beperken. Bij wijzigingen draait het steeds om het vinden van een goede balans tussen de wensen van de gebruiker en de mogelijkheden die het monument biedt. Elke ingreep wordt gemotiveerd door een zorgvuldige afweging.”

Onverschilligheid

Zoals vaker, zijn deze tranentrekkende ­voornemens, die zijn onderbouwd door wet- en regelgeving, mijlenver afgedreven als het gaat om de uitvoering. In onze stad komen gebruikers zelden aan het woord; zijn het de investeerders en projectontwikkelaars die bepalen hoe ze de beleidskaders interpreteren en invullen. De ontwikkeling van de Zuidas is hiervan een manifeste uiting.

Twee van onze meest waardevolle jonge ­monumenten, het voormalige Burgerweeshuis aan het IJsbaanpad in Zuid en de gebouwen aan de overzijde die bekend staan als Tripolis, beide van Aldo van Eyck, vielen ten prooi aan die praktijk. Gebouwen, aangekocht – niet om er op zorgvuldige wijze mee om te gaan, er een passende bestemming voor te vinden, maar uitgeleverd aan de onverschilligheid van stadsdeelbestuurders en het winstbejag van investeerders en projectontwikkelaars.

Daarbij wordt niet alleen voorbijgegaan aan de Conventie inzake de bescherming van Europees Cultureel Erfgoed, die door Nederland is ondertekend, maar werd op lokaal niveau een woud van ondoorzichtige regelgeving gecreëerd. Om in te verdwalen als geïnteresseerd burger, zoals ikzelf.

Zo is na lezing van de beschikbare documenten volstrekt onduidelijk wat de volgorde van beslissingen is. Tripolis, in 2019 tot gemeentelijk monument verklaard, werd opgegeten door een kantoormuur, ontworpen door Winy Maas. Deze gerenommeerde architect kreeg de opdracht voor zijn ontwerp van Blackstone, een Engelse investeerder, die samen met Flow, onder de naam Maxima Propco, de grond aan de Zuidas kocht met de bedoeling het complex te verkopen zodra het af is. Dit werd bevestigd door Sjoerd Lycklama, een van de eigenaren.

Gesloten deuren

Hoe en waarom verdwenen gebouwen, die erkend werden als cultureel erfgoed, in een giga-kantoor? In de documentenzee is een positief advies te vinden van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (voorheen de Welstandcommissie) voor de nieuwbouw, die behandeld werd als onderdeel van de aanvraagvergunning voor een gemeentelijk monument.

Dat lijkt een absurde volgorde. Op zoek dus naar de aanvraag voor goedkeuring van dat kantoorgebouw, los van het monument. Welnu, dat gebeurde achter gesloten deuren.

Die krankjorume gang van zaken werd wellicht mogelijk gemaakt omdat de voormalige procedure waarbij toetsing aan een bestemmingsplan plaatsvond, wordt omzeild door introductie van het begrip ‘transformatiegebied’. Daarbij inbegrepen formuleringen als: ‘de welstandscriteria voor transformatiegebieden hebben in principe een tijdelijk karakter en duren zolang de ontwikkeling duurt’.

Ook het Burgerweeshuis, niet alleen al sinds 2013 rijksmonument, maar met een mondiale museumstatus, ligt in een dergelijk transformatiegebied en werd aangekocht door Zadelhoff. Naar de ‘passende bestemming’ voor cultureel erfgoed, gelegen aan de Zuidas, is niet moeilijk te raden. Een kantoor!

Schijnvertoningen

Als dit de normale gang van zaken is ­waarmee niet alleen in Amsterdam maar overal in ons land architectonisch erfgoed wordt ­verkwanseld ten faveure van het winstbejag van particuliere eigenaars, laten we dan ophouden met schijnvertoningen die suggereren dat culturele waarden in de afwegingen worden betrokken. Beleidsnota’s en adviserende commissies aangaande cultureel erfgoed dienen er kennelijk alleen toe om betrokkenheid van burgers te laten verdampen, net zoals het erfgoed zelf.

Hedy d’Ancona, oud-minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (1989-1994), lid van het Europees Parlement en medeoprichter van Opzij. Beeld ANP Kippa

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden