null Beeld Sjoukje Bierma
Beeld Sjoukje Bierma

Kijk eens omhoog, daar zijn soms de wonderlijkste dingen te vinden

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Ik belandde bij de workshop Quilten op Handgeverfde Stof.

Je bewandelt soms vreemde wegen, en dit was er een. Het begon in de Jordaan.

Indachtig de regels die Ramses Shaffy in zijn lied Sammy zingt, kijk ik vaak omhoog. Omdat hoog op de huizen soms de wonderlijkste en mooiste dingen te vinden zijn. (Ga eens in de tram zitten, en kijk als je over het Rokin rijdt naar al die gevelstenen. Er is een intrigerende witte steen met alleen de zwarte woorden Gebouw Leesmuseum. Over al die schitterende namen die de pakhuizen van Amsterdam dragen een andere keer.)

In de Jordaan stond ik in de Egelantiersstraat naar een oude, gerestaureerde gevelsteen te kijken. Suikerwerkfabriek Petrovitch. Wat voor een verhaal zou daarachter schuilen? Je hoeft natuurlijk niet alles uit te zoeken om er zelf een mooi gefictionaliseerd verhaal van te maken, maar met een paar klikken op mijn telefoon was ik in 1903, toen Ilia Petrovitch zich in Nederland vestigde en in de Egelantiersstraat zijn suikerwerkfabriek begon. Zijn pâtes de fruits en noga waren befaamd. Ook zijn hopjes deden het goed, en soms ging Ilia in de zomer naar Zuid-Frankrijk om er in de leer te gaan bij de beroemde Oostenrijkse banketbakker Anton Rumpelmayer (die in Frankrijk uiteraard Antoine Rumpelmayer werd genoemd).

Met het beeld van de twee mannen die zoetigheden stonden te proeven aan de Franse Rivièra fietste ik verder. En niet veel later kwam ik langs het pand op de Prinsengracht waar ik eindelijk stilstond bij nummer 246 waar iets boven de deur is te lezen, namelijk: Eerste Ned. Hoedenvorm Industrie.

Vaak omhoogkijkend langsgefietst met het idee eens uit te zoeken wat die Hoedenvorm Industrie was.

Weer op de telefoon (die vernietiger van illusies). En toen kwam ik met wat omwegen bij de workshop Quilten op Handgeverfde Stof. Een blog van Marjo Stoeckart. ‘In de Quiltnieuws stond een oproep om een quilt te maken voor een artikel over Deuren’, las ik. ‘Op de Prinsengracht 246 in Amsterdam is nu een dicht getimmerde beneden etage waar vroeger de houtdraaierij was van mijn man’s opa J.J. Stoeckart.’

In die houtdraaierij en houtwarenfabriek maakten ze dus blijkbaar hoedenvormen. Maar er was meer. In de jaren dertig van de vorige eeuw kreeg J.J. Stoeckart opdracht nieuwe vazen voor de Westerkerk te draaien, ter decoratie van de toren. Er verscheen een foto van in de krant, en die printte Marjo weer op de quilt, zodat we een zevental mannen zien die trots op de meer dan mansgrote houten vaas staan opgesteld.

En zo is er, toch ook dankzij Ramses Shaffy, weer een piepklein deel van de geschiedenis van Amsterdam ontsloten.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden