Column

Klaas Vaak schaatst rondjes op mijn kussensloop

James WorthyBeeld Agata Nowicka

Het is te koud in onze slaapkamers. De weg naar dromenland is bevroren. Als ik heel stil ben, kan ik de gordijnrails horen bibberen. Klaas Vaak schaatst rondjes op mijn kussensloop.

"Misschien moeten we maar in de woonkamer slapen," zeg ik, terwijl ik naar de stoppenkast loop om het tweepersoonsluchtbed te pakken.

Ik zeg tegen mijn zoon dat hij zijn pyjama aan moet trekken. Hij wijst naar mijn boxershort en zegt dat ik ook geen pyjama aanheb. Ik zeg dat ik een onzichtbare slaapbroek draag. Hij zegt precies hetzelfde.

Het luchtbed is zichzelf aan het opblazen. Erg romantisch ziet het er niet uit. Ik weet nog de eerste keer dat ik een luchtbed met mijn vader opblies. Het duurde uren, maar dat is precies wat romantiek is. Het kost tijd. En uiteindelijk vielen mijn vader en ik in slaap op het bed dat met onze adem gevuld was.

"Kom je in mijn tent?" vraagt mijn zoon, die met zijn rechterarm een dekentje omhooghoudt. Ik kruip in zijn tent. Ik wil hier nooit meer weg.

Mijn zoon hangt een verhaal op over dat hij een koning is en dat ik hem ergens mee moet helpen en dat ik, als ik hem besluit te helpen, vier euro van hem krijg. Ik sla een spijker in mijn ziel en hang zijn verhaal eraan op.

Mijn vrouw vraagt of ik de kachel wat hoger kan zetten. Ik pak mijn telefoon en zet de kachel op 24.

Terwijl ik op het plusje druk, voel ik me schuldig. Mijn vingers hebben de kachel al zeker een jaar niet aangeraakt. ­Alles gaat tegenwoordig via de kachel-app. Erg romantisch is het allemaal niet.

Wat ben ik voor een barbaar? Ook kachels hebben soms warmte nodig.

Dan zegt mijn zoon dat er een wolf voor onze tent staat. Dat hij zijn pootstappen zojuist hoorde.

Het vaderschap heeft mij veel gebracht, maar het feit dat ik sinds ik een zoon heb een paar centimeters langs de realiteit mag kijken, is alles wat ik ooit nodig heb ­gehad. Geluk woont daar. Ik weet het zeker.

Geluk woont in de schaduw van de realiteit. Daar waar dra­ken­eieren in het gras liggen en bomen kunnen praten. Daar waar een dekentje een tent is en een klapstoel een troon. Daar waar alles wat je nog nooit hebt gedaan, ­alles is wat je ooit hebt willen doen.

Ik zoek op Spotify naar krekelgeluiden en vind Crickets with Ambient Sound and Thunder. Met mijn duim druk ik op play. En meteen zijn we aan het kamperen in onze huiskamer.

Het begint te onweren. ­Gedonder in de wolken. De zoon van God is aan het skelteren door de gang die boven ons ligt. Mijn vrouw pakt onze kaplaarzen uit de gang en zet ze voor de tent. We leven rakelings langs de werkelijkheid. Eventjes, heel eventjes, zijn we op vakantie van het leven.

"Slaap lekker," zegt mijn vrouw.

"Slaap lekker," zegt mijn zoon.

"Ik kou van jullie."

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

james@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden